Van Melis en Potters nemen geen genoegen met de alledaagse werkelijkheid

door JACE van de Ven

De aanzet tot het maken van kunst komt van de zintuigen. Een componist hoort een bijzonder geluid, een culinair maître ruikt mogelijk een heerlijke geur en een beeldend kunstenaar ziet iets dat hem frappeert. Zo zag kunstenaar Jan-Hein van Melis op vakantie in Italië, nadat hij een ijskoud biertje van het merk Morena had besteld, dat bij de dame op het etiket kleine druppeltjes op het voorhoofd verschenen. ‘Ach, Morena heeft het heet, maar wat wil je ook bij dit zomerweer’, concludeerde Van Melis empathisch en vanaf dat moment was er een nieuwe muze in zijn kunst.

Hij creëerde rond de biermerkdiva een heel eigen biotoop, een quasi fictief universum waarin Morena zich beweegt. Te zien aan de schilderijen en objecten die hij maakt en exposeert, heeft Morena een eigen frituur, een eigen lingerielijn, een nagelstudio en een hondenkennel. In Luycks Gallery in Tilburg, waar Van Melis momenteel exposeert zijn parafernalia uit de wereld van Morena te zien. Bijvoorbeeld haar Bull Terriërs, levensgrote reddingshonden gemaakt van polyester. Anders dan hun Sint-Bernhardcollega’s in de sneeuw van de Alpen dragen zij geen slokjes schnaps met zich mee, maar blikken Limco-knakworst, een bestaand merk.

Jan-Hein van Melis wijst ons op de gekte waarin we leven, maar vertedert tegelijk.

Ook blijkt dat Morena sigaretten van het merk Tigra rookt. Het gaat er Van Melis ongetwijfeld om de bestaande kleuren en vormgeving van een bepaalde merkreclame te combineren met zijn Morena mythe. Dat levert bijzondere kunstwerken op, waarin het alledaagse status krijgt. Er zijn bijvoorbeeld allerlei souvenirs – in lood gegoten kleinodiën als knakworstjes, hondjes, mosterdpotjes en dergelijke – te koop om als herinnering aan een expositie over Morena mee naar huis te nemen. Morena’s wereld is een metafoor voor de onze, net zo echt en net zo onecht, maar omdat hij gebaseerd is op een bieretiket tegelijk absurd. De manier waarop Van Melis met zijn kunst over Morena vertelt, wijst ons op de gekte van de wereld waarin we leven, maar vertedert tegelijk. Ik geloof niet dat ik ook maar één object op de expositie heb kunnen bekijken zonder – kan dat eigenlijk wel? – innerlijk te glimlachen.

Werk van Jan-Hein van Melis bij Luycks Gallery > Spijkstaal Take Away Morena | Hondjes van Morena | Rescue-bullies | Souvernirshop

Toen ik na deze ontmoeting voor mijzelf even de kunstenaarscarrière van Jan-Hein van Melis naging, merkte ik, dat hij niet alleen de aanstichtster tot zijn inspiratie levend in zijn kunst aanwezig laat zijn, maar ook de mensen die zijn kunst consumeren. De in Rijen wonende Van Melis, geboren in 1962 in Veghel en afgestudeerd aan de kunstacademie in ’s-Hertogenbosch in 1988, maakte aanvankelijk beelden van vilt en staal. Hij produceerde zijn vilt in een draaiende ton die hij achter zijn brommer liet rollen en fabriceerde van dat vilt petten met de beeltenis van failliete textielbedrijven erop. Tijdens dat maak- en verkoopproces ontdekte hij dat hij de evenementenkant van de kunst, het maken van installaties waarbij de bezoeker zich actief beweegt in het kunstwerk, een voor hem passende uitingsvorm vond. Prachtig, al die kunstliefhebbers met zijn vilten petten op hun hoofd.

Na de petten kwamen de dahlia’s. Hij kweekte dahlia’s onder auspiciën van Museum De Fundatie op een oranje dahliaknollenveld dat van vorm en kleur veranderde naar gelang kunstconsumenten er dahlia’s van meenamen. Hij had ook een Dahliaknollenpostorderbedrijf en Optiebeurs alsmede –wat het ook geweest moge zijn, ik lees het alleen maar – een DahliaRaceShow. Later ontving hij gasten in zijn mobiele restaurant in Halder, tussen Sint Michielsgestel en Vught en vervolgens in een kelder in Strijp S in Eindhoven, waar de retrofondue als verplicht onderdeel van het recept werd begeleid door muziek van Klaus Wunderlich of James Last. Maar om te voorkomen dat hij met het goed lopende restaurant al te ver van de Olympus afdwaalde, stopte hij daarmee. En sinds 2016 dwong Morena hem met haar charmes terug naar zijn tekentafel, werkbank en schildersezel.

