Een andere wereld is mogelijk: Marinaleda is de utopie van fotograaf Piet den Blanken

Kalm lijkt hij, rustig en bedachtzaam. Maar van binnen woedt een vuur en dat komt er via zijn camera uit. Piet den Blanken (1951), die ook voor Brabant Cultureel werkt, is sociaal fotograaf. In 1983 maakte hij zijn eerste buitenlandse reportage. Hij bezocht toen het Spaanse dorpje Marinaleda, waar de bevolking onder leiding van de charismatische burgemeester Juan Manuel Sánchez Gordillo, een utopisch sociaal-economisch experiment was gestart. Vorig jaar keerde hij er terug.

door Camiel Hamans

“Ik zou liegen, als ik zeg dat ik als fotograaf geboren ben. Mijn wieg stond in Wijbosch, dat is een vlekje bij Schijndel. We woonden tegen het bos aan, nogal buiten. Elektriciteit en stromend water was er niet. Electra kwam toen ik een jaar of negen, tien was. Mijn ouders waren keuterboertjes, echt op zijn Brabants. Zo’n zes tot in het beste geval tien koeien. Dat leefde allemaal op elkaar, op zo’n zeventig tot tachtig vierkante meter, huis en stal bij elkaar. Ik weet nog dat we stromend water kregen. Ik was zo’n jaar of vijftien, misschien zestien. Ik zat op de mulo (nu mavo). Vader en moeder hebben lang aan tafel met elkaar zitten overleggen of we ons een douche in huis konden permitteren. Dan moest er een stuk van de stal af en dat betekende anderhalf tot twee koeien minder. En dus nog minder inkomen. Een aansluiting op het riool is er pas in deze eeuw gekomen.”

Het sportcomplex in Marinaleda in 2019. Foto > Piet den Blanken

Laborant

“De hoofdonderwijzer op de lagere school overtuigde mijn ouders dat ik verder moest leren. Dat werd de mulo in Schijndel en daarna scheikunde op de hts in Eindhoven. Vijfentwintig kilometer heen, vijfentwintig kilometer terug. Vijf jaar lang, op de fiets, elke dag. ’s Ochtends en ’s avonds een uur en een kwartier. Ik studeerde op een beurs. Op mijn eenentwintigste was ik klaar. Ja, inderdaad, als het zou moeten, mag ik ing. achter mijn naam zetten. Na je studie moest je in militaire dienst, maar ik begon politiek en maatschappelijk bewust te worden. Dus weigerde ik. Dat betekende niet dat je meteen aan je vervangende dienstplicht kon beginnen, dat duurde een tijd. Anderhalf jaar in mijn geval. Dus had ik een baantje nodig. Bij het Brabants Dagblad in Den Bosch hadden ze voor de donkere kamer een laborant nodig. Puur technisch werk. Met mijn scheikundeachtergrond was dat wel wat voor mij.”

Pagina uit het blad “Bondig” van de Voedingsbond FNV, het blad publiceerde in 1983 de reportage van Piet den Blanken over landarbeiders in Andalusië.

“Bij de krant viel het kwartje. Ik zag daar hoe mensen hun maatschappelijke interesse konden combineren met hun werk. Er ging een wereld voor me open toen ik kennis maakte met de journalistiek en de fotografie. Ik heb mij toen aangemeld voor de fotovakopleiding in Apeldoorn. Dat was een combinatie van werk en school. Bij het Brabants Dagblad kon ik in de weekends af en toe inspringen bij de sport en foto’s maken van wedstrijden. Mijn vervangende dienstplicht heb ik vervuld bij de botanische afdeling van het Instituut voor Oecologisch Onderzoek (IOO) op Voorne-Putten Toen ik daarmee klaar was, waren de technische afdelingen van het Brabants Dagblad naar Best verhuisd en samengevoegd met die van de andere kranten van de Brabant Pers. Ik had dus geen baan meer.”

