Een dagpauwoog zwaait iedere ochtend naar de vrouw die van huis gaat

door Herbert Mouwen

Eerste groen

De winter die voorbij is hangt nu als een
vergeten jaargetij in de berken

flets lentelicht glipt tussen de coniferen
door en knipoogt bij een bries

de vogels in de woonwijk tonen coloriet
en hebben noten op hun zang

tjilpende mussen kleuren de voortuinen
en de lanen groener

in een verre hoek van het voorjaar vindt
de man zijn vishengel terug

een dagpauwoog zwaait iedere ochtend
naar de vrouw die van huis gaat

het is wachten op de reiger die aanvliegt
en de kikkers de aftocht doet blazen

Nachtfluweel

In het spinsel van de nacht speelt Charlie
Parker All the things you are

en de man vraagt zich af waarom hij deze
muziek zo indringend vindt

vlammen van fluweel flaneren en dansen
op hoge hakken over de houtblokken 

in de open haard op de messcherpe tonen
van de saxofoon die op hun beurt

de trommelvliezen van de vrouw treiteren
van wie de huivering rijpt

ze loopt naar de koelkast om een fles witte
wijn en wat kaas te pakken

foto’s van de kinderen lachen voor zich uit
maar de nacht geeft geen krimp

Hoos

Sloten achter het woonhuis slokken
het overtollige water op

de berkenbomen in de tuin denken
aan droge voeten

een paard schudt in de wei druppels
regenwater van zich af

dicht langs de winkeletalages aan de
overkant holt een zwerver

de honden willen uitgelaten worden
maar poes laat zich niet zien

een vogelverschrikker vraagt om een
waterdicht regenjack

de kinderen drinken met hun gezicht
naar boven gericht

Herbert Mouwen (Breda 1952) schrijft gedichten, verhalen en toneel. Hij publiceerde de dichtbundels ‘De zon is kapot’ (1991), ‘De handen van de tijd’ (2015) en de verhalenbundels ‘Het verleden lijkt een ver land’ (2003) waarmee hij de Johan Diepstraten Prijs van BN/De Stem won, en ‘De donderdagen’ (2009). In april 2020 verscheen zijn dichtbundel ‘De tuinen en het licht’.

© Brabant Cultureel 2021