Muzikant Jeroen Kant, ouder en wijzer, vindt zijn inspiratie op een boot in de Biesbosch

Zijn nieuwe elpee is een ode aan de Biesbosch en aan het vrije leven. Jeroen Kant schreef en produceerde hem en nam hem op in de Biesbosch, op zijn boot. De titel is dan ook ‘Water’. Een interview met een muzikant die vooral de vrijheid verkiest en dingen doet waar hij gelukkig van wordt.

door René van der Velden (tekst) & Kees van Dongen (foto’s)

Jeroen Kant (Woudrichem 1982) besloot op zijn vijftiende voor de muziek te gaan leven. Terwijl zijn vrienden afhaakten en kozen voor huisje-boompje-beestje, bleef Kant bij zijn besluit. Nu is hij bijna veertig en leeft hij nog altijd voor de muziek. Zijn levenswandel heeft hem naar een boot in de Biesbosch gebracht. Het werd de inspiratiebron voor zijn zevende album dat in november wordt gepresenteerd met een concert in het Biesboschmuseum.

Wat deed je in de coronatijd? Een veelgestelde vraag aan iedereen, maar vooral aan artiesten die het van dicht op elkaar gepakte mensen in een zaal moeten hebben. Jeroen Kant zag ook zijn inkomsten wegvallen. Hij zegde de huur van zijn huis in Tilburg op en trok bij zijn ouders in. Scheelde hem een slok op een borrel. Vervolgens kocht hij een gammele boot van zijn ouders die hij ‘met honderden uren werk’ eigenhandig ombouwde tot ‘drijvend paleis Armadillo’’ Die naam staat voor gordeldier, een beest dat vookomt in Austin Texas, favoriete stad van Kant en zijn vriendin, maar daarover later meer.

Jeroen Kant: “Voor mijn vijftiende verjaardag kreeg ik een gitaar van mijn ouders. Sindsdien wist ik dat ik muzikant wilde worden en heb ik mijn muzikale hart gevolgd.”

Dat bootje dus, dáár hebben we afgesproken. Het ligt in jachthaven Van Oversteeg aan de Spieringsluis in Werkendam. Kant – bebaard, grote bril en blote voeten in slippers – opent het hek voor ons. Björn van der Doelen, oud-voetballer van PSV en nu muzikant, is net weg. Ze hebben samen zitten spelen op de voor een paar uur tot studio omgedoopte boot. We zitten nog maar net met de kat Muchacho in de knusse kajuit of Kant heeft zijn boot al uit de jachthaven gemanoeuvreerd. Binnen tien minuten zitten we in een oase van rust, middenin de prachtige natuur van de Biesbosch.

Zullen we bij het begin beginnen?
“Voor mijn vijftiende verjaardag kreeg ik een gitaar van mijn ouders. Sindsdien wist ik dat ik muzikant wilde worden en heb ik mijn muzikale hart gevolgd. Van mijn toenmalige muziekvrienden bleef ik als enige over. Een voor een haakten zij af, terwijl ik dacht dat het voor het echie was. Ik heb wel eens gewerkt in een bedrijf waar mensen meer dan veertig jaar hetzelfde deden; daar word ik diep ongelukkig van. Op het conservatorium in Rotterdam ben ik helemaal in de blues gedoken. Ik nam zangles en ben zelf liedjes gaan schrijven. Ik heb inmiddels zes albums gemaakt met verhalende teksten, maar ook een paar knallende bluesplaten omdat ik het wel eens beu ben om met mijn akoestisch gitaartje tegen het geroezemoes op te spelen.”

Wie zijn je voorbeelden?
“Jimi Hendrix, Muddy Waters, Jimmy Vaughan, Eric Clapton, eigenlijk vooral gitaarhelden. Hoewel ik zelf in het Nederlands zing, luister ik vrijwel geen Nederlandstalige muziek. Maar ik vind wel dat Gerard van Maasakkers, J.W. Roy, Daniel Lohues en Alex Roeka hele toffe dingen hebben gemaakt. Ik luister alleen Amerikaanse muziek: J.J. Cale, Townes Van Zandt, Ryan Adams, de meesten zijn dood.”

