Anne Sey biedt met een fietsreisboek een inkijkje in niet-toeristisch Japan

Van Oost-Berlijn via Nederland naar Japan. Alsof dat al niet genoeg avontuur is, doet Anne Sey het fietsend. Een rondreis over het eiland Kyushu met de kennis van de Japanoloog die zij is, met liefde voor het land en de mensen, maar ook met een kritische blik. Het resulterende boek is onderhoudend en informatief en is ook voor toerfietsers herkenbaar.

door Lauran Toorians

Anne Sey groeide op in Oost-Berlijn en besloot al als kind dat zij Japans wilde leren en alles over Japan wilde weten, een land dat toen voor haar volstrekt onbereikbaar was. Met een flinke portie doorzettingsvermogen en het nodige geluk slaagde zij erin aan de universiteit in Oost-Berlijn Japankunde te kunnen studeren. Niet vanzelfsprekend, want de studiekeuze was in het Oostblok niet iets waarin de student veel vrijheid genoot. Precies op het goede moment ‘viel’ de muur en werd het voor Sey mogelijk om haar studie af te ronden met een jaar aan een universiteit in Japan. Zij werd Japanoloog, maar was en is al veel langer Japanofiel en bij vlagen zelfs Japanomaan.

Ontdekkingsreis

De liefde bracht Anne Sey naar Nederland en na verschillende functies en banen maakt zij nu keramiek, geïnspireerd door de verfijnde Japanse voorbeelden. Dat doet zij sinds 2020 in haar eigen atelier in Deursen-Dennenburg (gemeente Oss). Sinds ze haar studies afrondde, bezocht zij Japan meerdere keren, altijd met in haar achterhoofd de verhalen van westerlingen die haar voorgingen op ontdekkingsreis. Japan mag dan lang een gesloten bolwerk zijn geweest, maar al in de zestiende eeuw kwamen er Portugese, Spaanse en Engelse zeelieden aan land die verslag deden van wat zij daar zagen en meemaakten. In 1600 kwamen de eerste Nederlanders en die kregen al snel het alleenrecht om als westerlingen een handelspost te hebben – onder bijzonder strikte voorwaarden.

Anne Sey

Die handelspost, het kleine kunstmatige eilandje Dejima in de haven van Nagasaki, was van 1641 tot 1859 het enige contactpunt tussen Japan en de Westerse wereld. Daarna waren er weer anderen, Amerikanen, Britten, Duitsers, die Japan bezochten, er soms ook langere tijd woonden en erover schreven. In de Dejima-periode bestudeerden Japanners de grote buitenwereld via het Nederlands en de Nederlanders en omgekeerd waren er in de handelsnederzetting geleerden die meer deden dan handel drijven. De beroemdste is Philipp Franz von Siebold (1796-1866) – inderdaad, een Duitser, in Nederlandse dienst – die van 1823 tot in 1830 als arts op Dejima verbleef. Von Siebold bracht een enorme verzameling bijeen: flora, fauna en gebruiksvoorwerpen, eigenlijk alles wat los en vast zat. Grote delen daarvan bevinden zich nu in Leidse musea. Von Siebold is overduidelijk een van de helden van Anne Sey.

Niveaus

En nu is er een reisboek van Sey, een verslag van een lange fietstocht over Kyushu, het zuidelijke eiland waarop ook Nagasaki ligt. En dat reisboek is doorspekt met citaten uit en verwijzingen naar verslagen van eerdere reizigers, tot en met Louis Couperus en Cees Nooteboom. Het boek laat zich daardoor op tal van niveaus lezen. Het is het verslag van een nogal verregende fietsvakantie, geeft een inkijk in de idolatrie die Sey duidelijk voor Japan heeft – al is zij niet te beroerd om ook minpunten aan te kaarten en kritisch te zijn – en laat ons meekijken door de ogen van die vroegere reizigers. Die lijnen zijn in elkaar gevlochten tot een vlot leesbaar en vanzelfsprekend verhaal. Nergens wordt het belerend en nergens is de liefde voor Japan zo overheersend dat het ergerlijk wordt. Het boek is met humor gemaakt.

Foto’s uit besproken boek. Foto’s > Anne Sey.

