De buitengewone kleurenfotografie van Harry Gruyaert te zien in Helmond

In de Kunsthal van Museum Helmond is – een primeur voor Nederland – een schitterende overzichtstentoonstelling te zien van de Belgische Magnumfotograaf Harry Gruyaert. Kleuren en licht spelen een hoofdrol in het werk van deze grote Europese pionier op het gebied van de kleurenfotografie.

door Joep Eijkens

Over Marokko zijn sinds de vorige eeuw talloze fotoboeken verschenen, maar Maroc van Harry Gruyaert (Antwerpen 1941) vind ik nog altijd verreweg het mooiste. Het verscheen in 1990 en was voor mij meteen ook de eerste kennismaking met deze Belgische fotograaf die beschouwd wordt als dé Europese pionier op het gebied van de kleurenfotografie.

Enige fotoboeken van Harry Gruyaert: ‘Rivages’, ‘Maroc’ en ‘Made in Belgium’ (met tekst van Hugo Claus). Foto > Joep Eijkens

Wie een goede indruk wil krijgen van het oeuvre van deze meester moet naar Helmond waar, voor de eerste keer in Nederland, een overzichtstentoonstelling is ingericht in de Kunsthal van Museum Helmond. Harry Gruyaert – Retrospectief omvat meer dan honderdtwintig fotowerken en biedt tevens de mogelijkheid een boeiende documentaire te zien over leven en werk van de fotograaf die sinds 1982 lid is van het befaamde fotoagentschap Magnum Photos.

Geboorteland

De door Gruyaert zelf samengestelde tentoonstelling is niet chronologisch opgebouwd. Het omgekeerde is eerder het geval. Pas in het laatste deel komen de foto’s aan de orde die Gruyaert maakte in het begin van zijn carrière in België. Foto’s uit de jaren zeventig in zwart-wit die er vooral op gericht lijken de vreemde, zo niet absurde kanten van zijn geboorteland te laten zien. Daar zijn diverse foto’s bij van carnavalsvierders en deelnemers aan processies, maar bijvoorbeeld ook een Gary Winogrand-achtige foto van een op de rug gezien ouder echtpaar dat in een dierentuin staat te kijken naar ijsberen.

Kermis in Boom, België, 1981. © Harry Gruyaert / Magnum Photos

Gruyaert heeft niet lang in zwart-wit gefotografeerd. Het was in 1976 de spraakmakende tentoonstelling William Eggleston’s Guide in het MoMA in New York die hem op het pad van de kleurenfotografie zette. Of misschien moet je zeggen: definitief zette. Want toen hij in 1969 voor de eerste keer van zijn leven in Marokko kwam, fotografeerde hij al in kleur – net zoals gewone toeristen doen. Hij ontdekte er, zoals hij het zelf uitdrukte ‘een perfect samenspel tussen vormen, kleuren, alledaagse bezigheden en de natuur’.

“Very few people got involved in color in a personal way. But then I went to New York for the first time and I experienced Pop Art. These paintings by Warhol and Lichtenstein helped me to look at color in a different way, to stop being a snob and to use its vulgarity.”

En in 1972, tijdens een verblijf in Londen, werkte hij aan een fotoserie die TV-Shots is gaan heten. Met een selectie uit die serie eindigt ook de overzichtstentoonstelling in Helmond. Het gaat om foto’s die Gruyaert maakte van kleuren-tvbeelden van ondermeer de Olympische Spelen in München en de maanvluchten van de Apollo. Het zijn onscherpe foto’s met vreemde en verzadigde kleuren en een grafische karakter die aan zeefdrukken of neonkunst doen denken.

Beeldelement

Een andere fotograaf was wellicht hierna de weg ingeslagen van de beeldende kunst. Niet zo Harry Gruyaert, gelukkig. Hij trok de wijde wereld in. Gruyaert is een fotograaf die overal schoonheid kan vinden en dan met name in de openbare ruimte van steden en landschappen, Er staan bijna altijd wel mensen op zijn foto’s, maar eerder als beeldelement dan als individueel persoon.

County Kerry, Ireland, 1988. © Harry Gruyaert / Magnum Photos

In het informatieve tekstboekje dat Museum Helmond bij dit retrospectief heeft gemaakt, wordt gesproken over ‘een soort depersonificatie van de personen die in beeld gebracht worden. Het zijn vaak gestalten of silhouetten. Gezichten verborgen door een doek of door een hoed of door een rode ballon, bijvoorbeeld.’ Maar speelt er ook niet iets anders mee? Ik denk dat min of meer herkenbare gezichten zouden afleiden, afbreuk zouden doen aan de combinatie van kleur- en andere elementen, de uit het leven gegrepen compositie, kortom aan het geheel. Zo wordt meer dan eens een passant als het ware opgeslokt door de inktzwarte schaduw van een zonbeschenen straattafereel.

Ook in eenvoudige voorwerpen kan Gruyaert schoonheid zien, of iets intrigerends. Dat illustreert de foto van een rijtje flessen waar mooi licht op valt in een café in de Indiase deelstaat Kerala. India hoort trouwens bij Gruyaerts favoriete reisbestemmingen – of beter; werkgebieden – net als onder meer de VS, Rusland, Egypte, Marokko en Ierland.

Spontaan

In bovengenoemd tekstboekje is ook een stuk gewijd aan Gruyaerts ‘surrealistische kijk op de wereld’. Daarin wordt niet alleen een link gelegd met Belgische surrealisten als René Magritte en Marcel Broodthaers, maar ook met het werk van de Belgisch symbolist James Ensor. ‘Harry Gruyaert brengt net als de surrealisten de samenleving in beeld in ontregelende opnames’, zo lezen we.’Gruyaert ziet plekken en momenten in de stad die plots en ogenschijnlijk onlogisch samenkomen. Combinaties die bedacht lijken of spontaan ontstaan en die zich voor (heel) even aan Gruyaert openbaren en daarna met ons worden gedeeld in de vorm van een foto.’

