Niks is nep aan Fake Billy & the False Prophets

‘Lipgloss’ is de titel van de tweede cd die de band Billy & the False Prophets onlangs uitbracht. Als een ‘klassieke’ garageband, maar van bovengemiddelde kwaliteit en met een uitstekende live reputatie weten zij ook op deze cd die sfeer van zaaltje en podium prima te treffen. Hardrock, maar met humor.

door Joep Trommelen

De Tilburgs/Eindhovens/Waalwijkse band Fake Billy & the False Prophets is in alles het tegendeel van wat de naam belooft: de groep is eerlijk, recht voor zijn raap en toont zich als fakkeldrager en verkondiger van de geloofsbelijdenis ‘let it rock!’ Op Lipgloss, de onlangs verschenen tweede cd van het kwartet, tonen de vier leden zich erfgenamen van vuige garagebands als The Stooges, The Cramps en The Gun Club. In tijden waarin er genoeg Fake Billy’s de podia beklimmen, gaan zij terug naar de roots: vieze vette rock & roll, punk, garagerock.

Hard, kort, snel, rauw. Fake Billy heeft een ijzersterke live reputatie; kijk maar eens een filmpje op youtube. Op hun nieuwe plaat weet de groep het gevoel van zwetende en springende lichamen voor een podium waar de decibels vanaf spatten uitstekend te raken. Maar de muziek kent genoeg raffinement, gelaagdheid en technische finesse om de band ruim boven het gemiddelde uit te tillen.

Waar popmuziek lifestyle geworden is, brengt Fake Billy het terug tot de kern: drie akkoorden en tomeloze energie die zich zowel ongegeneerd kan uiten in woede als pure levenslust. Zanger/gitarist Martijn Crins kreunt, kraait, schreeuwt en hijgt zijn longen uit zijn lijf. Mathijs Leeuwis, net als Crins woonachtig in Tilburg, neemt de snoeiharde sologitaar voor zijn rekening en laat zien dat hij zo zeker zo goed voor de dag komt als toen hij nog singer-songwriter was. Ook zijn nieuwe liefde, de pedal steelgitaar, staat bij Fake Billy op het podium., En het duo Dylan van Meurs uit Eindhoven (drums) en Waalwijker Guus van Mierlo (bas) giet onder alle nummers betonnen fundamenten waarop het goed bouwen is.

Lipgloss’ is de tweede cd die de band Billy & the False Prophets uitbrengt.

Scootmobiel
‘Hey hey, are you doin’ allright now?’, zingt Crins in het openingsnummer. De bijbehorende videoclip toont twee mannen op leeftijd – waarvan één in een scootmobiel – die naar graafwerk in een bouwput staan te kijken. De toon is gezet: nietsontziend, maar ook met humor. Dat geldt vervolgens ook voor de erotische orkaankracht in Bikini Girl en Ego, waarin het popsterrendom op de hak wordt genomen. The Crown zou zomaar een song kunnen zijn uit een van Jack White’s projecten. Voor Fake Billy eerder seks dan liefde, zoals in het nummer Celine Dion. ‘Everynight in my dreams, I see you, I feel you…’

In King of Kings mag de agressie ongehinderd stromen. Daarna volgt als contrast een ‘liefdesliedje’ met een akoestische gitaar. De titel: Erection. Opnieuw staan oerdriften centraal. Is dat niet waar het in de rock & roll ooit om begonnen is?

In Cocaine Supernova toont Fake Billy weer een gelaagdheid en raffinement die de band voorbij op de loer liggende clichés brengt. Datzelfde geldt voor de ‘klezmer-klaagzang’ Book of Job (‘What have they done to you, my friend?’). En na zó veel serieusheid moet dan natuurlijk weer een vette stamper volgen: Walking Alone. Fake Billy is in Restless weer heerlijk opstandig. ‘Hit this life where it hurts with the back of my hand’. Maar uiteindelijk is Crijns toch zoekend naar verlossing: ‘to that land of milk and honey I will run…’

Na Billie Lee, een ode aan het anders-zijn, een soort Walk on the Wild Side maar dan anders, volgt nog een toetje: de Cairo Liberation Front Remix van Book of Job, een dance-track waarmee Fake Billy met een dikke knipoog afscheid neemt van een verbijsterde luisteraar die eigenlijk alleen maar meer wil horen.

www.fakebilly.com

 

© Brabant Cultureel – 2017