De pijnlijke adoptiegeschiedenis van ongehuwde moeders in Moederheil

Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw was Moederheil het grootste doorgangshuis voor ongehuwde moeders.  Na de bevalling moesten ze hun kind afstaan voor adoptie, vaak door rijke, katholieke families. Weliswaar werden daar ook veel Bredanaars uit traditionele huwelijken geboren, maar een deel van de geschiedenis is uitermate schimmig. Een boek door Eugénie Smits van Waesberghe en een radiodocumentaire door René Oomen schetsen een ontluisterend beeld.

door René Oomen

Moederheil werd in 1915 in Breda opgericht voor de Sint-Magdalena-stichting en de RK Vereeniging tot Bescherming van Meisjes. Het was een initiatief van enkele gegoede Bredase vrouwen en was toen gevestigd aan de Willemstraat. De instelling werd geleid door de Kleine Zusters van de Heilige Joseph en was gericht op ‘het werkelijke heil der ongehuwde moeders’, het zielenheil wel te verstaan. In de stichtingsakte stond nadrukkelijk: ‘De ongehuwde moeder heeft gezondigd tegen God en tegen de Maatschappij. Liefst zoolang mogelijk voor de bevalling worden de ongehuwde moeders in het huis opgenomen; zoolang mogelijk, omdat de meisjes vooral voor de bevalling het meest geneigd zijn te luisteren naar vermaningen en goeden raad.’ Met name de recente onthullingen over de Magdalende Laundries in Ierland maken duidelijk waartoe zoiets kan leiden.

Kinderslaapzaal met ijzeren ledikanten in kraamkliniek van Moederheil tussen 1930 en 1935 . Collectie Stadsarchief Breda

In 1924 verhuisde Moederheil naar Ginneken. De instelling kreeg toen ook een reguliere kraamkliniek en in 1929 kwam er een opleiding voor kraamvrouwen. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg Moederheil een afdeling voor gehuwde vrouwen waarmee het (deels) een gewone kraamkliniek werd waar menig Bredanaar het levenslicht zag. In de jaren zestig, toen het aantal kloosterroepingen drastisch terugliep, trokken de zusters zich geleidelijk terug en werden hun taken overgenomen door leken. De maatschappij ging langzamerhand ook anders aankijken tegen ongehuwde moeders en er kwamen nieuwe doelgroepen en in 1975 een nieuwe naam: Valkenhorst.

Valkenhorst werd een opvanghuis voor vrouwen in crisissituaties (een Blijf van mijn Lijfhuis) en in 1986 werd de kraamkliniek gesloten. Valkenhorst kreeg nog andere maatschappelijke functies, maar in 1995 werd de instelling gesloten en het gebouw gesloopt. Daarmee is de geschiedenis echter niet afgesloten, want veel van de geadopteerde kinderen worstelen nog steeds met de vraag wie hun biologische ouders zijn.

Gedwongen
Nu de PvdA en D66 in de Tweede Kamer pleiten voor een grondig onderzoek naar gedwongen adoptie vanaf de jaren vijftig tot in de jaren tachtig is het goed te kijken hoe de praktijk feitelijk was. Ongehuwde moeders stonden lange tijd onder aan de maatschappelijke ladder en onder druk van de katholieke moraal bleef dat lang het geval. Ongehuwd moederschap was een regelrechte en onuitwisbare schande voor de samenleving, maar zeker ook voor de familie van de ongelukkige.

De voorgevel van Stichting Moederheil aan Valkenierslaan tussen 1930 en 1935 te Ginneken. Ginneken is nu een wijk van Breda. Collectie Stadsarchief Breda

De katholieke dokter Cl. Meuleman van de. R.K. Vereeniging Moederschapszorg te Heerlen, die ook radiopraatjes hield voor de KRO, sprak eind jaren twintig zelfs van ‘psychopaten die zo snel mogelijk uit de samenleving moesten worden verwijderd.’ Wel stond hij voor om moeder en kind bij elkaar te houden, wat dus lang niet altijd gebeurde. Dit was weliswaar ook de lijn van de bisschoppen, maar parochiegeestelijken werkten er vaak aan mee om adoptieouders te vinden om schande voor de familie van de ongehuwde moeder te voorkomen. Het officiële beleid van Moederheil was dan ook om moeder en kind bij elkaar te houden, de praktijk bleek vaak anders.

