Atelierbezoek: Martin Peulen schildert, zingt en maakt performances

Martin Peulen (1955) is een veelzijdig kunstenaar. Behalve dat hij schildert op alles wat los en vast zit, voert hij ook performances uit en zingt hij onder andere klassieke liederen. In zijn atelier in Waspik vertelt hij hoe hij vrije expressie afwisselt met gedisciplineerd bezig zijn. Af en toe onderbreekt hij zijn verhaal met gezang.

door Irma van Bommel

In 1980 studeerde Martin Peulen af aan St. Joost in Breda, in de richting monumentale vormgeving en vrij schilderen. Voor de kunstopleiding is hij vanuit Tegelen naar Breda verhuisd, waar hij tot 2009 heeft gewoond. Toen verhuisde hij naar Waspik waar hij sinds 2012 zijn atelier heeft in ‘Het Speelhuis’. In de ruimte waar vroeger de harmonie oefende, is nu een atelier voor vrijetijdsschilders. Achterin bevindt zich het atelier van Martin Peulen.

Martin Peulen werkt op de grond. Je moet dus goed kijken waar je loopt. Foto > Piet den Blanken

Naakt

Peulen ging destijds naar de academie om naakt te leren schilderen en portrettekenen. “Grote doeken maakte ik. Ik vroeg een vriendin, die gewend was voor beeldhouwers te poseren, als model.” Nu staat er ook een naaktportret in zijn atelier. “Het is een opdracht voor een vriend.”

Martin Peulen ging naar de kunstacademie om naakten te leren schilderen en dat doet hij nog steeds. Foto > Piet den Blanken

“Ik werk veel op de grond. Ik vertrek vaak vanuit lijnen, soms vanuit een kleurvlek.” Peulen werkt intuïtief, maar dat woord wil hij zelf niet gebruiken. Hij gaat gevoelsmatig te werk. “Ik schilder wat in mij opkomt.” Hij gebruikt acryl, krijt en een Japans penseel, met lange haren. “Ik laat de lijn spelen. Zo ontstaan figuren. Beweging is een van de essentiële dingen. Ik werk ook wel op opgespannen doeken, maar dat geeft een andere touch. De grote doeken laat ik telkens even liggen. Het is steeds zoeken: hoe nu verder? Grote vlakken hebben spanning nodig, gelaagdheid. Als ik het helemaal niet meer weet, ga ik schrijven. Dat kan een onsamenhangende tekst zijn, waar toch weer een verhaal uit voortkomt. Soms gaat het schrijven over in een fantasiehandschrift.”

Bij de oudste kunstenaarsboeken ging het vooral om de vorm. Later verschoof de aandacht van de kunstenaar naar de inhoud. Foto > Piet den Blanken

Daarnaast maakt hij ook hele ritmische werken, vaak met rijen mensfiguren of een combinatie van mensfiguren en andere organische vormen met abstracte patronen zoals cirkels. Iemand vergeleek deze ritmische werken met Jazz.

De kunstenaar wisselt vrije expressie (boven) af met ritmische werken (onder). Foto > Piet den Blanken

Moeder

De laatste tijd heeft hij ook veel thuis gewerkt en maakte als gevolg daarvan veel kleiner werk. “Ik was ook weer met patronen bezig, en met ‘boeken’.” Daarbij maakt hij onderscheid tussen kunstenaarsboeken en schetsboeken. Hij toont een aantal schetsboekjes. “Op reis ben ik altijd bezig met het maken van tekeningen. Ook maakte hij tekeningen van zijn moeder. Zelfs een naaktportret maakte hij van haar. Tijdens het maken van deze naaktstudie had hij operamuziek opgezet, waar ze beiden van houden. Dat schiep een band. “Het zingen heb ik van haar. Mijn vader is jong overleden, maar hij kon ook goed zingen.” In het schetsboekje heeft hij ook een studie van zijn overleden moeder opgenomen.

Martin Peulen. Foto > Piet den Blanken

Peulen studeerde klassieke zang bij een zangpedagoge. Iedere dag studeren vereiste een behoorlijke discipline en dat vormde een groot contrast met zijn vrije schilderwerk. Maar ook in de schilderkunst kan hij gedisciplineerd bezig zijn, als hij met zijn ritmische werken bezig is. Hij oefent zich in het tekenen en schilderen met de linkerhand. Dat was aanvankelijk uit nood geboren omdat hij zijn rechterhand verwondde bij een valpartij. Sindsdien tekent hij heel gedisciplineerd iedere ochtend in ‘My left-handed diary’. Hij tekent op een aquarelblok (van 30 bij 40 cm) een cirkel, een soort mandala. Eens in de twee dagen schrijft hij daar wat tekst bij. Een echt dagboek dus. Hij heeft al plannen om deze bladen te laten fotograferen en als boek uit te geven.