Portret van Harry Gruyaert op de site Shooterfiles.com > Forrest Walker

Het klinkt mooi, maar hoe waar is deze kunsthistorisch klinkende visie? Zelf vertelde de fotograaf in 2018 tijdens een interview met De Standaard over zijn motieven onder meer het volgende: ‘Ik ben geen journalistiek fotograaf. Ik bedoel niet, ik werk alleen voor mezelf, voor mijn persoonlijk plezier, mijn eigen ontdekking. Ik zoek altijd naar sensualiteit, zowel in licht als in kleur. (…) Het is voor mij essentieel dat het plezier dat ik voel bij het maken van mijn foto’s overkomt bij wie er naar kijkt. En verder heeft iedereen zijn interpretatie. Voor mij gaat beeldende kunst om emotie.’

Verzadigd

Kleuren, licht en schaduw spelen de hoofdrol in zijn werk. Wie de vaak verzadigde kleuren overdreven of ‘niet echt’ mocht vinden, is vermoedelijk nooit op de gefotografeerde plek geweest of heeft daar niet goed gekeken. Of had geen geduld om te wachten op het juiste moment. Maar daarmee is niet alles gezegd. Want Gruyaert lijkt soms inderdaad de kleuren nog rijker of dieper te maken dan ze al zijn.

“In front of a black-and-white photo you try more to understand what is happening between the persons, whereas with color you should immediately be affected by the different tones which express a situation. So… the object and its color are one and the same thing, which by the way is one of the principles of the theory of perception. Form and color are inseparable.”

Bovendien fotografeerde hij in het analoge tijdperk hoofdzakelijk met Kodachrome, dus met materiaal dat op de eerste plaats bedoeld was voor dia’s. De grote scherpte, natuurlijke kleurenweergave en lange houdbaarheid van de kleuren zijn voorname kenmerken. Begin deze eeuw werd de productie van Kodachrome gestaakt en stapte Gruyaert over op digitale fotografie. Dat betekende niet op de laatste plaats dat hij meer mogelijkheden kreeg om kleur en licht weer te geven zoals hij die vastgelegd wilde zien.

Regelmatig wekt hij de indruk op de eerste plaats ‘getriggerd’ te zijn door de combinatie van kleuren. Soms lijkt het hem uitsluitend om kleur te gaan, waardoor zijn foto’s iets abstracts krijgen. Je kunt hem vergelijken met Amerikaanse pioniers op het gebied van de kleurenfotografie zoals Saul Leiter en de eerder genoemde William Eggleston. Maar de foto’s van Gruyaert zijn vaak complexer. Ook na de gebruikelijke museale minuut per foto ben je nog lang niet uitgekeken, zoveel valt erop te zien.

Schilderijen

Foto’s komen soms beter tot hun recht in boeken of tijdschriften dan aan de wanden van een museum. Bij Gruyaert, die diverse interessante fotoboeken publiceerde – waaronder Made in Belgium met teksten van Hugo Claus – blijkt dat meestal niet het geval, zo laat dit retrospectief zien. Zeker als ze flink vergroot zijn, zeg één bij een halve meter, dan krijgen de foto’s nog meer kracht. Foto’s uit de serie Rivages (ofwel Kustlandschappen) hebben de uitstraling van schilderijen. Kijk alleen al naar de magistrale, bijna monochrome prent van de dreigende wolkenluchten boven de Baai van de Engelen in Nice, 1988. Soms doet de grofkorreligheid van de afdruk zelfs pointilistisch aan. En een foto van de luchthaven van Las Vegas riep bij mij direct Edward Hopper in gedachten.

Las Vegas airport, Nevada, USA, 1982. © Harry Gruyaert / Magnum Photos

In de tentoonstelling zijn overigens niet alleen foto’s te zien. Er zijn ook de digitale diapresentaties Last Call (foto’s van internationale vliegvelden met ‘minimalistische muziek’ van Hifiklub), Irish Summers en de dubbelprojectie Made in Belgium (foto’s uit de periode 1970-90 met muziek van Gruyaerts geliefde accordeonist Tuur Florizoone).

Uitgeschoten

Wie daarna nog zin en tijd heeft, moet zeker in de benedenzaal de mooie documentaire gaan zien waarin de nog altijd vitale en nieuwsgierige fotograaf terugkijkt op zijn rijke leven en werken. Er zitten fragmenten in van door zijn vader gemaakte familiefilmpjes uit de jaren veertig, maar bijvoorbeeld ook prachtige foto’s die de laat vader geworden fotograaf zelf maakte van zijn beide dochters – in zwart-wit. Vader op vakantie is niet altijd even leuk, vinden de twee meisjes. En als je Gruyaert ziet lopen en rennen met zijn camera in de aanslag terwijl de familie in de auto moet wachten tot pa eindelijk uitgeschoten is, geloof je hen onmiddellijk.

Al met al is dit retrospectief één van de mooiste fototentoonstellingen die ik de afgelopen jaren gezien heb.

Harry Gruyaert – Retrospectief. Museum Helmond, locatie Kunsthal. Tot en met 28 februari 2021.

www.museumhelmond.nl

© Brabant Cultureel 2020

Citaten Gruyaert > www.shooterfiles.com by f. d. walker > Master Profiles