Tot de invoering van de bijstand in 1965 hadden alleenstaande moeders meestal te weinig geld om rond te komen. Er was geen andere keus dan terecht te komen in een doorgangshuis, waarvan Moederheil in Breda landelijk het grootste was. De oprichting hiervan had in 1915 bij de achterban zo gevoelig gelegen dat de toenmalige bisschop Hopmans het niet aandurfde om het openlijk te steunen, laat staan het te openen. Omdat het tehuis zou worden voorzien van zowel een kapel als een kraamkliniek, zag hij uiteindelijk toch in dat dit een manier was om de hoge kindersterfte in Noord-Brabant terug te dringen en gaf hij het zijn steun.

Speelplaats voor kinderen in Stichting Moederheil aan Valkenierslaan 5 te Ginneken. Collectie Stadsarchief Breda

Geromantiseerd
Achter de nu gesloopte muren van Moederheil – in Ginneken een groot, blokachtig bastion met veel ramen, dakkapellen en gangen – gaat een adoptiegeschiedenis schuil die veel leed heeft veroorzaakt. Aan de oppervlakte zijn er de geromantiseerde verhalen van het grote aantal Bredanaars dat er is geboren. Vanwege de goed geoutilleerde kraamkliniek werden er immers ook veel kinderen geboren uit traditionele huwelijken. Deze moeders werden strikt gescheiden gehouden van de afdeling met de gevallen meisjes, die vaak werden gedwongen om hun kind af te staan.

Op een gegeven moment waren er alleen nog maar ongehuwde moeders. Eugénie Smits van Waesberghe (53), die eigenlijk door het leven had moeten gaan als Gepke Kortekaas, wordt in 1965 in Moederheil geboren, direct weggehaald bij haar moeder en ‘weggegeven’ aan een rijke familie uit het geslacht Smits van Waesberghe, eigenaren van de bekende Bredase bierbrouwerij ‘De Drie Hoefijzers’. De weken die daaraan vooraf gaan, verlopen ook niet vlekkeloos. In afwachting van de bevalling bivakkeert Eugénie’s moeder in een klein kamertje, een hokje met een stoel en een gordijntje, bevalt van het kind en wordt vervolgens aan haar lot overgelaten. Na een paar dagen wordt zij ontredderd buiten de poort gezet.

Dit alles staat lijnrecht tegenover de uitspraken van de toenmalige directrice van Moederheil in een KRO reportage uit 1964. Die zegt daarin letterlijk: “Wij gaan uit van de plannen van de meisjes en beïnvloeden ze dus niet.” Op de vraag of de moeders hun kind ook te zien krijgen, antwoordt zij: “Nee, dat doen ze mede op ons advies. Ze maken het zichzelf alleen maar moeilijker als ze het zouden zien.” Hier zien we het officiële, bisschoppelijke beleid botsen met de werkelijkheid van de ‘wensen’ van de ongehuwde moeders, of waarschijnlijker van de familie van die ongelukkigen.

Zuigelingenafdeling en hoogtezon in “Stichting Moederheil” gefotografeerd tussen 1930 en 1935. Collectie Stadsarchief Breda

Verboden
De geschiedenis van Moederheil blijft voor een deel schimmig. Afdelingen en disciplines binnen de instelling waren strikt van elkaar gescheiden en het personeel had zwijgplicht. Het was ten strengste verboden om contact te hebben met de ongehuwde moeders. Oud-kinderverzorgster Annemiek van den Berg omschrijft de sfeer: “Ik heb zelf niet iets van geheimen gemerkt, maar ze waren er. Er was een uitgebreid gangenstelsel. Ik herinner me een deur aan het eind van zo’n gang waar je niet achter kwam. Niemand kwam daar achter. Wij kregen een paar kinderen toegewezen en ik nam er af en toe een mee naar huis, dat mocht ook. Dan liep je bij wijze van spreken als een trots moedertje achter de kinderwagen. Maar binnen een paar maanden moest je wisselen van zaal, anders zou je teveel aan zo’n kind gaan hechten. Ik heb me daar later wel schuldig over gevoeld, dat ik daar aan heb meegewerkt. Van enige professionaliteit heb ik nooit wat gemerkt. Je deed maar ’n slag.”