Het grote voordeel is natuurlijk dat Sey Japans spreekt en al veel van het land weet. Dat opent deuren en geeft haar ook de mogelijkheid om te relativeren waar een doorsnee toerist dat niet zou kunnen. Zo bezoekt zij tweemaal een indrukwekkend kasteel dat nieuw blijkt te zijn. Betonnen reconstructies van oude kastelen die er al lang niet meer waren toen de nieuwbouw kwam, maar die op het eerste gezicht ‘echt’ uitzien. Zij kan ook goed omgaan met het aapjes-kijken dat nog verbazingwekkend vaak voorkomt. Voor veel van de mensen die zij ontmoet is zij de eerste of een van de eerste westerlingen die zij ontmoeten, en dan ook nog eens een die Japans blijk te spreken!

Herkenbaar

Persoonlijk vond ik dit om alle genoemde redenen een leuk en herkenbaar boek. Ook ik bedacht op de middelbare school dat ik Japans wilde gaan studeren. Gelukkig – voor mij – realiseerde ik mij op tijd dat een studie van vijf of zes jaar gewijd aan één taal voor mij niet was weggelegd en uiteindelijk viel de keuze op geschiedenis. Maar wel met een blijvende interesse in Oost-Azië en in taal en taalkunde. Die fascinatie herken ik dus en ook ik las veel vertaalde Japanse literatuur en boeken over de geschiedenis en cultuur van het land, al verschoof de liefde gaandeweg naar China en Centraal-Azië. En ik maakte ook lange fietsvakanties – vooral op de Britse Eilanden, dus minder exotisch – en herken de ervaringen van omgaan met druk verkeer, het weer, het zoeken naar een kampeerplek of andere slaapplaats en alle contacten onderweg. Net als Sey fietste ik meestal alleen.

Foto met bijbehorend bijschrift uit besproken boek. Foto > Anne Sey, beeldbewerking Brabant Cultureel

Voor iemand die opgroeide in een totaal agnostische omgeving valt op dat Sey niet alleen regelmatig aanlegt bij tempels en schrijnen – dat zou elke toerist doen – maar ook bij kerken. Met de eerste Europese bezoekers deed in de zestiende eeuw ook het christendom zijn intrede in Japan, te beginnen op Kyushu en met behoorlijk succes. Begin zeventiende eeuw werd het christendom echter verboden, wat gepaard ging met de meest gruwelijke vervolgingen, en ging de kerk ondergronds. Sey gaat hier niet in detail op in, maar verwijst ernaar waar het tijdens haar reis te pas komt en geeft stukjes en beetjes informatie. Mij viel daarbij op dat zij de schrijver Shūsaku Endō (1923-1996) niet noemt. Zijn historische roman Chinmoku (Stilte), verschenen in 1966, geeft een indrukwekkend beeld van de ondergrondse en vervolgde kerk in het Japan van de zeventiende eeuw. Van het boek verscheen in 1987 een Nederlandse vertaling en het inspireerde Scorcese tot zijn in 2016 uitgebrachte film Silence.

Behalve dat Sey het Japans meester werd, laat Terug naar Japan. Verslag van een ontdekkingsreis ook zien dat zij zich het Nederlands goed eigen heeft gemaakt. Af en toe duikt er nog een germanisme of een al te letterlijk uit het Duits vertaalde frase op, maar wie de herkomst van de auteur niet kent, zou dat misschien niet eens merken. De vele foto’s in het boek (allemaal zwart-wit) zijn eigen foto’s die tijdens de fietsreis zijn gemaakt. Aardig daarbij is dat de onderschriften nooit vertellen wat er op de foto staat. Dat zijn allemaal citaten uit teksten van vroegere bezoekers aan Japan die het sentiment van Sey weergeven. Ze is uiteindelijk niet alleen terug in Japan, maar wil ook terug naar het oude, traditionele Japan dat deze mensen hebben gekend. Anne Sey lijdt aan ‘Fernweh’, zowel in ruimte als in tijd.

Anne Sey, Terug naar Japan. Verslag van een ontdekkingsreis. Soesterberg: Aspekt 2021, 299 pp., ISBN 978-94-6424-082-5, pb., € 22,50.

Uitgeverij Aspekt

Anne Sey

Beeld boven dit artikel: Japanse tekens leren schrijven. Schrijfboekje met oefenpagina’s en probeerblokje. Collectie > Hans Lodewijkx

© Brabant Cultureel 2021