Margôt Ros over eerste solovoorstelling: ‘Eindhoven maakt iets bij me los’

Actrice Margôt Ros staat in december twee weken lang met een soloprogramma in het Parktheater in haar geboortestad Eindhoven. In de voorstelling ‘Brabantse nachten zijn lang’ – haar eerste solovoorstelling – blikt ze vooral terug op haar jeugd en de kruideniers- en groentewinkel van haar ouders. 

door Rieks Holtkamp

“Kom lekker binnen hoor.” Margôt Ros nodigt klanten van Groentewinkel Hans van Rooij op de Hoogstraat in Eindhoven op een donderdagochtend uit om binnen te komen. Ze blijven aarzelend op de drempel staan, zo van, wat is hier aan de hand. Want de groentevrouw die aan  het woord is, staat er niet om te helpen. Vanachter de toonbank houdt de in Eindhoven (Gestel) geboren Ros namelijk de presentatie van haar nieuwe theatervoorstelling Brabantse nachten zijn lang.

Foto > Maaike Koning

Dat Margôt Ros dit juist doet in een groentezaak is geen toeval. Haar ouders hadden een kruidenierszaak annex groentezaak in de de Gestelse wijk de Bennekel. En die ervaringen die zij en haar ouders daar opdeden vormen een belangrijke bron van haar eerste solo-theatervoorstelling.

Margôt Ros (57) is sinds ze op haar zeventiende Eindhoven verliet, inmiddels een landelijke bekendheid geworden. Ze acteerde voor film en tv, stond op de planken en deed regie en publiceerde twee boeken. Voor haar werk werd ze diverse keren met prijzen gelauwerd.

Margôt Ros in de Groentewinkel Hans van Rooij. Foto > Vincent van den Hoogen

De kleine groep persmensen en een enkele klant die de overstap in de winkel waagt, krijgen in hoog tempo een paar flitsen te horen van haar komende show ‘Brabantse nachten zijn lang’ die in december in het Eindhovense Parktheater in première zal gaan. Eindhovenaren zullen er veel in herkennen. Hun eigen jeugdervaringen, zowel de prettige als de minder leuke. Maar Ros is universeel genoeg om met zo’n show ook de harten te veroveren van theaterpubliek van Terneuzen tot Delfzijl.

Veel mensen die ik in Amsterdam leer kennen en met wie het klikt, zijn vaak Brabanders. Ze stralen dat warme en gezellige uit.

Haar roots liggen in Eindhoven – “als ik de Bommelse brug weer over ben, heb ik het gevoel dat ik thuis kom” –  en dat gevoel is onuitwisbaar. “Het is echt een cultuur waaruit je voortkomt. Dat merk ik in Amsterdam bijvoorbeeld. Veel mensen die ik in Amsterdam leer kennen en met wie het klikt, zijn vaak Brabanders. Ze stralen dat warme en gezellige uit. Een andere manier van omgaan met elkaar en dan besef je dat Brabanders echt een eigen cultuur hebben.”

Bananen

“Dit doet me zoveel”, zegt ze, wanneer ze in Groentewinkel Hans van Rooij bijna verlekkerd naar het prachtig uitgestalde groente- en fruitassortiment staat te kijken. Bananen bijvoorbeeld. In de voorstelling knoopt ze er een jeugdervaring aan vast, of beter gezegd die van haar moeder. “Hier liggen de bananen mooi opgestapeld, maar bij ons in de zaak hingen ze vroeger aan haken op een lange rij achter de toonbank. Daar had mijn moeder zo’n hekel aan. Je had toen nog geen stappenteller, maar ze moet heel wat afgelopen hebben. ‘Wilt u deze tros mevrouw? Nee. Iets verderop. Deze misschien, of toch maar die? O, die eerste die ik u aanwees? Een trosje van vijf. O, u wilt er maar vier?’ Eén banaan haalt ze er vanaf. Ze weet dat ze er niets mee kan doen. Eén banaan verkoop je niet. Je had destijds nog geen AH to Go”, zegt Margôt Ros. “Die ene banaan kneep ze van pure woede onder de toonbank tot moes, terwijl ze de klant de vier bananen liet afrekenen. Maar wel blijven glimlachen. Het leek wel of ze die glimlach ’s ochtends met een strijkijzer op haar gezicht had geplooid.”

Vijf. Of toch vier?