In de tweede helft van de jaren zestig wordt de toestroom van ongehuwde moeders en hun afstandskinderen zo groot dat er een lange wachtlijst ontstaat. Mensen worden van andere taken afgehaald om dit probleem op te lossen. Er zijn zoveel baby’s in de zalen van Moederheil dat er onrust ontstaat. Een vrouwelijke kinderarts, dokter R. Smeets, die was ingehuurd van het Ignatiusziekenhuis, besluit kalmerende druppels voor te schrijven die toegevoegd moesten worden aan de babyflesjes. Op die manier zijn vele baby’s in hun eerste levensjaar, gedurende langere tijd gedrogeerd met het middel Mellerette (Thioridazine), eigenlijk bedoeld voor de behandeling van angstneurose bij volwassenen, en in zwaardere dosering voor schizofrenie.

Het middel is in 2005 vanwege ernstige bijwerkingen van de markt gehaald. Getuige van deze praktijk van toediening van kalmerende druppels bij gezonde baby’s is onder andere Harlinde van Osselaer, die in Moederheil werkte als psychologe. Zij treedt er begin jaren zeventig in dienst: “Kinderen liepen een enorme ontwikkelingsachterstand op, met name door die druppels”, vertelt ze. “De oudere kinderen konden niet buiten spelen en ze hadden nog nooit een normale tafel en stoel gezien.” Om een einde te maken aan de wantoestanden stapt ze naar de directie en dreigt met ontslag als de organisatie niet zou verbeteren.

Het gebouw van de Stichting Moederheil, de foto dateert van na 1985. Foto Ruud de Haas, collectie Stadsarchief Breda

Hongerstaking
Doordat Moederheil geheimhouding had beloofd, moesten de dossiers gesloten blijven. Kinderen konden dus niet achter de identiteit van hun biologische ouders komen. In juni 1989 zet de Eindhovense Riet Monteyne (1944-2007) haar tentje op voor de deur van Valkenhorst, zoals Moederheil inmiddels was gaan heten. Zij gaat 31 dagen in hongerstaking om inzage in haar dossier af te dwingen, aanvankelijk zonder resultaat. Na een aantal rechtszaken komt er toch erkenning en gaan de dossiers schoorvoetend open.

Als zij achttien is, vindt de biologische moeder van Eugénie Smits van Waesberghe (1965) haar dochter terug (de moeder is nu overleden). In de jaren negentig vindt Eugénie ook haar biologische vader terug, na een oproep van de Stichting FIOM, de organisatie die zich bezig houdt met afstammingsvragen (oorspronkelijk ‘Federatie van Instellingen voor de Ongehuwde Moeder en haar kind’, opgericht in 1930). Voor een fatsoenlijke reparatie van de familieband is het dan te laat en het opbouwen van een vader-dochterrelatie blijkt niet goed meer mogelijk.

Wanneer Eugénie’s adoptieouders overlijden, gaat zij met de hulp van lotgenoten voor een boek op zoek naar de waarheid, om de praktijken in Moederheil helder te krijgen. Het blijft een hiaat in haar bestaan, maar het boek komt er. Het verschijnt binnenkort.

De radiodocumentaire ‘Het spoor terug. Gevallen in Moederheil’ wordt op zondag 11 maart 2018 om 11.20 uur op Radio 1 uitgezonden in het geschiedenisprogramma OVT van de VPRO.