Het bevalt me goed hoe ik nu in het leven sta, ouder en wijzer

Jeroen Kant won vijf jaar geleden de Vlaamse Nekkaprijs en tien jaar geleden de publieksprijs van de Grote Prijs van Nederland. Toch is de ‘grote doorbraak’ uitgebleven, hoe ga je daarmee om?
“Kijk, ik wil wel volle zalen en een theatershow en ik heb ook altijd gedacht dat dat ooit wel zou gaan gebeuren, maar ik ben er niet meer mee bezig. Volgend jaar word ik veertig en die jonge eigenwijsheid is eraf. Die drive is er niet meer en dat is veel ontspannender. Het bevalt mij goed hoe ik nu in het leven sta, ouder en wijzer. Ik vind het supertof als mensen me vragen om te spelen en ik heb nu net weer een plaat gemaakt. Vind ik ook supertof. Maar ik ga geen energie meer besteden aan me druk maken over dingen als een doorbraak. Ik leef goedkoop. Ik geef twee dagen per week gitaarles in De Nobelaer in Etten-Leur en ik geef optredens, daar kan ik goed van leven. Ik wil vrij leven en doen waar ik gelukkig van word.”

Een van je eerste liedjes was ‘Vernieuw je vla met hagelslag’. Op je nieuwste single ‘Schijt aan de wereld, stront in mijn kop’ veeg je de vloer aan met mensen die hun afval dumpen in de natuur. Ben je gaandeweg maatschappijkritisch geworden?
“Ik profileer mezelf niet als geëngageerd artiest, ik probeer niet met mijn liedjes de wereld te verbeteren. Maar vorig jaar was het verschrikkelijk, zoveel afval, heel veel blikjes bier en Red Bull. Als ik ging wandelen, nam ik standaard een vuilniszak en een grijper mee om de rotzooi op te ruimen. Daar is het liedje ‘Stront in mijn kop’ uit voortgekomen.”

“Ik wil vrij leven en doen waar ik gelukkig van word.”

Is er nog meer dan muziek in je leven?
“Ik heb een goed contact met mijn ouders in Sprang-Capelle. Mijn vader heeft bij het opknappen van de boot de elektriciteit gedaan, mijn moeder doet mijn was. Ik heb tien jaar verkering met Judith. We wonen niet samen, nee joh, dan zouden we hartstikke gek worden. Judith en ik zijn beiden muzikant dus we kunnen op dit moment sowieso geen hypotheek krijgen en samen een huis huren is veel te duur. We zouden dan veel meer tijd moeten besteden aan geld verdienen en dan ben je al die vrijheid kwijt. Daar heb ik écht geen zin in. Ik wil naast het optreden, nieuwe muziek maken, administratie, lesgeven en en sociale contacten onderhouden en ook tijd overhouden om gewoon van het leven in de Biesbosch te genieten. Varen, wandelen, kajakken, klussen. En minimaal een dag niks te hoeven.”

Hoe ziet je leven er over tien jaar uit, bijna vijftig?
“Misschien ben ik dan wel aan het zeilen. Ik droom er wel eens over om met een zeilboot op pad te gaan. Zeilen is echt te gek, die rust die je dan in je kop krijgt. Maar Judith is er helaas niet zo van. Ik hoop dan in elk geval wel nog steeds te kunnen doen waar ik gelukkig van word.”

“Ik droom er wel eens over om met een zeilboot op pad te gaan.”

Via crowdfunding hebben bijna honderd mensen ruim vijfduizend euro bij elkaar gebracht voor de zevende elpee van Jeroen Kant. De titel is Water en de elpee draait ook om water. De plaat is in de Biesbosch geschreven, geproduceerd en openomen. De elpee is een ode aan de Biesbosch en aan het vrije leven. Op 27 november 2021 wordt hij tijdens een concert in het Biesboschmuseum gepresenteerd. Toegangskaarten zijn verkrijgbaar via het Biesboschmuseum

www.jeroenkant.nl

© Brabant Cultureel 2021