Architect Jacq. de Brouwer ontwerpt met de natuur als bondgenoot

Wat inspireert een architect bij de keuzes die hij maakt? Welk project dat hij in Noord-Brabant bouwde, ligt hem na aan het hart? Voor Jacq. de Brouwer is dat Brouwhuis, een particulier woonhuis in de Oisterwijkse bossen. “Brouwhuis is een statement van waar het om gaat in architectuur en wonen.”

door Corien Ligtenberg

Een zwarte kattenkop steekt nieuwsgierig uit een van de twee rieten mandjes die in het gestapelde haardhout op de veranda van Brouwhuis zijn ingebouwd. Niet alleen de bewoners, Myra en Simon van Esch, maar ook hun twee katten genieten optimaal van deze bijzondere plek in de natuur. Vanaf het boslaantje dat naar het huis leidt, heeft Brouwhuis het voorkomen van een simpele, langgerekte schuur. Het zadeldak en de gevel zijn bekleed met zwarte planken. De gevel aan de tuinzijde bestaat voor het grootste deel uit glas en biedt een weids uitzicht op de prachtige omgeving. Tussen de bomen schittert het water van Brouwkuip, waar vroeger de vaten van de bierbrouwerij werden gespoeld en waaraan het huis de naam ontleent. De overgang tussen tuin en bos bestaat uit niet meer dan een lage, stalen band.

De entree. Foto Michel Kievits

Soberheid
Eenvoud en de charme van soberheid zijn ontwerpkeuzes die steeds terugkomen in het werk van architect Jacq. de Brouwer (Tilburg 1952). De ervaring van het landschap, van binnenvallend zonlicht en van de wisseling van seizoenen zijn bepalende factoren in het ontwerpproces. De Brouwer: “Wanneer je in het werk de verandering in ruimte en licht kunt benutten, dan kan de architectuur soberder zijn. Ik beschouw de natuur als bondgenoot.”

Architect De Brouwer begon zijn loopbaan in 1978 bij architectenbureau Bedaux in Goirle als bouwkundig tekenaar en groeide door tot architect. Sinds 1996 is hij ook mede-naamgever van het bureau, Bedaux de Brouwer Architecten. Hij ontwerpt vooral woningbouw en vrijstaande huizen, veelal in Tilburg en omgeving en heeft inmiddels tal van nationale prijzen en nominaties op zijn naam staan. Dat De Brouwer opgroeide in textielstad Tilburg met zijn industriële architectuur, heeft zijn werk zeker beïnvloed.

Door de langgerekte vorm van het huis is de natuur overal dichtbij. Foto Michel Kievits

De Brouwer: “Ik zoek in mijn werk naar dwarsverbanden tussen stedenbouw, architectuur en landschap.” Een voorbeeld daarvan is Cenakel in Tilburg, een project uit 1998. Het bestaat uit de herbestemming van een monumentaal kloostercomplex en nieuwbouw van twee ranke woontorens met elk zesendertig appartementen. De torens met hun afgeschuinde daken vormen een herkenningspunt in de skyline van Tilburg en markeren de overgang van de stad naar het buitengebied. Ze leveren, afhankelijk van het standpunt, steeds een ander beeld op.

Panoramaraam
Aanvankelijk was de idee om het project als laagbouw uit te voeren. Door ervoor te kiezen de lucht in de gaan, is er rondom de woningen ruimte ontstaan voor extra groen, dat uitloopt in het Leijpark. Een panoramaraam over de volle breedte van de woonkamer biedt de bewoners prachtig uitzicht over de bosrijke omgeving. De Brouwer: “De plek was heel belangrijk. Daarom is de architectuur tot in het extreme versoberd. De kwaliteit van dit project schuilt in het omgaan met het landschap en de woonwensen.”

