Plaatsvervangende trots is een bron van vreugde

column (tekst & beeld) door Arnold Verplancke

U kent dat wel. In een uitgelezen gezelschap maakt uw partner een zo onhandige opmerking, dat uw tenen krommen en billen samenknijpen. Precies de verkeerde tekst en ook nog de foute toon. Plaatsvervangende schaamte is wat u dan voelt, ook al kijkt u als IJzeren Hein de andere kant op. En ‘s avonds in bed keert de scène meerdere keren terug. Niets meer aan te doen.
Of u luistert naar een spreker die halverwege de tekst kwijt raakt. Hij zelf zou wel door de grond willen zakken. En u met hem. U kunt hem zelfs niet souffleren, want zijn betoog was al zo warrig. Alleen de schaamte deelt u als toehoorder.

Het tegendeel bestaat ook. Plaatsvervangende trots. Bekendste voorbeeld is natuurlijk het Nederlands elftal. Als dat van Duitsland wint, dan hebben WIJ volgens de populaire bladen gewonnen. Maar verliezen ze, dan hebben ZIJ helaas verloren. Ik herinner me op school, tijdens Vaderlandse Geschiedenis, hoe ik smulde van Michiel de Ruyter die altijd won van de Engelsen, als ik me niet vergis. Mijn jongensborst zwol en ik had zoiets van: hoe haal je het in je hoofd tegen ONS te vechten met die lompe boten van jullie. Plaatsvervangende trots dus.

De Franse hoofdstad leek uit te lopen voor ‘onze’ Iris van Herpen

Dat voelde ik ook vorige week tijdens een kort bezoekje aan Parijs. Heel de Franse hoofdstad leek uit te lopen voor ‘onze’ Iris van Herpen (1984). Een modeontwerpster uit Wamel in het Land van Maas en Waal, net ten noorden van onze provinciegrens. In het prestigieuze Musée des Arts Decoratifs zijn maar liefst honderd creaties van haar te bewonderen in zeer sfeervolle ruimtes en met een muzikaal landschap gecomponeerd door haar partner Salvador Breed. De tentoonstelling werd in november geopend door koningin Maxima, die ook werk van haar heeft gedragen, en duurt nog tot eind april. Daarna gaat de expositie op reis langs Brisbane, Singapore en Los Angeles om in 2025 de Kunsthal in Rotterdam aan te doen.

In Parijs laat Van Herpen zien hoe haar werk zich ontplooit in de driehoek tussen mode, kunst en wetenschap. Prachtige creaties met minuscule details alsof ze door de natuur zijn gevormd. En een vindingrijk gebruik van de nieuwste materialen en 3D technologie. Niet dat ik zoveel van mode afweet, maar ik was gelukkig in gezelschap van Ilse Wetzel uit Eindhoven die vroeger voor de kranten in Brabant veel over mode heeft geschreven. Zij kon mij wegwijs maken tussen deze uitzonderlijke ‘jurken’. Voor zover ze te koop zijn, beginnen dergelijke creaties vanaf zesendertigduizend euro.

Ik voelde mij trots toen ik om me heen zag hoe de bezoekers uit alle windstreken bewonderend en met ontzag tussen de ontwerpen liepen. Ilse Wetzel herinnerde zich vergenoegd hoe zij jaren geleden voor het eerst werk van Iris van Herpen zag tijdens de Dutch Design Week in Eindhoven. Ze was een beetje ‘onze’ Iris geworden.

Een korte rondreis die Musico Reizen had georganiseerd

Het bezoekje aan haar tentoonstelling ‘Sculping the Senses’ zat in een korte rondreis die Musico Reizen had georganiseerd voor Vrienden en Donateurs van de Nationale Opera. Een ander onderdeel vormde een concert door het Orchestre de Paris onder leiding van Klaus Mäkelä in de nieuwe Philharmonie (2015), volgepakt met vierentwintighonderd bezoekers onder wie veel jongeren. Het orkest speelde na de pauze ‘Ein Heldenleben’ van Richard Strauss met de dirigent als een jeugdige spring-in-het-veld op de bok.

Het Orchestre de Paris in de nieuwe Philharmonie de Paris. Klaus Mäkelä komt voor de zoveelste keer terug voor het applaus.

Ook daar voelden wij als Nederlandse bezoekers een zweem van plaatsvervangende trots. Mäkelä is welswaar een Finse dirigent die de orkesten in Oslo en Parijs leidt, maar die al wel uitverkoren is om ONS Koninklijk Concertgebouworkest te gaan leiden als chef-dirigent in 2027. Nu heet hij al artistiek partner in Amsterdam en is regelmatig te horen in het Concertgebouw daar. In Parijs moest hij talloze keren terugkomen om het voortdurende applaus in ontvangst te nemen. Maar een toegift met het hele orkest zat er echt niet in.

De eerste avond in Parijs stond de opera ‘Giulio Cesare in Egitto’ van Georg Friedrich Händel op het programma. Niet zomaar in een zaal, nee, in de luisterrijke ‘gouden’ ambiance van Palais Garnier. Met in de grote zaal een plafondschildering van Marc Chagall.

Interieur van het ‘gouden’ Palais Garnier, inclusief plafondschildering van Marc Chagall. Montage van twee foto’s.

In de hoofdrollen schitterden de Franse mezzo Gaëlle Arquez als Caesar en de Amerikaanse sopraan Lisette Oropesa als Cleopatra. De Romeinse veldheer had geen schijn van kans tegenover de slimme en verleidelijke Egyptische. De regie was in handen van de Fransman Laurent Pelly die heel vindingrijk als decor een museumdepot had ontworpen waarin al die Romeinse en Egyptische historische figuren tot leven kwamen. Het deed me denken aan mijn geboortestad Leiden waar immers het Rijksmuseum van Oudheden is gevestigd met beelden en kunstschatten uit het oude Rome en Egypte. En zowaar een vleugje plaatsvervangende trots… Het kan geen kwaad overal een beetje vreugde bij te voelen.

Reacties (2)

  1. Dick schreef:

    Mooi verhaal Arnold!!

  2. Annemie de Waal schreef:

    dag Arnold
    Wat een droomreisje naar Parijs. Eerst al de natuurlijke vormen bewonderen van de creaties van Iris van Herpen uit Wamel. Alsof dat al niet genoeg was aan schoonheid ook nog een opera in het schitterende Palais Garnier. Ein Heldenleben met de jonge dirigent Klaus Mäkelä. Jij moet in hoger sferen zijn geweest en daar ben je thuis ook nog even gebleven, als ik aan je locatie denk. Het lijkt me verrukkelijk om zoiets mee te maken, maar ik zal moeten wachten tot 2025 dan kan ik de creaties van Iris ook bewonderen. Arnold hartelijk dank dat ik even mee mocht genieten van ook nog een schildering van Marc Chagall.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *