Opera Zuid presenteert met Offenbachs Fantasio een Opéra Grande Bouffe

David tegen Goliath is niet alleen in de Bijbel een succesvol verhaal, maar ook op het operapodium. Opera Zuid, het kleinste en minst bedeelde, structureel gesubsidieerde operagezelschap van Nederland, rijgt onder de leiding van de jonge Vlaamse intendant Waut Koeken succes na succes aan elkaar. En dat vaak met onbekend repertoire.

door Camiel Hamans

Verbaasde Koeken vorig seizoen met het onbekende A Quite Place waarmee hij het Leonard Bernstein-herdenkingsjaar luister bijzette. Nu viert hij de tweehonderdste verjaardag van Jacques Offenbach met de nog nooit in Nederland uitgevoerde opéra bouffe Fantasio. Vreemd is het niet dat Fantasio, anders dan bekende stukken van Offenbach zoals La belle Hélène (1864), La vie Parisienne (1866) en zijn zwanenzang Les contes d’Hoffmann (1880), geen repertoire heeft gehouden. De partituur is in 1887 namelijk bij een brand in de Parijse Opéra Comique verloren gegaan. Gelukkig zijn er her en der partijen en fragmenten overgebleven. Op basis daarvan heeft de Franse musicoloog Jean-Christophe Keck het stuk weten te reconstrueren en in zijn recente uitgave van de volledige werken opgenomen. In 2013 is de opera voor het eerst opnieuw uitgevoerd en op de plaat vastgelegd. Voor Waut Koeken en Opera Zuid een prima aanleiding om in dit Offenbachjaar het werk ook in Nederland te introduceren. En met succes.

‘Fantasio’ wordt gepresenteerd als een fantasie, een droom die een spiegel voorhoudt. Foto Joost Milde

Bizar
Het verhaal is als zo vaak in opera redelijk bizar. Een mogelijke oorlog tussen twee vorstendommen en twee regerende adellijke huizen, een om haar overleden favoriete nar rouwende prinses, een vader die haar wil uithuwelijken om oorlog te voorkomen, een prins op vrijersvoeten die bang is dat hij slechts om zijn titel gewenst is en zich daarom verkleedt als zijn adjudant, een platzakke student die denkt aan zijn schuldeisers te kunnen ontkomen door de plaats van de nar in te nemen en dan natuurlijk het eind goed al goed: vrede en een ontluikende liefde tussen de prinses die het gedwongen huwelijk niet zag zitten en de student. Ontwikkelingen genoeg om de draad kwijt te raken en dat zou ook zijn gebeurd als regisseur Benjamin Prins – ondanks zijn Nederlands klinkende naam een Fransman – niet voor voldoende aanknopingspunten had gezorgd.

De ster van de avond is de Franse mezzo Romie Estèves. Als Fantasio zingt, danst, springt en kwinkeleert ze, alsof er drie talenten in haar huizen. Foto Joost Milde

Prins accentueert belangrijke gebeurtenissen en verwikkelingen en hupt met gemak over de rest heen. Hij gaat niet alleen eclectisch door het verhaal, maar doet dat ook met het toneelbeeld en de kostuums. Dan weer paraderen er Romeinse legionairs over het podium en vervolgens duikt een groepje hardrock gay figuren op. Alles wordt met alles gecombineerd. De dialogen gaan in drie talen: Frans, Russisch – de prinses wordt voortreffelijk gezongen en gespeeld door de Russische Anna Emelianova, inmiddels een vaste kracht bij Opera Zuid – en Vlaams gekleurd Nederlands.

Hubert Claessens (l.) duelleert als Le Roi de Bavière met Le Prince de Mantoue, een rol van Roger Smeets. Foto Joost Milde

Fantasio wordt gepresenteerd als een fantasie, een droom die een spiegel voorhoudt. Geen spiegel die de werkelijkheid van een andere kant belicht, maar een die de wereld vervormt tot een absurditeit. Juist voldoende om Fantasio te laten eindigen in een sfeer van Alfred Jarry’s Ubu Roi (1896), niet exact een tijdgenoot van Offenbach, maar toch nog net voldoende negentiende-eeuws om Offenbach als voorloper van Jarry’s absurdisme en anti-oorlogssentiment te kunnen presenteren.

Regisseur Benjamin Prins gaat niet alleen eclectisch door het verhaal, maar doet dat ook met het toneelbeeld en de kostuums. Foto Joost Milde

De ster van de avond is echter Fantasio zelf. De Franse mezzo Romie Estèves zingt, danst, springt en kwinkeleert alsof er drie talenten in haar huizen. En dan durft ze het zelfs nog aan om het publiek met een radslag te verbijsteren. Als iemand erin is geslaagd Fantasio als ten onrechte vergeten werk overtuigend terug op het repertoire te brengen dan is het Romie Estèves. Daarbij is zij uitstekend ondersteund door de philharmonie zuidnederland onder leiding van Enrico Delamboye, een zoon van de vorig jaar overleden Zuidnederlandse tenor Hubert Delamboye. Maar ook de andere zangers en dansers, waaronder oudgedienden als Roger Smeets, Huub Claessens en de altijd weer verrassende Francis van Broekhuizen, maken van Fantasio een geslaagd verjaardagspartijtje. Een opéra bouffe in een vergrotende trap.

La Princesse Elsbeth (Anna Emelianova) rouwt om de dood van de nar. Foto Joost Milde

2019-2020
Het komend seizoen presenteert Opera Zuid zich driemaal aan het publiek: een Zauberflöte, die onder meer te zien valt in Eindhoven, Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Breda, Benjamin Brittens A Midsummer Night’s Dream, geprogrammeerd in onder andere Eindhoven, Tilburg en Breda, en een familieopera Een Lied voor de Maan door Mathilde Wantenaar op basis van een verhaal van Toon Tellegen, die voornamelijk in Amsterdam te zien zal zijn, maar gelukkig toch ook eenmaal in Eindhoven.

Opera Zuid – ‘Fantasio’

Tilburg 11 juni
Breda 15 juni

Opera Zuid – ‘Fantasio’

Philharmonie Zuidnederland – ‘Fantasio’

Bekijk de trailer van Fantasio

© Brabant Cultureel 2019