Jezus op de koffie, met melk en suiker

door Moeckbert

Jezus op de koffie

ik sprak met Jezus en rommelde in de kamer,
gaf de planten water en legde een stapeltje recht;
er gebeurde niet zo veel

de goede man wilde eigenlijk een kopje koffie
‘met melk en suiker?’ vroeg ik, hij zei ‘ja alstublieft’

soms vind ik het fijn wanneer dingen helder zijn;
een antwoord dat past bij een vraag die ik stel,
een broek die precies te lang is, een horloge dat tikt

ik verschoof een stoel en we spraken over welzijn;
hij had een kuchje, ‘och maak je niet druk,’ deelde hij me mee

‘er staan belangrijkere dingen te gebeuren, misschien kom ik daarop terug’
‘maar heb je soms een koekje?’ was de verlossende vraag
en hij keek me heilig aan

‘die dip ik in de koffie, want dat doe ik namelijk graag’

Goedemorgen

niet wilde ik veinzen en gewoon goedemorgen kunnen zeggen, dus ‘goedemorgen,’ zei ik en de oosterse buurvrouw in de straat die opkeek zei ‘goedemorgen’ en de melkboer die langskwam met zijn karretje zei ‘goedemorgen’

het duurde even maar ook mijn nagelspecialiste, mijn kapster en mondhygiëniste zeiden bijna allemaal tegelijk ‘goedemorgen’ terwijl ze blij maar afgeleid waren van wat ze deden

er werd aangebeld en de postbode die een pakketje afleverde zei tussen de bestelling door ‘goedemorgen’ en ook de vader van mijn moeder die in de hemel is zei zachtjes ‘goedemorgen’

plotseling begonnen het heggemusje en de pissebed die respectievelijk in de ligusterhaag en onder de stenen bij de voordeur huisden eveneens een ‘goedemorgen’ te zeggen

omdat het toch een beetje vreemd was en ik aarzelde of het serieus ochtend was keek ik zogenaamd achteloos op mijn horloge om de rest een seconde te misleiden en na te gaan of het allemaal wel klopte – en het klopte, dus zei ik ‘goedemorgen’ terug

mijn oosterse buurvrouw zei vervolgens weer ‘goedemorgen,’ en lachte, de melkboer zei ‘goedemorgen’ en knikte en eveneens mijn nagelspecialiste, mijn kapster en mondhygiëniste brachten er tegelijkertijd een opgewekte ‘goedemorgen’ uit en wederom de postbode die zich bijna verslikte zei ‘een goedemorgen’ terug

het duurde weliswaar een poosje maar opnieuw kreeg ik een reactie van de vader van mijn moeder die in de hemel was terug met een vrolijke ‘goedemorgen,’ dat duurde echter geen momentje omdat het antwoord van best wel ver moest komen – van ver buiten de wolken en het hemels universum

tot slot floot ook het heggemusje ‘goedemorgen’ en rolde de pissebed vanonder de steen er weer een olijke ‘goedemorgen’ uit zodat ik zeker niet meer hoefde te twijfelen of het echt wel een goedemorgen was – en om mezelf nogmaals te bevestigen, want soms ben ik best onzeker – zei ik ‘goedemorgen’ tegen mezelf en ja hoor er kwam een antwoord terug als een diepe innerlijke respons uit al mijn ledematen:

‘goedemorgen en nog een fijne dag vandaag!’

Augurk

de wereld werd eenvoudig toen men
het woord augurk vergat en ook getalletje 5
want in het potje met augurken
zag men er toen slechts 4

IJsbeer

ik fietste en kwam een ijsbeer tegen
hij zei: hallo mevrouw

zijn articulatie was perfect en verraste mij
[- ik ben alleen een man -] en slikte, en zei hallo terug

men weet dat ijsberen tot veel in staat zijn
zo kunnen zij een adam-lookalike met kleding en al verslinden
of doen alsof een iglo maken niks is te midden van een freaking storm

gisteren hoorde ik dat de ursus maritimus even nauwkeurig is
als de meest gelauwerde perfectionista

hieraan twijfel ik inmiddels wel

soms echter moet men gewoon zijn eigen hachje redden
en trachten geen gezichtsverlies te lijden

of dingen terugzeggen zoals: hé lul
hetgeen men achteraf betreurt

Wie is Moeckbert? Ja wie is hij niet? Veel helaas nog niet, en in ieder geval niet iemand die zichzelf zomaar prijsgeeft. Maar zoals dat soms met bepaalde dingen gaat, kan het tij zich spontaan keren. Aan het einde van het vorige millennium geboren in een redelijk goedige omstandigheid onder de rook van Tilburg.

© Brabant Cultureel 2022

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.