75 Jaar bevrijd

door JACE van de Ven

Op het land van Heusden en Altena na was heel Noord-Brabant vijfenzeventig jaar geleden rond deze tijd van het jaar nagenoeg bevrijd van de Duitse bezetting. Het begon in het oosten met Market Garden, de geforceerde doorsteek richting Nijmegen en Arnhem. Van daaruit kwamen Midden- en West-Brabant aan de beurt. Iedere stad met zijn eigen verhaal: Eindhoven met zijn bombardement, Breda met zijn Polen en Tilburg met zijn bevrijding op de verjaardag van Peerke Donders.

Vroom als de Tilburgers waren in die tijd wilden zij hun bevrijding zien als een wonder van Peerke, maar het was toch echt de 15e Schotse Infanterie Divisie die er op 27 oktober 1944 de stad binnentrok. Dat binnentrekken deden de Schotten de volgende dag nog eens over, maar toen in kilts en met ‘pipes and drums’. De Tilburgse jeugd, die nog nooit zoiets gezien had, was helemaal overdonderd en speelde vanaf dat moment op straat geen cowboy meer maar Schotje. Lieve moeders hielpen hen door van ouwe lappen quasi Schotse kostuums te maken. De kinderen speelden op kazoos, maar van lieverlee kwamen er ook echte instrumenten en het uiteindelijke resultaat is dat het Tilburgse gezelschap The Dutch Pipes and Drums, dat tegenwoordig het grootste doedelzakcorps van het continent is. De oorlog kent soms onverwachte gevolgen.

De Tilburgse jeugd, die nog nooit zoiets gezien had, was helemaal overdonderd en speelde vanaf dat moment op straat geen cowboy meer maar Schotje.

Of niet. In Haaren en Sint-Michielsgestel zaten uit voorzorg van Duitse zijde honderden vooraanstaande en gestudeerde Nederlanders als gijzelaars opgesloten. Binnen hun gevangenschap was hun betrekkelijk veel toegestaan, zoals het geven van lezingen, colleges en culturele optredens. Het waren mensen van alle gezindten. Door het contact met elkaar en het nadenken daarover – tijdens de oorlog hadden zij daar tijd en aanleiding voor – had bij hen de gedachte postgevat – ik weet dit van iemand die er zelf gevangen had gezeten – dat het zo gauw het vrede zou zijn geworden, het allemaal anders moest gaan. De verzuilde kampen van katholieken en protestanten, liberalen en socialisten moesten niet tegen elkaar maar samen aan de opbouw van een voorbeeldstaat gaan werken. Maar u begrijpt het al, onmiddellijk na 5 mei 1945 betrok iedereen in Nederland weer zijn eigen stellingen.

De oorlog kent soms onverwachte gevolgen.

Vooral in tijden van oorlog dromen de mensen van betere tijden en idealiseren zowel de reële situatie van vóór die oorlog als de virtuele van daarna. De werkelijkheid blijkt steeds prozaïscher. Daarbij komt dat er na een oorlog vooral aangepakt moet worden om van een verwoeste situatie weer een leefbare te maken. Zo lees ik in het onlangs verschenen boekje De bevrijding van het papier van Ed Schilders over publicaties in en rond de oorlog dat bibliotheken in Nederland na de oorlog boeken kregen uit Canadese bibliotheken, omdat veel van hun eigen boeken verdwenen waren en er door papierschaarste de eerste jaren na de oorlog nog niet veel kon verschijnen. Ook kranten waren nog erg dun. Wel verschenen er, om toch iets feestelijks te doen, ter ere van de bevrijding kleurprenten, zoals er tijdens de oorlogsjaren ook al devotieprentjes waren verschenen met schietgebedjes om de V1-’s en V2-’s af te weren. In Tilburg refereerde zo’n prentje aan Peerke Donders met de tekst ‘Heilig Peterke / Gift ’m nog ’n meterke’. In Den Bosch heette het: ‘Onze Lieve Vrouwke / Gift ’m nog ’n douwke’.

Schilders schrijft dat Brabanders ook wel spottende varianten maakten op dit thema.
In Den Bosch zou gepreveld zijn:

‘Gift ’m nog ’n zucht
Dan valt ie wel in Vught’.

In Vught spraken ze:

‘Laat hem los
Boven Den Bosch’.

In Grave werd patrones Elisabeth aangeroepen:

‘Heilige Elisabethje
Geef hem nog een zetje
Stop met zijn geraas
Precies boven de Maas’.

Maar ook wat vileiner:

‘Laat hem dan pas los / In de buurt van Oss’.

In het boekje van Schilders is ook sprake van een dichtbundeltje van vlak na de oorlog, Afscheid van Adolf en Antoon, Hekeldichten. Het zou mogelijk geschreven zijn door L.C. Michels, de hoogleraar die later ook begon met het grote woordenboek van de Brabantse taal. In de beperkte opzet van Schilders’ boekje wordt verder niet op deze hekeldichten ingegaan. Ook elders kon ik er niets over vinden. Jammer, of was het mosterd na de maaltijd en is het nauwelijks gelezen omdat men op dat moment niet wilde omkijken, maar aanpakken en opnieuw beginnen?

Ed Schilders, De bevrijding van het papier. Tilburg: Gianotten Printed Media 2019, 48 pp. ISBN 978-90-6663-098-7, pb. € 9,95.

© Brabant Cultureel 2019

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.