Ton van Reen mengt heden en verleden, fantasie en kritiek tot schitterend vuurwerk

Ton van Reen (Waalwijk 1941) is een schrijver van het engagement. Dat klinkt wellicht ouderwets, want dit is een tijd waarin schrijvers veeleer hun eigen ziel ontleden. Dat probeert Van Reen ook wel, zoals in zijn vorige, minder geslaagde roman ‘Dochters’, maar nu is de oude Van Reen terug. Als verteller van een modern sprookje vol maatschappijkritiek, maar vooral op topsnelheid, met ‘Vlucht uit Montaillou’.

door Camiel Hamans

Montaillou, een forse knipoog naar het succesverhaal van historicus Emanuel le Roy Ladurie over het middeleeuwse ketterdorp in de Pyreneeën, is hoezeer het ook een kritiek vormt op de tijdgeest een volstrekt verzonnen, vrijwel surrealistisch verhaal. Een schrijver, luisterend naar de naam van de existentialist, jazztrompettist en protestzanger Boris Vian, staat op uit de dood en schrijft een nieuwe roman die zich vervolgens ook in de werkelijkheid blijkt te voltrekken. Een spel met literaire theorie, de realiteit van het Frankrijk van Macron en van ‘la France profonde’ van de Pyreneeën, de literaire en artistieke kliekjes van vroeger en nu, en een restje Rijk Rooms Leven, dat is de caleidoscoop die Van Reen de lezer voorzet. En geschreven alsof hij de lezers van een klassiek krantenfeuilleton uit de tijd van Zola of Couperus moet vasthouden: je kunt en wilt niet stoppen voor de paar honderd pagina’s uit zijn.

“Een spel met literaire theorie, de realiteit van het Frankrijk van Macron en van
‘la France profonde’ van de Pyreneeën, de literaire en artistieke kliekjes van vroeger en nu, en een restje Rijk Rooms Leven, dat is de caleidoscoop die Van Reen de lezer voorzet.”

Uitgeschreven

Van Reen meldde een paar jaar geleden dat hij de lier aan de wilgen hing. Hij was uitgeschreven of gunde zichzelf in elk geval een rustig pensioen. De Van Reen-kenner geloofde er niets van. Terecht, naar vrijwel meteen bleek. Voor Ton van Reen is schrijven wat voor een modale burger ademhalen is. Hij kan niet zonder. En dus verscheen niet lang na zijn afscheid al weer een volgende roman Dochters, een verhaal van zelfonderzoek. Een journalist gespecialiseerd in Afrikaanse zaken ontmoet op weg naar de bruiloft van zijn dochter een jong meisje dat haar ouders wil bezoeken. Voor beiden is de ontmoeting een uitnodiging om in de eigen ziel af te dalen. Maar met zoveel zelfbeklag dat de lezer er ongemakkelijk van wordt. Deze lezer in elk geval.

Daar is in Vlucht uit Montaillou absoluut geen sprake van. Het verhaal is bizar. Een van de hoofdfiguren is bijvoorbeeld een sprekende beer die de reïncarnatie van keizer Napoleon blijkt, een ander is een levend standbeeld van Vincentius a Paulo de stichter van de Lazaristenorde en een derde is een ober die in het verborgene eigenaar van zijn eigen befaamde etablissement blijkt te zijn. Toch blijven de ontwikkelingen geloofwaardig of op zijn minst zo boeiend en verrassend dat de lezer geenszins de neiging heeft af te haken vanwege al deze feitelijke onmogelijkheden. En dat komt doordat Van Reen overal zijn maatschappijkritiek doorheen vlecht. Niet als een vorm van indoctrinatie, maar als vraag aan de lezer. Van Reen daagt zijn publiek uit mee te denken en zich af te vragen of deze wereld echt wel de beste is. Lees daarom dit boek! Het biedt genot en uitdaging tegelijk.

Ton van Reen, Vlucht uit Montaillou. Haarlem: In de Knipscheer 2019, 438 pp, ISBN 978-90-6265-504-5, pb., € 22,00.

Ton van Reen, Dochters, Haarlem: In de Knipscheer 2017,
340 pp, ISBN 978-90-6265-963-0, pb., € 19,50.

www.indeknipscheer.com

© Brabant Cultureel 2019