Documentair fotograaf Piet den Blanken. Foto > Joyce van Belkom

Kritiese Filmers

“Het was mijn ambitie om fotograaf te worden, dus zocht ik een tijdelijk baantje. De laboratoriumschool in Breda had een vacature, lesgeven in scheikunde op mbo-niveau gecombineerd met een aanstelling als practicumassistent op hbo-niveau. Dat werd een faliekante mislukking. Ik bleek volstrekt ongeschikt voor het onderwijs. Na een jaar werd ik dus werkeloos, maar wilde wel wat om handen hebben. Ik meldde me daarom als vrijwilliger bij Bob Entrop en zijn collectief van Kritiese Filmers, een groep die uit de toenmalige filmopleiding van de Bredase Academie St. Joost is voortgekomen. Ik kon daar dia’s maken. In 1977/’78 dorst ik de stap aan en heb ik mij op de fotojournalistiek gestort. Ik ben freelance begonnen, en dat trouwens altijd gebleven, en bood mijn foto’s aan bij kranten en tijdschriften. Mijn eerste grote reportage ging over de gemeenteraadsverkiezing van 1978 in Breda. Die is twee jaar geleden opnieuw geëxposeerd in het stadskantoor van Breda.”

Suikerbietenoogst in 1983 in Andalusië. Foto > Piet den Blanken

“Het ging eigenlijk al heel snel heel goed. Er was een vrachtwagenstaking waar ik heen ging en een hele serie foto’s van maakte. Wie die hebben wilde, wist ik eigenlijk niet zo goed. Dus ging ik naar de bibliotheek en zocht via het Handboek Nederlandse Pers waar ik deze foto’s misschien kwijt kon. De vervoersbond bleek een blad te hebben en dat wilde dit materiaal graag hebben. Van de vervoersbond, kwam ik bij de voedingsbond en vervolgens bij de industriebond. Ik heb veel voor de bonden gedaan, altijd wel Nederlandse vakorganisaties.”

2019. Wieden van brocoliplanten op de coöperatie El Humoso. Foto > Piet den Blanken

“Zo kwam ik langzamerhand in de positie dat ik zelf kon bedenken wat ik wilde fotograferen. Dat was in mijn tijd bij het Brabants Dagblad anders; daar was je toch meer de loopjongen van de redactie. Zij bepaalden waar je heen moest en wat je moest vastleggen. Toen ik wat vaker voor de bladen van de bonden begon te werken, gebeurde daar hetzelfde. De redacties maakten hun keuzes en zochten daar dan een fotograaf bij. Ondanks het feit dat mijn hart bij deze onderwerpen lag, wilde ik toch meer zelf de thema’s kunnen bepalen. Helemaal lukte dat niet. Ik heb lang opdrachten en vrij werk gecombineerd. Dat vrije werk bood ik dan weer aan redacties aan. Vaak met succes.”

Suikerbietenoogst in 1983 in Andalusië. Foto > Piet den Blanken

Spanje

“Het moet 1983 geweest zijn, dat ik op de radio een verhaal hoorde over dagloners in het zuiden van Spanje. Gerrit Jan Hoek, toentertijd correspondent voor de actualiteitenrubriek van de Vara, Dingen van de Dag, was naar Marinaleda gegaan, een dorpje tussen Sevilla en Malaga waar de bevolking zelf het heft in handen had genomen en onder leiding van een activistische burgemeester probeerde landerijen van een grootgrondbezitter in handen te krijgen om daar zelf een coöperatie te starten.”

2019. Wieden van brocoliplanten op de cooperatie El Humoso. Foto > Piet den Blanken

“Die reportage van Hoek maakte wat los bij me. Van zo’n initiatief wilde ik meer weten. Misschien zat daar wel een fotoreportage in. Ik belde Hoek op en die was meteen positief: kom maar langs, dan praat ik je bij. Dat heb ik gedaan en vervolgens ben ik doorgereden naar het zuiden, naar Andalusië. Dat werd mijn eerste buitenlandse reportage, mijn serie dagloners uit Marinaleda. Er zijn er vele gevolgd: Zuid- en Midden Amerika, de Balkan, Oekraïne, Rusland, Griekse eilanden met de vluchtelingenkampen. Noem maar op. Ik heb het geluk gehad dat ik de jaren meegemaakt heb dat het financieel goed ging bij de kranten en dat er aandacht was voor fotojournalistiek. Nu zijn die gouden jaren helaas voorbij.”

Burgemeester en activist Juan Manuel Sánchez Gordillo tijdens een dorpsbijeenkomst in het vakbondsgebouw van de SOC (landarbeidersvakbond Syndicato de Obreros del Campo), 1983. Foto > Piet den Blanken

Burgemeester

“Nu ben ik terug gegaan naar Marinaleda. De burgemeester Juan Manuel Sánchez Gordillo (1949) is in mei 2019 voor de elfde keer herkozen. Hij is in feite de leider en de inspirator van het experiment. Zijn gezondheid is niet meer wat die geweest is. Anderhalf jaar geleden heeft hij een hersenbloeding gehad. En hij heeft de verkiezingen vorig jaar ook nog maar met een krappe meerderheid gewonnen. Dus als ik hem nog een keer aan het werk wilde zien, moest ik nu gaan, bedacht ik. En ik wilde zien wat er bereikt is, de overeenkomsten en verschillen vastleggen.”

2019. Burgemeester Juan Manuel Sánchez Gordillo in het gemeentehuis van Marinaleda. Foto > Piet den Blanken

“Marinaleda is een experiment, een stap op weg naar een utopie en daar is niets belachelijks aan. Juan Manuel stelt dat je een utopie niet als een hersenschim moet zien, maar als een van de edelste dromen die mensen kunnen hebben. Ik ben het daar wel mee eens. Hij heeft zich in 1979 voor het eerst kandidaat gesteld voor het burgemeesterschap van Marinaleda, een dorpje waar zo’n 2700 mensen leven. Tot zijn pensionering was hij, naast het burgemeesterschap, leraar geschiedenis in een belendend plaatsje. Toen hij jong was, vertelde hij, was het een en al werkeloosheid in Marinaleda. En niet alleen daar. Het was en is een doodarme streek. De mannen trokken als gastarbeiders naar Zwitserland, Frankrijk en Duitsland of als een soort hannekemaaiers naar streken waar geoogst werd. Twee maanden naar het noorden voor de tarwe, dan even naar de Rioja voor de druiven en daarna terug voor de olijven en de rest van het jaar niets, honger, armoede en uitzichtloosheid.”

In 1983 administreert dagloner en vakbondsactivist Felipe Torres Quirós de werkloosheidsbijdragen voor dagloners zonder werk. Foto > Piet den Blanken

“Er waren wel voldoende landerijen in en rond het dorp, maar die waren in handen van grootgrondbezitters. De hertog van Infantando bijvoorbeeld, een adellijke titel die teruggaat op de vijftiende-eeuwse Los Reyes Católicos, Ferdinand en Isabella. De hertog gedroeg zich ook alsof hij nog in de late middeleeuwen leefde. Hij was de baas over zijn twaalfhonderd hectares en hij bepaalde wat daarmee gebeurde. Hij alleen. Niet dat hij ooit kwam kijken. Hij leefde zelf comfortabel, ver weg en was alleen geïnteresseerd in een zo hoog mogelijke opbrengst. Dus werden er gewassen geteeld die machinaal gezaaid en geoogst konden worden, tarwe bijvoorbeeld. Daar heb je weinig mensen voor nodig, en dan nog maar gedurende een paar weken per jaar.”