Het boek van Eugénie Smits van Waesberghe, ‘Schoot vol tranen’, verschijnt in juni.

Zie ook: www.canonsociaalwerk.eu

Bent u op zoek naar persoonlijke informatie met betrekking tot Moederheil of Valkenhorst? Neem contact op met Fiom.

© Brabant Cultureel 2018

Reacties (26)

  1. G Franzen schreef:

    In 2014 verscheen de roman ‘Duiveldans’ van de Oost-Brabantse journalist Geurt Franzen. Daarin speelt de periode waarin de moeder van de auteur in Moederheil verbleef, daar een kind baarde (1947/1948) en dat ondanks tegenwerking van verschillende partijen behield, een belangrijke rol.

  2. Wil Jongerius schreef:

    Gisteren de uitzending op de radio gehoord en was heel erg onder de indruk, daarna weer eens via internet verder gezocht naar veel vroeger nog, de jaren twintig. Mijn moeder is daar samen met een tweelingzusje geboren, vader onbekend, moeder een andere achternaam dan zijzelf, heel vreemd allemaal. Mijn moeder is eind vorig jaar overleden maar mijn zoeken blijft doorgaan, zij was geboren in 1924. Na drie maanden is mijn moeder bij een gezin ondergebracht maar nooit geadopteerd,zij heeft altijd haar eigen naam gehouden.
    Dank voor het verhaal wat ik net nog maar eens gelezen heb.
    Wil Jongerius

  3. Marianne van Besouw schreef:

    Ben daar ook geboren in 1953. Moeder via FIOM leren kennen …Vader zou ik ook wel willen weten, altijd onbekend.

  4. ad ripmeester schreef:

    Is er een bestand waarin staat wie wanneer daar geweest is Voor mij geldt dan tussen 1944 en 1950i

  5. Kleeven schreef:

    Ben er op 19 mei 1963 geboren en ter adoptie afgestaan op 1 april 1966
    Dit kwam omdat mijn natuurlijke moeder geen afstand wilde doen
    Wie heeft er ook tijdens deze gewoont

  6. Iwerra schreef:

    Hoi ik ben daar ook geboren in 1960 ik heb er zes jaar gezeten onder de naam iwerra damen ik heb zo veel vragen hoop dat ik iets meer te weten kom ik hoorde het gister op de radio omroep Brabant gr iwerra damen

  7. M.van Esch-de Beauvesier Watson schreef:

    Ik zoek mijn nichtje. Ze is geboren in Moederheil te Breda op 10 0f 11 augustus 1967.
    Herkent U zich hierin ? Ik zal blij zijn als je contact met me wilt opnemen.

  8. Conny schreef:

    Ja een bestand waarin namen staan, en hoelang we daar verbleven, rond 1968/1970

  9. Joke Herreijgers schreef:

    Mijn moeder is in 1947 in Moederheil op 21-jarige leeftijd bevallen van mijn oudste zus. Gelukkig was ze zo koppig, dat ze weigerde haar baby af te staan. Ze noemde de zusters ‘gemene harteloze wijven’.

  10. Milou Vulto schreef:

    Zou graag wil weten wie mijn vader is, daar mijn moeder niet meer leeft. Ben geboren in het moederheil op 30 januari 1964. Na jaren speurwerk denk ik hem te hebben gevonden, maar hij wil geen contact ivm zijn grote geheim. Graag wil ik een dna test, maar kan ik dat afdwingen…

  11. Frank Nagtegaal schreef:

    Ik ben daar geboren op 10 Oktober 1964 en heb van de nonnen mijn voornaam gekregen, achternaam kwam na de adoptie, en werd direct weggehaald. Mijn biologische naam was Severs en is na de adoptie Nagtegaal geworden. Hoe lang ik daar “gewoond” heb weet ik niet, maar ben geadopteerd en in Utrecht terecht gekomen. Mijn biologische ouders hebben zonder dat ik het wist en zij ook niet 2 straten bij mij vandaan gewoond. Ik heb even contact met hun gehad dat is uiteindelijk niet in stand gebleven omdat er geen moeder zoon relatie was. We waren en zijn vreemden voor elkaar volgens haar.