De gevel aan de tuinzijde bestaat voor het grootste deel uit glas en biedt een weids uitzicht op de prachtige omgeving. Foto Michel Kievits

De bijzondere locatie, midden in een natuurgebied, was ook de bepalende factor bij het ontwerp van Brouwhuis. De opdrachtgevers – kinderen de deur uit – wilden de stad uit. Zij kochten van Natuurmonumenten een voormalig boswachtershuis in de bossen ten zuiden van Oisterwijk. Het pand was zo vervallen dat sloop de enige optie was. Ze pachtten het perceel, ingeklemd tussen het Speyckven en Brouwkuip, van Natuurmonumenten. De opdracht was dat het nieuw te bouwen huis ‘timide en ingetogen’ zou zijn, als verwijzing naar de archetypes die passen in het Brabantse buitengebied. Voor de architect was het een uitgemaakte zaak: bij het ontwerp moest de architectuur zo tot de essentie worden teruggebracht, dat de natuur de hoofdrol kon spelen.

De Brouwer: “Oisterwijk is toch een beetje het Wassenaar van Brabant. Het dorp wordt steeds stadser. De huizen die er staan en de nieuwe villa’s die worden gebouwd, hebben niet per se een relatie met de omgeving. Voor het ontwerp van een huis op deze locatie heb ik samen met de opdrachtgevers gekeken wat bij het buitengebied past. Zij hebben een inspirerende rol gespeeld in het proces. We hebben intensief samengewerkt.”

Om te benadrukken dat het huis ‘te gast’ is in het bos, rust het op een vrij hangende betonnen
vlonder, waardoor het los lijkt los te komen van de grond. Foto Michel Kievits

Bezonning
De Brouwer ontwierp een schuurachtig volume van maar liefst zevenentwintig meter lang. Zithoek, entree, woonkeuken (het hart van het huis), werkkamer, badkamer, wasruimte en sauna liggen in elkaars verlengde. Het huis is zo op het perceel geplaatst dat rekening is gehouden met die laan die erlangs loopt, de privacy van de bewoners en de bezonning. De Brouwer: “Door de compartimenten ontstaat een gevoel van geborgenheid, terwijl je de lengte van het pand toch blijft ervaren. Door de langgerekte vorm is de natuur overal dichtbij. De ontwerpambitie was om simpel maar verrijkend te zijn; ik wilde andere rijkdommen binnenhalen, de plek manifest maken. De bewoners krijgen de natuur en de seizoenen optimaal mee.”

Om te benadrukken dat het huis in het bos ‘te gast’ is, rust het op een vrij hangende betonnen vlonder. Daardoor lijkt het los te komen van de grond. Gevels en zadeldak zijn bedekt met zwarte planken, een verwijzing naar de vroegere bosschuur op deze plek. Ook het ontwerp voor de tuin, door MTD Landschapsarchitecten, is ingetogen. Het privédomein lijkt naadloos over te gaan in het bosgebied. In het interieur dat is ontworpen door Architectuurstudio INA MATT voert hout de boventoon. De keuken is opgenomen in het houten wandmeubel dat zich over de volle lengte van het huis uitstrekt. Logees vinden een plekje bovenop de vrijstaande badkamer.

Architect Jacq. De Brouwer. Foto Joep Eijkens

De diverse partijen die bij het ontwerp betrokken waren – bewoners, architect, interieurontwerper en landschapsarchitect – werkten van meet af aan samen, met De Brouwer als ‘regisseur’. Op die manier konden huis, interieur en tuin optimaal op elkaar worden afgestemd. Met succes. De opdrachtgevers wonen er inmiddels drie jaar met veel plezier, maar het bijzondere project kreeg ook erkenning van vakgenoten. In de jaarlijkse competitie van de Branchevereniging Nederlandse Architectenbureaus (BNA) won Brouwhuis Beste Gebouw 2015, in de categorie Particuliere Woonbeleving. “Een project waar het plezier vanaf spat,” aldus de jury. “Het Brouwhuis straalt in alles uit hoe leuk het is om samen met een architect je droomhuis werkelijkheid te laten worden.”

Vanaf het boslaantje heeft Brouwhuis het voorkomen van een simpele, langgerekte schuur. Foto Michel Kievits

bedauxdebrouwer.nl/Brouwhuis Oisterwijk

 

© Brabant Cultureel 2018