Maar die karaktertrek, nooit iets laten merken als je wat dwars zit, doorzetten ook bij tegenslagen heeft ze wel degelijk van haar moeder geërfd, beaamt ze. En dat is haar in de loop van haar carrière herhaaldelijk van pas gekomen. Tegenslagen verwerken in de overtuiging dat er altijd een volgende dag is. Strijdbaar. Nooit opgeven.

En over gezond eten weet ze ook alles. “We kregen thuis heel gezond eten. Veel fruit. “Glibberige peren waar eerst het bruin van werd afgesneden. Lekker toch? Of sap van groen en blauw uitgeslagen sinaasappels. “Drink maar lekker op. Heel gezond”, zei mijn moeder dan.”

Tongzoenen

Hilarisch en tragikomisch zijn haar herinneringen aan carnaval.  “Ik had tot mijn vijftiende eigenlijk nog nooit echt getongzoend. Nou ja één keer dan, maar dat was een vreselijke ervaring. Die jongen (Hans) spuwde gewoon in m’n mond.” Maar met carnaval zou het dan moeten gebeuren. “Ik was nooit zo in trek bij jongens. En dat kwam omdat ze vaak vonden dat ik een jongen was. “Hé geef je vriend er ook maar één. En die vriend was ik dan. Dat was niet leuk. Een andere reden was ik teveel grapjes maakte. O, mannen vinden dat leuk: een vrouw met humor! Prachtig. Maar dan bedoelen ze een vrouw die om hun eigen grapjes lacht. Niet eentje die ze zelf verzint.”

Wat op zo’n tienerleeftijd ook niet meezit is als je zelf niet de ultieme schoonheid bent, jouw vriendin toevallig een bloedmooi stuk is. “Aan de bar kwam ik nooit aan de beurt om wat te bestellen. Ik werd steeds over het hoofd gezien, maar als mijn vriendin Tineke naast me stond dan had ze direct alle aandacht van de barkeeper.”

Ontroerend

Maar vastbesloten dat het er een keer van moest komen, ging ze carnavallen, als augurk verkleed  met daarover een winterjas, want ze moest helemaal vanuit de Bennekel op de fiets naar het Stratumseind. Van die tongzoen kwam het uiteindelijk wel, maar niet zoals ze gedacht had. Een ontroerende scène, die Margôt Ros echter het beste zelf in het Parktheater kan vertellen.

Is het spannend, zo’n eerste solo-theatervoorstelling? “Dat wel. Maar ik ben drieenhalf jaar ziek geweest, (na een ongeluk achter op het toneel waarbij ze een zware hersenschudding had opgelopen. r.h.). Ik houd me sindsdien altijd voor: erger dan dát kan het nooit worden.”

‘Sap van groen en blauw uitgeslagen sinaasappels. “Drink maar lekker op. Heel gezond”, zei mijn moeder dan.’ Foto > Rieks Holtkamp

Maar afgaand op de korte impressie die ze in Groentewinkel Hans van Rooij gaf van haar voorstelling zal ze natuurlijk met een gezonde spanning het toneel van het Parktheater opkomen om daarna de harten van het publiek te veroveren in wat een zinderende voorstelling belooft te worden. 

En ze heeft bovendien het gevoel dat ze er niet alleen voor staat. “Eindhoven maakt iets bij me los. Mijn jeugd, mijn Brabant, mijn Eindhoven, mijn Gestel.” 

Margôt Ros
Margôt Ros (Eindhoven 1965) volgde de toneelschool in Maastricht en de Akademie voor Kleinkunst in Amsterdam. Na haar opleiding speelde ze onder meer bij Orkater, Theater van het Oosten en het Noord-Nederlands toneel. Samen met Wimie Wilhelm en Bodil de la Parra maakte ze enkele toneelvoorstellingen zoals ‘Onder Vrouwen’. Ze speelde in de cabaretvoorstellingen van onder meer Erik van Muiswinkel. Ze regisseerde ook diverse cabaretiers. Op tv werd ze vooral bekend van de absurde humor in de televisieserie Toren C, die ze bedacht met collega Maike Meijer. In die serie spelen de actrices zo’n veertig verschillende types. Vooral in de rol van een van de twee portiers klinkt haar Brabantse accent door. Voor het scenario van de serie kregen ze de Lira Scenarioprijs. 
Samen met Jeroen Kleijne schreef Margôt Ros het boek Hersenschorsing over de ingrijpende gevolgen van een hersenschudding die ze opliep tijdens een voorstelling.  
Bekijk hier Margôt Ros als Els in ‘Hachee door de plee’ > Toren C.

www.parktheater.nl

© Brabant Cultureel 2022

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.