    • Agnes schreef:

      Hoi Frank

      Je kent me niet maar ik ben Agnes en ben 1 dag eerder op 9 okt 1964 ook geboren in Moederheil . Over ongeveer een maand komt mijn boekje uit over mijn adoptie ervaring. Op dit moment ben ik aan het googelen om te kijken wie wat aan mijn boekje zou kunnen hebben qua herkenning. En daar kwam ik dit berichtje van jou tegen en zag gelijk al een stuk herkenning in die paar regels.
      Misschien hebben onze wiegjes wel naast elkaar gestaan en hebben onze “moeders “elkaar wel gekend. In ieder geval heel bijzonder. Ik wil het je gewoon even laten weten.

      Groetjes Agnes

  12. Fathem schreef:

    Ik ben op zoek naar mijn half zus die daar is geboren tussen 1968-1975 zei heet Natalie, haar moeder heet Astrid. Ik hoop dat iemand mij informatie kan geven.

  13. Yvonne van gerwen schreef:

    Ik ben geboren in moeder heil in 1958, heb daar 3 jaar gewoond en ben toen in het circuit van pleeggezinnen en kindertehuizen gekomen, (heb in 3 gezinnen gezeten en 3x terug naar het kindertehuis (dit allemaal voor mijn 8 set jaar)
    Zijn er meer mensen die dit hebben meegemaakt en informatie daarover hebben. Ik weet bijna niets

  14. annemarie van haeften schreef:

    Ik ben er geboren op 30 maart 1966. En met 9 maanden geadopteerd.
    Ik heb een onnoemelijke angst voor nonnen. Bij nader onderzoek kan ik het e.a toch verklaren.
    Nog meer moederheil kinderen die dit ervaren?

    • Lucas schreef:

      Ik ben in Moederheil geboren op 13 maart 1967. Na 7-en-een-halve maand kwam ik dan in een pleeggezin, welke mij eind 1971 had geadopteerd, samen met nog een wat ouder pleeg-/adoptiekind uit een ander huis. Wij scheelden uiteindelijk slechts 9 maanden en 10 dagen, zodat dat feit nogal ‘gevoelig’ bleek later. Mijn biologische vader heb ik nooit gekend (bleek ook al overleden volgens mijn bio-moeder) en mijn biologische moeder slechts een paar keer ontmoet wat uitliep op niets…

  15. Geert-Jan schreef:

    Geboren 19 mei 1963 te Moederheil Breda ter adoptie afgestaan op 30 maart 1966
    Heb er div jaren gewoond, ben geadopteerd en toen naar grubbenvorst in Limburg verhuisd
    Weet hoe mijn geboorte naam is, mijn biologische moeder wil geen contact
    Heb nu contact met Babs een verpleegkundige die op afdeling 2 heeft gewerkt samen met Coby
    Hopelijk kunnen zij mij meer vertellen

    • Agnes schreef:

      Hoi Geert Jan

      Ik ben Agnes en ben in oktober 1964 in Moederheil geboren. In maart 1965 ben ik geadopteerd. Wat interessant dat je contact hebt met Babs. Zojuist heb ik mij aangemeld op de fb pagina van Moederheil en daar kwam ik de naam Babs ook al tegen. De vraag van iemand was of Babs zich aan zou willen melden op de fb pagina.
      Wat jammer dat jouw biologische moeder geen contact wil.
      ik hoop dat je nog wat antwoorden gaat krijgen op je vragen.
      En ik hoor graag van je.

