Boeren, burgers en buitenlui in Schijndel laten zich moeilijk combineren

Met de expositie ‘Boeren Burgers Buitenlui’ geeft het Jan Heestershuis in Schijndel een dwarsdoorsnede van de figuratieve schilderkunst in Noord-Brabant in de eerste helft van de twintigste eeuw: landschappen, portretten, interieurs en taferelen. Mooi dat eindelijk weer eens flink wat werk te zien is uit de collectie van het voormalige Eindhovense Museum Kempenland. Maar de verschillende werken laten zich moeilijk combineren.

door Irma van Bommel

De titel Boeren Burgers Buitenlui dekt mooi de lading van de expositie in het Jan Heestershuis in Schijndel. De bezoeker krijgt wat hem wordt beloofd: schilderijen met voorstellingen van boeren, burgers en buitenlui. Maar eigenlijk is het een allegaartje aan onderwerpen en stijlen, en in intentie. Want wat vooral opvalt, en stoort, is het verschil in uitgangspunt waarmee de kunstenaar aan het werk ging.

Museum Jan Heestershuis in Schijndel. Foto Piet den Blanken

De kunstenaar die uit nostalgie het boerenleven vastlegde, had een heel andere intentie dan de schilder die een realistisch portret maakte van een stadsbewoner. De nostalgische schilder wilde vastleggen wat aan het verdwijnen was. Hij koos voor authentieke boerderijen met ouderwetse interieurs en als het kon wat ouderwets geklede bewoners. Maar de portretschilder werkte veelal in opdracht van de gegoede burgerij die een portret wilde in eigentijdse, veelal ‘zondagse’ kleding. Het schilderen van nostalgische interieurs ging nog lange tijd door, zoals we zien aan een werk van Arie Zwart (1903-1981) uit 1950. Deze werken laten zich niet fijn combineren met de stadse portretten van de Eindhovense kunstenaar Harry Maas (1906-1982).

Impressionistisch werk van Jan Heesters, voorstellende Maria Heesters, handwerkend in de tuin.

Sfeervol
Wat veel beter combineert met de schilderijen van het boerenleven is het werk van Herman Moerkerk. In 1940 vervaardigde hij Oude mensen op een bank, een sfeervol beeld van oude mensen die gemoedelijk bij elkaar zitten. Van Jan Heesters (1893-1982), aan wie het museum zijn naam te danken heeft, hangt er veel werk. Ook hij schilderde het boerenleven, maar hij maakte ook portretten. Wat opvalt is een aardig schilderijtje, voorstellende Maria Heesters, handwerkend in de tuin, gemaakt ergens tussen 1910 en 1945. Het doet door de heldere kleuren impressionistisch aan, maar past door het sfeervolle tafereel ook goed bij de schilderijen van het boerenleven.

Het werk van Kees Bastiaans (1909-1986), aan wie het museum in 2016 nog een solo-expositie wijdde, is ook goed vertegenwoordigd op deze expositie en dat maakt veel goed. Hoewel Bastiaans’ werk een genre apart vormt, sluit het mooi aan bij de werken over het boerenleven. Het hier getoonde werk is van wat recenter datum, jaren vijftig, het is kleurrijk en oogt eigentijds. Hij schilderde vooral dorpstaferelen, bijvoorbeeld mensen die plezier maken op de kermis. Zijn stijl, kleurgebruik en thematiek lijkt op die van Antoon Kruysen (1898-1977), een Brabantse schilder die naar Frankrijk verhuisde, maar wiens werk regelmatig in Nederland, vooral in Noord-Brabant, te zien was. Jammer dat zijn schilderijen hier nu net ontbreken. Het zou interessant zijn het werk van deze twee kunstenaars eens bij elkaar te brengen en met elkaar te vergelijken, want beiden hadden een komische maar ook tragikomische kijk op het leven. Onderwerpen komen overeen, van kermissen, woonwagenbewoners tot boerenbruiloften. En beide schilders konden meesterlijk een pastoor in bekoring verbeelden.

Klik hierboven voor een indruk van de tentoonstelling.

Foto helemaal boven: De kleurrijke en vrolijke werken van Kees Bastiaans, zoals De Kermis links, springen in het oog. Foto Piet den Blanken

‘Boeren Burgers Buitenlui’ is nog t/m 30 september 2018 te zien
in het Jan Heestershuis te Schijndel

www.museumjanheestershuis.nl

 

 

© Brabant Cultureel 2018