Felipe Torres Quirós tijdens de olijfoogst van 2019. Foto > Piet den Blanken

Che Guevara

“Sánchez Gordillo pikte dit niet meer. Hij heeft een achtergrond in de vakbeweging die in dat gebied van oudsher anarchistisch geïnspireerd is. Na de dood van Franco, in 1975, stak dit linkse anarchisme dat in de Spaanse Burgeroorlog het onderspit heeft gedolven in deze regio weer de kop op. Gecombineerd met een forse vleug marxisme en met revolutionair elan wist Juan Manuel dit tot een programma te smeden waarmee hij in 1979 de verkiezingen won. Tot zijn eerste daden behoorde het omdopen van straten en pleinen, de Francostraat werd omgedoopt tot Allendestraat en de Muñoz Grandes werd hernoemd naar Che Guevarra, de held van Sánchez Gordillo. Guevara’s portret hangt sindsdien ook prominent in de raadszaal.”

Dagloner en vakbondsactivist Felipe Torres Quirós, links in 1983, rechts in 2019. Foto Piet den Blanken

“Maar met zijn verkiezingsoverwinning was hij er niet, want als burgemeester kun je weinig doen als de grootgrondbezitters en hogere autoriteiten niet meewerken. Dus ging hij het dorp voor in acties: in 1980 een hongerstaking met zevenhonderd mensen om de staat te dwingen de armen toe te staan olijven te oogsten op een afgesloten, naburig landgoed. In 1984 een bezetting van een waterrijk gebied om irrigatie af te dwingen, blokkades van de vliegvelden van Malaga en Sevilla, een mars op Madrid, enzovoorts. In 1991 kwam het eerste grote succes. De regio kocht de landerijen van de hertog voor een nooit openbaar gemaakt bedrag en stelde het ter beschikking aan de coöperatie van Marinaleda, El Humoso.”

Burgemeester Juan Manuel Sánchez Gordillo van Marinaleda, links in 1983, rechts in 2019. Foto’s > Piet den Blanken

“Omdat die coöperatie niet in eerste instantie op winst gericht is, maar op werkgelegenheid, worden er naast olijven ook gewassen en groentes verbouwd waarbij veel handen nodig zijn: artisjokken, broccoli, tomaten, paprika’s en bonen. Dit zijn producten die ofwel meteen verkocht en geconsumeerd moeten worden of geconserveerd. Dus heeft de coöperatie ook een conservenfabriekje opgericht. Niet het hele dorp kan werk vinden op El Humoso. Zo’n tien procent in totaal heeft er een vaste baan. Daarnaast is er seizoensarbeid; ploegen, zaaien en oogsten. De werknemers daarvoor zijn in ploegen ingedeeld en ’s avonds rijdt er een geluidswagen door het dorp, zoals je die ook wel hebt voor rondtrekkende circusjes, en die kondigt aan dat de arbeiders van Groep B morgen daar en daar verwacht worden.”

Dagloners in Marinaleda in 1983. Foto > Piet den Blanken

Coöperatie

“Iedereen die bij de coöperatie en het dorpsbestuur betrokken is, verdient hetzelfde, een twaalfhonderd euro per maand, maar daarvoor word je ook verwacht regelmatig voor niks op de Rode Zondagen gemeenschapswerk te verrichten. Het beleid van het dorp wordt bepaald in regelmatig gehouden openbare dorpsvergaderingen. Daar wordt vastgesteld waar de middelen die van de centrale en regionale overheid komen en de opbrengst van de coöperatie voor gebruikt worden. Niet voor de drie agenten waar het dorp volgens de landelijke normen recht op heeft, maar aan een medisch centrum, speelplaats, straatverlichting, crèche, bejaardenverzorging, asfalt en dergelijke meer. Marinaleda is als een oase in de woestijn en heeft het laagste werkeloosheidspercentage van de hele streek.”

Lunch tijdens de olijfoogst van 2019 op de landbouwcoöperartie El Humoso. Foto > Piet den Blanken

“De droom van Sánchez Gordillo stopt niet bij werkgelegenheid en gelijkheid. Ook wonen vindt hij een recht, vooral betaalbaar wonen. Dat is op dit moment in Spanje, met zijn massale huisuitzettingen wegens hypotheekachterstand een groot probleem. In Marinaleda bouwen de mensen zelf. De gemeente stelt grond, materialen, een bouwtekening en een specialist voor loodgieterswerk en voor elektra ter beschikking, vervolgens gaan de toekomstige eigenaren zelf aan het werk. Hoe meer uren je er zelf in stopt, hoe meer je terugverdient van de kosten die de gemeente voor je maakt. Aan het eind houd je een kleine schuld over en die betaal je met een goede vijftien euro per maand af. Maar je mag het huis niet verkopen. Het mag doorgegeven worden aan je kinderen en als dat niet kan, gaat het terug naar de gemeenschap.”