      vriendelijke groet Agnes

  16. Lucas Verberne schreef:

    Nieuwe website: http://www.Moederheil.nl

    De persoonlijke ervaringen van de moeders, die hun kinderen onder grote sociale druk moesten afstaan in Moederheil, en hun kinderen die er zijn geboren, zijn erg indrukwekkend om te lezen. Velen van hen worstelen tot op de dag van vandaag nog met hun verleden. In boeken als ‘Zwartboek Adoptie‘ en vele andere zijn de persoonlijke ervaringen maar al te vaak zelfs schokkend.
    Omdat ik er zelf net zo mee worstel begon ik een aantal jaren geleden de Facebookpagina Moederheil. Al snel realiseerde ik mij dat de zeer persoonlijke ervaringen van velen erg gevoelige materie was en men niet snel uit zijn of haar schulp durfde te komen, maar men wel hunkerde naar erkenning en empathie. Ook ik was daar naar op zoek.
    Vandaar dat ik de besloten groep Moederheil/Valkenhorst startte zodat men in alle privacy de eigen ervaringen van zich af kon schrijven. Als snel meldden zich ook mensen die niets met Moederheil of Valkenhorst te maken hadden, maar wel waren afgestaan en/of geadopteerd of gewoon geïnteresseerd, en dat was nu juist de opzet van de groep. Dus volgde al snel een tweede besloten groep van algemene aard genaamd Adoptie, mijn geheim.

    Het beeld dat ik tot mijn pubertijd voorgeschoteld kreeg over Moederheil leek zo ideaal: het tekort aan baby’s bij kinderloze echtparen werd opgelost met kinderen die, om wat voor reden dan ook, “niet welkom” waren. Een win-win situatie, zo leek het. We zijn nu precies 100 jaar verder en hoe anders blijkt de realiteit.
    Gelukkig is er internet en komt er steeds meer informatie over Moederheil beschikbaar. Meer archieven worden ontsloten, maar een centrale plek, waar van alles en nog wat over Moederheil te vinden is, ontbreekt nog en ik heb gemerkt dat ik niet de enige ben die daar behoefte aan heeft. Vandaar mijn initiatief voor het starten van http://www.moederheil.nl.
    De nadruk ligt op afstand en adoptie m.b.t. Moederheil en Valkenhorst en niet zozeer op adoptie in het algemeen.

    Er zit nog een heleboel informatie aan te komen, maar de eerste opzet is er. En ik ben erg benieuwd wat jullie ervan vinden en wil jullie graag uitnodigen om je ervaringen, foto’s, etc. over Moederheil en Valkenhorst te delen op de website.

  17. Henny schreef:

    Ik vind jullie reacties enorm dapper hoor. lieve mensen. Ik ben geboren in 1947 en in 1956 geadopteerd. Ik heb een gruwelijk, zeer slechte jeugd gehad. Het voelt goed te lezen dat er mensen zijn die op zoek zijn gegaan naar hun eigen identiteit. Zelf ben ik ook bezig, geheel op eigen wijze. Ik heb nog een biologische broer en mijn enig, biologisch, zusje is op jonge leeftijd overleden. Familiebanden zijn aan mij (nu) niet meer besteed.. Ik heb wel hele lieve dierbare vrienden en dat koester ik. Dank jullie wel dat ik jullie verhaal heb mogen lezen. Lieve groet en het ga jullie allen goed./Henny.

  18. Brigitte Nijstad schreef:

    Ik ben op 18 oktober 1967 geboren in Moederheil. Mijn toen 29 jarige moeder is 10 dagen na de bevalling vertrokken om haar leven weer op te pakken. Op 17 maart 1968 werd ik door a.s. adoptieouders uit Leeuwarden opgehaald. Echter na een week besloot de RvdK dat ik beter niet kon wonen in de stad waar mijn moeder woonde en ben ik daar weer weg gehaald. Op 3 april 1968 kwam ik bij de pleegouders die mij in 1973 geadopteerd hebben. Helaas weigert mijn moeder ieder contact en weet ik niet wie mijn vader is. Hij weet ook niet dat ik besta. Mijn hele leven staat mijn zoektocht naar mijn oorsprong centraal. Ik voel me net een detective op zoek naar mijn identiteit. De vraag is of de puzzel ooit compleet wordt. Ik ben benieuwd of er verzorgsters zijn die mij verzorgd hebben of afstandskinderen die in dezelfde periode als ik in Moederheil verbleven.