Talloze kunstenaarsboeken maakte Peulen. Daarvoor gebruikte hij vaak bestaande, gedrukte boeken als basis. Zijn kunstwerken gaf hij gemakshalve de titel van het bestaande boek mee. Foto > Piet den Blanken

Unica

Zijn kunstenaarsboeken zijn stuk voor stuk unica. Via een galerie in Amsterdam verkocht hij een aantal kunstenaarsboeken aan particuliere verzamelaars en musea. De eerste kunstenaarsboeken maakte hij vanuit de vorm. Deze boeken waren in 1985 te zien in een expositie in het Centrum voor Beeldende Kunst De Beyerd in Breda. Later verschoof zijn aandacht meer naar de inhoud en ging hij bladzijden in bestaande boeken dubbelzijdig beschilderen. Per boek hield hij stijl en thema consequent vol. Vaak gaf hij het resultaat als titel de bestaande titel van het oorspronkelijke boek mee.

Ook dit is een kunstenaarsboek, met gevouwen bladen. Foto > Piet den Blanken

Zo maakte hij een boek met series van rijen die een filmisch verloop laten zien, als van een animatie. Of van mensfiguren met lijnen die patronen vormen, waardoor een soort energieke, chaotische choreografie van een dans ontstaat. Een van de kunstenaarsboeken bestaat uit een serie portretten van mensen met een verstandelijke beperking. Bijzonder is dat hij de portretten uit zijn hoofd heeft geschilderd nadat de oorspronkelijk serie verloren was gegaan. Ook heeft hij puur abstracte boeken gemaakt en zelfs een erotisch boek. Maar een stapeltje bijeengebonden A4-tjes kan ook worden gezien als een kunstenaarsboekje. Het betreft zijn ‘verslagen’ van vergaderingen van kunstinitiatief Lokaal 01 in Breda, waar hij destijds met Sef Peeters in zat.

Peulen maakte ook kunstenaarsboeken op groot formaat. Foto > Piet den Blanken

Op een markt kocht hij eens een stapel handgeschept, dik papier, gebonden en voorzien van een omslag van houten planken. Daarin is hij met een Japans penseelstift gaan werken volgens een vast concept van bladvullende patronen die voor structuur zorgen, met daarbinnen een speelse, figuratieve tekening. Het boek, waaraan hij nog werkt, wordt een soort filmische reis door de tijd. Over het algemeen zijn de kleine boeken die hij maakte meer grafisch van karakter en meer precies. En de grote boeken, sommige zelfs met uitvouwbare bladen, tonen meer het vrije schilderwerk.

Peulen maakte ook een erotisch kunstenaarsboek met uitgesneden vormen. Foto > Piet den Blanken

Performances

“In de jaren tachtig heb ik veel fysieke performances gedaan. Ik wilde naar de dansacademie, maar dat bleek niet voor me te werken. Toen ben ik lessen in mime gaan volgen in Antwerpen. Ik heb bijvoorbeeld in De Fabriek in Eindhoven performances uitgevoerd. En op de Markt in Breda heb ik eens drie uur op een lantaarnpaal gezeten, klarinet spelend en gesprekken voerend met langslopend publiek.”

Plotseling klinkt er gezang. Peulen blijkt ook een geoefend zanger. Foto > Piet den Blanken

In 2016 nog is Peulen naar boven geklommen in de watertoren in Breda, bij Electron, met waterzakken als contragewicht. De waterzakken klikte hij vast aan een hesje. Eerder had hij zoiets gedaan met zandzakken, waarbij hij door het lek steken van de zakken naar beneden kwam.

Ik laat de lijn spelen. Zo ontstaan figuren. Foto > Piet den Blanken

“In september (2019) ben ik nog door het Stedelijk Museum Breda, waar ik een van de exposanten was in de expositie Raketstart, gevraagd een performance uit te voeren.” Het museum, dat al een kunstenaarsboek van hem in de collectie had, heeft recentelijk een serie tekeningen aangekocht.

Het idee van een kunstenaarsboek is dat je een thema en een stijl als uitgangspunt neemt en beide consequent volhoudt tot het eind. Foto > Piet den Blanken

www.martinpeulen.nl

© Brabant Cultureel 2020