Niet te uiten woorden schuilen

door Albert Hagenaars

In oktober 2021 verschijnt van Albert Hagenaars de nieuwe dichtbundel Pelgrimsgrond. Daarin ook uit ‘Snijwerk’, een reeks gedichten die is ontstaan onder invloed van films. Hier alvast een selectie uit die reeks.

Virus
                        Der Tod in Venedig

Een novelle. Een film. Een gedicht.
Daartussen herkenning, kloppende passie
en de noodzaak die drievoudig te weerstaan.

Geen geeft toe wat steeds weer wringt.

De stad schilfert en vlekt van schoonheid.
Op het Lido, in de paviljoens en eetzalen,
kruisen blikken van oude ogen die van jonge.

Geen legt lavendel tussen de nog gladde lakens.

Niet te uiten woorden schuilen
tussen jankende violen, ongehoord lange scènes
met gefilterd licht, beladen beeldspraak.

Geen ontknoopt het nieuwe vest, de pantalon.

Meer en meer lege plekken op het strand,
de dag klam, het licht schel, de tijd haast voorbij.

Fijne vingers, aarzelende lippen, strakste huid.

Zwart drupt uit het zwarte haar, in het zand.

Uitweg
                        Dead Poets Society

De jaren vijftig. Altijd.
De heuvels van Vermont. Overal.
Jongenscolleges, onverbiddelijke regels.

Toch: die ene docent over geheim genootschap,
gedichten in een grot, riten en eerste geloof
in een buitengewoon leven, de eigen rol.

“Geniet van elk moment; overdenk de gevolgen.
Diamant in roeping is harder dan kristal in talent.”

Een koord, capsules, een overlopend bad. Alles.

Woekeren met pijn en spijt zal hij, de vader
die hem verplichtte te helen, levens te redden.

En toegeven dat hij toegaf zal hij, de vriend
die verraad pleegde, meer uit liefde dan uit angst
maar niet meer uit angst dan uit eigenbelang.

Zwijgend staan de klasgenoten op hun schrijfbank,

staan ze op.

Met gespitste oren
                        Das Leben der Anderen

Geduld in overvloed. Geen woord teveel.

Hij beslaat de toegewezen zolder met discipline
en luistert routineus het alledaagse leven,
al hun banaliteiten beneden af,

neemt elk telefoongesprek op, noteert,
luistert zich dan tegen wil en dank langzaam open.

Niet te voorkomen dat de zij bezit van zijn kruis
neemt en de hij van zijn geloof in het ware systeem,
het werk voor het eerst vragen oproept.

Onder hem strelen handen dijen, tikken ze
zinnen die vervoeren, spelen die nooit meer
te vergeten Sonate vom guten Menschen

en hij geeft toe aan wat hen drijft, vervangt uitspraken,
vervalst meer dan rapporten als bescherming

want weet dat dikkere vingers vrouwen dwingen,
op de achterbank van een dienstauto,
zich een weg wringen,

gevaarlijker toetsen indrukken,

blijven stinken naar macht.

Klimaatverandering
                        45 Years

Elkaar geloven te kennen, door en door,
kunnen zien hoe jaar na jaar vertrouwen
bijna onmerkbaar over de eigen ander slibt

en horen hoe een enkel woord niet alleen
meer alles zegt maar ook niets.

Op de verre gletsjer, die tergend snel
naar beneden schuift, smelt de sneeuw

en het ijs daaronder toont steeds helderder
haar zwarte diepte en wat die verzwolg.

Liefhebben, het falend mannenlijf
ten spijt, strelen en likken naar herinnering
aan het gehijg en gekef, het gelieg.

Op de koude zolder wachten foto’s
om in achterdocht te worden gevonden.

Tegen nog altijd witte bergen poseert daar
in volle bloei, volledig van geluk, de vrouw
vóór zijn vrouw, net voor de val.

Zonder geluid viel ze, achterover,
zoals zijzelf nu moet kijken naar wat vrijkomt:

gruis, geschuurde stammen en vlees
dat zacht krakend om hen heen groeit,

als nooit meer ongeboren kind.

Albert Hagenaars (Bergen op Zoom 1955) was aanvankelijk werkzaam als beeldend kunstenaar en galeriehouder. In 1980 koos hij voor de literatuur. Hij studeerde Nederlands en Frans, woonde geruime tijd in Frankrijk en werkte voor verschillende uitgeverijen. Ook was hij geruime tijd redacteur van Brabant Literair. Hij publiceerde meerdere bundels en gedichten in tal van tijdschriften.

© Brabant Cultureel 2021