  19. Ad Ripmeester schreef:

    kuIk weet niet of zij intern of extern vanaf 29-05-1942 als hulp in de huishouding is gaan werken bij Notaris Cornelis Goderie te Zevenbergen. Geboren op 26-12-1875 te Wouw overleden op 08-03-1952 te Zevenbergen. Hij was gehuwd met Engelina van Schendel geboren op 20-03-1886 te Zevenbergen overleden op 10-06-1983 te Oudenbosch. Hun huwelijksdatum was op 09-10-1917 te Teteringen. Hun gezin had 4 kinderen te weten: 1e Johannes Goderie geboren op 15-10-1918 te Zevenbergen. 2e Maria Goderie geboren op 18-12-1924 te Zevenbergen. 3e Cornelis Goderie geboren op 24-07-1926 te Zevenbergen. 4e Petrus Goderie geboren op 23-11-1927 te Zevenbergen. Dat betekend dat zij dan ook halfbroers en halfzuster van mij zijn.
    En onder welke omstandigheden dat dit gebeurd is weet ik natuurlijk niet maar opeens was zij in verwachting van mij door hem. Maar hij heeft wel zijn verantwoording genomen omdat ik niet in een huis voor ongehuwde moeders ben geboren zoals bijv in een Moederheil maar in het Ignatius Ziekenhuis te Breda en wel op 22-07-1944 om 08.30 uur. Normaal gesproken was dit in die tijd voor een ongehuwde vrouw onmogelijk geweest om in een ziekenhuis te bevallen. Hij heeft dus zowel voor mijn moeder als mij goed gezorgd totdat zij natuurlijk kennis kreeg aan ene Adrianus Frijters en heeft hij zich toen neem ik aan teruggetrokken. Maar dat betekende dus wel dat hij mijn vader is.
    Adrianus Frijters is als 3e kind geboren op 15-07-1924 te Princenhage in een gezin met 5 kinderen: 1e Petronella Frijters geboren 24-04-1917 te Princenhage. 2e Bartholomeus Frijters 17-11-1921 te Princenhage. 4e Cornelis Frijters geboren 08-04-1926 te Princenhage. 5e Barbara Frijters geboren op 24-05-1930.
    Hij heeft gewoond: Van 15-07-1924 tot 16-07-1936 op Beeksestraat 33 het geboorte adres in Princenhage. Van 16-07-1936 tot 16-03-1937 op de Tramsingel 34 te Breda. Van 16-03-1937 tot 24-05-1937 op Oede van Hoornestraat te Breda. Van 24-05-1937 tot 12-07-1941 op Dijkplein 43 te Breda. Van 12-07-1941 tot 15-01-1942 op Gezichtslaan 162 te De Bilt. Van 15-01-1942 tot 01-03-1952 op Dijkplein 43 te Breda. Van 01-03-1952 tot 01-08-1953 op Oude Terheijdenweg 52a Breda. Van 01-08-1953 tot 14-01-1954 op Dijkplein 43 te Breda. Van 14-01-1954 tot 05-10-1973 op Stoopstraat 69 te Roosendaal. Van 05-10-1973 tot 09-07-1980 op Philipslaan49 te Roosendaal.
    Op 27-05-1945 hebben zij mij om welke redenen dan ook naar een opvanghuis gebracht op het adres de Baronielaan 303 te Breda. Daar was een protestantse zuster met de naam Pop die er de baas was en zorgde voor wees- en NSB kinderen. Hierna zijn zij 4 maanden later op 28-09-1945 gehuwd en gaan wonen op Dijkplein 43 te Breda. In dat huis waren boven 3 slaapkamers. Een slaapkamer voor de vader van Adrianus Frijters. Een slaapkamer voor zijn broer Bartholomeus en hij was daar tevens rijwielhandelaar. Een slaapkamer voor Adrianus Frijters en Adriana Ripmeester.
    nt u mij vertellen waarom ik daar heb gezeten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.