Uit enthousiasme om wat ik gezien had, ging ik thuisgekomen van de expositie meteen op het internet op zoek naar de dame achter het Morena bieretiket. Misschien was zij wel een inmiddels negentigjarige oma die de berg waarop zij geboren werd haar hele leven nooit verlaten heeft. Maar dat bleek natuurlijk niet het geval. Men moet mythes onaangetast laten, zeker mythes in de kunst. Ik vond op het internet wie Morena is, maar vertel u haar naam niet. Laat ik het erbij houden dat haar voorouders net als bij onze Victoria Koblenko in de Oekraïne leefden. En dat zal in Morena’s geval ongetwijfeld in een zo goed als onbereikbaar dorp zijn geweest waar reddingshonden vreemdelingen die verdwaald zijn te hulp moeten schieten.

Jan-Hein van Melis (l) en Ernest Potters

Door al dit enthousiasme over Van Melis zou ik bijna zijn mede-exposant in Luycks Gallery te kort doen. Dat is de fotograaf Ernest Potters (1953) wiens werk ik al veertig jaar ken. Als kunstredacteur van het Brabants Dagblad bestelde ik foto’s van kunstwerken graag bij Potters. Naast het presenteren van een geheel op een manier waarvan je denkt ‘zo moet dit onderwerp gepresenteerd worden’ is hij geneigd op details in te gaan die naast het uitvergroten van de werkelijkheid soms een heel nieuwe wereld tonen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een bepaalde ritmiek die hij ziet in een gebouw of om het naar voren halen van een detail dat vanuit een ander perspectief niet langer onderdeel is van een geheel, maar een heel eigen leven gaat leiden. Wat dat betreft is zijn werk verwant aan dat van Van Melis. Potters ziet elke dag Morena’s, meestal geen mensen, maar zomaar dingen, situaties of details die hij uit de werkelijkheid pikt en waarmee hij daarna omgaat als ware hij een romancier. Zo geeft hij onooglijke dingen zijn eigen verhaal mee, waardoor ze niet meer onooglijk zijn.

Foto’s uit het Instagramdagboek van Ernest Potters

Sommige van de foto’s die hij bij Luycks Gallery toont, komen uit het Instagramdagboek dat Potters sinds enkele jaren bijhoudt. Door daarbij geen grote camera met allerlei lenzen te gebruiken, maar een mobieltje waarmee hij zogenaamd staat te klungelen, kan hij ongemerkt foto’s maken in de openbaarheid. Door zijn oog zien wij vervolgens ons eigen alledaags geploeter in rake beelden. Geen anekdotes die de werkelijkheid vangen, maar rake en mooie suggesties van een parallelle, beeldende werkelijkheid die de fotograaf creëert.

Ernest Potters geeft onooglijke dingen zijn eigen verhaal mee, waardoor ze niet meer onooglijk zijn.

Van Melis en Potters, een kijk op de wereld die volstrekt autonoom is, een benadering van de samenleving die voorbijgaat aan de waan van de dag. Maar dat niet alleen, ze brengt ook de fantasie van de kijker op gang. Was ik al niet aan het fantaseren over de voorouders van Morena? Zo kan ik het ook bij beelden van Ernest Potters. Het zijn niet zomaar fotografische handigheidjes, maar in al hun bescheidenheid ontregelingen van de maatschappij door iemand die er zich niet aan wenst aan te passen. Net als Van Melis zegt hij ‘jullie denken dat het zo zit, maar ik zie het zo’. En die nieuwe wereld suggereert meer spanning dan de alledaagse werkelijkheid.

‘X-mas crackers’, duo-epositie te zien t/m 16 januari 2022 in Luycks Gallery, Nieuwlandstraat 31 in Tilburg. Zie voor de openingstijden: https://luycksgallery.com.

© Brabant Cultureel 2021

Reacties (1)

  1. Jan Doms schreef:

    Dag Jace,
    Gelukkig is er nog iemand die de moeite doet om een recensie te schrijven als er in Tilburg kunst te zien is die niet in de mainstream meeloopt en een beschouwing wijdt aan kunstenaars die een geheel eigen universum in hun werk laten zien. Daar kan het Brabants Dagblad nog van leren. Die denken immers al geruime tijd dat kunst niet voor hun lezers van belang kan zijn. Zelfs de nieuwe Nederlandse staatskunst, gefinancierd door aan de overheid gelieerde staatsfondsen zoals het Mondriaan Fonds, nagevolgd door zogenaamde makers-fondsen op lokaal niveau, blijft buiten de monitor van dit ‘jarige’ dagblad.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.