Dorpsbijeenkomst in het vakbondsgebouw van de SOC (Syndicato de Obreros del Campo) in Marinaleda, 1983. Foto > Piet den Blanken

“Zijn grootste bekendheid heeft Sánchez Gordillo echter verkregen na de eurocrisis van 2008. Overal in Spanje verloren mensen hun baan, werden mensen uit hun huizen gezet en hadden zij niet te eten. Als een echte Robin Hood overviel Juan Mañuel supermarkten en deelde voedsel uit aan behoeftigen. Het leverde hem enorme publiciteit op, maar ook processen en veroordelingen.”

Dorpsbewoners bekijken de foto’s uit 1983 in de hal van het gemeentehuis in Marinaleda. Foto > Piet den Blanken

Vrede

“Marinaleda ben ik na mijn bezoek in 1983 blijven volgen. Daarom wilde ik, toen ik hoorde dat Juan Mañuel nu misschien voor de laatste keer burgemeester is, teruggaan. Ik wilde zijn droom vastleggen. Wat mij meteen opviel, is dat de portretten van Lenin, die ik in 1983 fotografeerde op de muren, weg zijn. Maar die van Che Guevara domineren het straatbeeld nog steeds, samen met revolutionaire leuzen. Op het gemeentehuis, op de dorpsschool en het sportcomplex staat in grote letters Marinaleda, una utopia hacia la paz, een utopie op weg naar de vrede, het motto van het dorp.”

Sociale woningen in Marinaleda zijn door de bewoners zelf gebouwd met steun van de gemeente. Foto > Piet den Blanken

“Ik had de foto’s van de vorige keer bij me. Sommigen herkenden zichzelf, anderen bleken overleden. Juan Mañuel, die op de foto’s van veertig jaar geleden jong, vitaal en krachtig is, blijkt nu een halve invalide. Iedereen wilde de foto’s zien. Hoe het geweest was en wie er toen bij waren. Wat er veranderd is en wat niet. Met Felipe Torrez Quiros, een dagloner, die indertijd als vrijwilliger administrateur van de vakbond was en regelaar van de sociale voorzieningen, ben ik meegegaan olijven oogsten. Dat gaat nog steeds op dezelfde manier. Vrouwen leggen grote netten op de grond neer en mannen slaan met stokken tegen de takken, zodat de olijven naar beneden vallen. Daar is nu wel een trilmachine bij gekomen die de stam schudt, maar stokkenwerk blijkt nog steeds nodig. De vorige keer dat ik er was, heb ik de olijvenoogst niet kunnen fotograferen. Ik was er in een andere tijd van het jaar en toen heb ik de suikerbietenoogst meegemaakt.”

2019. Gepensioneerden in het dagverblijf voor ouderen (hogar de ancianos) in Marinaleda. Foto > Piet den Blanken

“Marinaleda is zeker niet mijn laatste reportage, maar wel de enige die ik na zo’n veertig jaar heb kunnen herhalen. Als ik de foto’s van beide reizen naast elkaar leg, zie ik dat Juan Mañuel gelijk heeft: Otro Mundo es Possible, een andere wereld is mogelijk.”

Straatnaam in Marinaleda, andere straten heten Paz (Vrede), Mgr. Oscar Romero, Libertad (Vrijheid), Pablo Neruda, Igualdad (Gelijkheid), Salvador Allende, Union Obrera (Vakbond) en, natuurlijk, Ernesto Che Guevara. Foto Piet den Blanken

www.denblanken.com

www.marinaleda.com

© Brabant Cultureel 2020