Met ‘Sferen’ toont Marc Mulders in Uden nieuwe beleving van religie

Léon van Liebergen nam onlangs afscheid als directeur van het Museum voor Religieuze Kunst in Uden. Hij was het die de collectie oude religieuze kunst combineerde met werk van hedendaagse beeldend kunstenaars die een link hebben met religie. Samen met Marc Mulders maakte hij de afscheidstentoonstelling ‘Sferen’, een moderne beleving van religie geïntegreerd in een traditionele beleving van het katholicisme.

door Irma van Bommel

Léon van Liebergen schetst in het boek Sferen het religieuze klimaat in de tijd van Jeroen Bosch en daarna. Op een steenworp afstand van ’s-Hertogenbosch bevond zich in Koudewater (bij Rosmalen) het klooster Mariënwater. Jeroen Bosch moet het klooster zeker gekend hebben. Het klooster bezat toen al een aanzienlijke collectie kunstobjecten. Deze namen de kloosterlingen mee op hun tocht naar Uden, waar zij na de inname van Den Bosch in 1629 het klooster Maria Refugie stichtten. De kunstcollectie van Maria Refugie was in 1974 aanleiding tot de oprichting van het Museum voor Religieuze Kunst. Van Liebergen is vanaf 1976 bij het museum betrokken geweest. Ruim tien jaar later ging hij zich naast traditionele religieuze kunst ook richten op hedendaagse religieuze kunst. “Moeilijk, maar het was spannender te vorsen met een lamp, dan passief te baden in uitbundig licht.”

Werk van Marc Mulders in combinatie met kunstwerken uit de tijd van Jeroen Bosch. Foto Piet den Blanken

Werk van Marc Mulders in combinatie met kunstwerken uit de tijd van Jeroen Bosch. Foto MRK Uden

Sinds eind jaren tachtig had Van Liebergen al contact met Marc Mulders en in 1993 exposeerde Mulders voor het eerst in Uden met Religieuze Kunst. Keuzes van Marc Mulders. De huidige expositie Sferen toont kunst uit de vijftiende en zestiende eeuw, zeg maar uit de tijd van Jeroen Bosch, als decor voor het werk van Mulders. “Met hem voelt hij zich nauw verbonden. Hij ziet hem als een belangrijke inspiratiebron, bondgenoot bij de verbeelding van het goede en het kwade.” Het museum kocht al vroeg religieus werk van Mulders aan. Het werk Pietà (2001) werd zelfs in opdracht van het museum gemaakt. Het glas-in-loodraam Het Laatste Oordeel (2007) in de Sint Jan van ’s-Hertogenbosch is geïnspireerd op Jeroen Bosch. Voorstudies zijn opgenomen in de collectie van het museum en worden nu getoond.

Terrorisme
Vorig jaar nog was Mulders een veelgevraagd kunstenaar omdat zijn schilderijen van bloemenzeeën zo mooi pasten in het Van Goghjaar. En nu werd hij gevraagd omdat zijn glaskunst en aquarellen mooi aansluiten bij het Jeroen Boschjaar. Het moet gezegd: Mulders heeft wat met beide kunstenaars. Hij schreef een tekst voor het boek Sferen over zijn band met zowel Jeroen Bosch als het museum in Uden. Zijn bloemenzeeën zijn een uiting van het paradijselijke leven, zoals hij dat beleeft in zijn atelier met openslaande deuren en met uitzicht op een bloemenweide, compleet met vrolijk fluitende vogels en rondfladderende vlinders. Zijn glaskunst en aquarellen maakt hij elders. Zij zijn een weerslag van vreselijke nieuwsberichten die we binnenkrijgen. Zo is het vliegtuig onderin het raam in de Sint Jan een verwijzing naar de terroristische aanslag op de twee torens in New York op 11 september 2001, dat de geschiedenis in ging als 9/11. “Al sinds 2001 is terrorisme een van de thema’s binnen mijn iconografische agenda.”

Ten slotte bevat het boek een hoofdstuk over een aantal kunstwerken – voornamelijk beelden en schilderijen – uit de tijd van Jeroen Bosch en die in de expositie te zien zijn. Veel van die werken bevonden zich ooit in het klooster Mariënwater te Koudewater Het hoofdstuk is gelardeerd met foto’s van werk van Mulders. Jammer dat in de expositie de informatie bij de middeleeuwse werken (enkele uitzonderingen daargelaten) minimaal is. Alle heiligenbeelden zijn voorzien van informatie over datering, houtsoort en herkomst. Maar hoe interessant zou het zijn om te lezen waaraan je de heilige Catharina herkent en waarom een naakt Christuskind een rijksappel in de hand houdt. Opvallend is dat een aantal heiligenbeelden vrij in de ruimte staat, terwijl zij hier niet voor zijn gemaakt. De achterkant van de beelden is immers in de meeste gevallen niet afgewerkt. Ze waren bedoeld om tegen een wand geplaatst te worden. Veel beelden bevatten dan ook een haak in de rug. Hoe leuk zou het zijn om daar een tekstblokje aan te wijden.

Contemplatief
Verderop in de expositie vormen de werken van Mulders die minder of helemaal niets te maken hebben met Jeroen Bosch een synergie met de oude kunst. Hier vormt de oude kunst een prachtig decor voor de werken van Mulders. Oude en hedendaagse beleving van de religie naast elkaar. Hier komt Mulders nog wel met kruisvormen die verwijzen naar het Christendom. Maar eigenlijk zijn de grote, platte glazen schalen met concentrische cirkels nog meer een verwijzing naar religie of wat daarvoor in de plaats gekomen is. Niet meer gerelateerd aan het Christendom, maar veel breder, universeler. Zoals de schilderingen van Mark Rothko: meditatief, contemplatief, oproepend tot bezinning. Ze ademen een serene rust.

‘Sferen. De wereld van Jheronymus Bosch in 30 jaar kunstenaarschap van Marc Mulders’, t/m 18 december 2016 in het Museum voor Religieuze Kunst te Uden.

Léon van Liebergen en Marc Mulders, Sferen. De wereld van Jheronimus Bosch in 30 jaar kunstenaarschap van Marc Mulders. Uden: Museum voor Religieuze Kunst 2016, 29 pp., ISBN 978-90-7164-729-1, pb., € 12,50.

www.museumvoorreligieuzekunst.nl

www.marcmulders.com

 © Brabant Cultureel – oktober 2016

 

 

 

Getagt als