Eerste stap Cecile Hübner op weg naar kunstenaarschap

Leeftijdgenoten van haar staan in de rij voor tv-programma’s als Holland got Talent. Cecile Hübner (18) uit Breda meldde zich voor de veel minder bekende Kunstbende. Afgelopen zomer behaalde zij er de eerste prijs in de categorie expo. Haar toekomst, weet ze zeker, ligt in de kunstwereld.

door Emmanuel Naaijkens

Zij heeft pas één echt kunstwerk op haar naam staan en toch exposeert ze al in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Ze heet Cecile Hübner, woont in Breda en is pas achttien jaar oud. Goed, de expositie duurt slechts een avond, maar veel kunstenaars met een lange staat van dienst zouden tekenen voor een hoekje in het gerenommeerde museum. Dat Hübner tot dit bastion van de gevestigde kunst is doorgedrongen, heeft zij te danken aan haar deelname aan de Kunstbende. Dat is een landelijke wedstrijd voor jong creatief talent. Jongeren in de leeftijd van dertien tot achttien jaar kunnen in acht categorieën meedingen om de hoofdprijs. Cecile Hübner ging afgelopen juni in de landelijke finale met de hoofdprijs aan de haal in de categorie expo.

bc201606-emmanuel_naaijken-cecile_hubner-foto_piet_den_blanken-_n007382-1000

Celine Hubner. Foto Piet den Blanken

“Het was erg spannend, want ik zou beoordeeld worden door echte kunstkenners. Maar ik dacht wel dat ik een kans zou maken. Toch was ik erg verrast toen ik de jury mijn naam hoorde noemen”, vertelt Hübner in het Bredase café met de toepasselijke naam Inspire. Wie het bekroonde werk van haar ziet, zal beamen dat het een origineel resultaat is. Het werk beschrijven is lastig, maar dankzij de digitale techniek kan de lezer de productie zelf aanschouwen. Klik daarvoor de link naar YouTube onder dit artikel aan.

Röntgenfoto’s
Hij vroeg of ik achterop wilde en ik zei ‘ja’, maar een bagagedrager had hij niet is de prozaïsche titel van haar inzending voor de Kunstbende. “De titel komt uit een droom. Wat ik heb gedaan is met een camera boven mijn bed vastleggen hoe ik slaap. Dat deed ik met een sluitertijd van twee uur, zodat je verschillende slaaphoudingen over elkaar ziet op de foto. Je krijgt dan een gelaagdheid met een vervreemdend effect, daar hou ik van.” Vervolgens heeft ze lijnen getrokken over de vier foto’s, die evenzoveel nachten beslaan. De transparantie van de afbeeldingen doen daardoor een beetje denken aan röntgenfoto’s.

En dat is niet zo’n gekke vergelijking, want met haar observaties wil Hübner zichzelf beter leren kennen. Haar werk is bij uitstek autobiografisch. Het is een zoektocht naar haar identiteit, “Ik was benieuwd om mijn eigen lichaamshouding te zien als ik slaap. Daar heb je normaal geen idee van, want je ziet jezelf nooit van een afstandje. Als je slaapt dan verlies je je bewustzijn. Dan kun je niet anders zijn die wie je daadwerkelijk bent. Dan ben je bij de kern van je identiteit.” Ze hield al die tijd ook een dagboek bij waarin ze haar dromen beschreef, aangevuld met observaties, gedachten en voorzien van illustraties.

bc201606-emmanuel_naaijken-cecile_hubner-foto_piet_den_blanken-_n007347-1000

De slaaphoudingen van Cecile Hübner, opgenomen met een camera boven haar bed. Afbeelding uit het boek ‘Hij vroeg of ik achterop wilde en ik zei “ja”, maar een bagagedrager had hij niet’.

Voordat ze aan de slag ging, heeft ze zich verdiept in wetenschappelijke boeken over het verschijnsel dromen en over (on)bewustzijn. “Weet je dat er nog steeds geen wetenschappelijke verklaring is voor het feit dat mensen dromen.” Als ze iets maakt heeft ze geen vastomlijnd plan. Al onderzoekend werkt ze naar het eindresultaat toe.

Autobiografisch
Haar belangstelling gaat vooralsnog vooral uit naar haarzelf. Om met Kees van Kooten te spreken: Cecile graaft zich autobio. Niet dat actuele maatschappelijke vraagstukken, zoals de opvang van vluchtelingen, haar onberoerd laten. “Ik volg dat wel, maar er zitten zoveel kanten aan. Dat maakt het voor mij moeilijk om er een kunstwerk van te maken.” Haar engagement ligt vooral bij het feminisme, in het bijzonder de ongelijkheid tussen man en vrouw. “En dan gaat het mij ook om wat deze verhouding voor de man betekent, die is ook de dupe.”

Cecile Hübner realiseert zich maar al te goed dat ze zich met haar ene werk nog niet echt een kunstenaar kan noemen. Maar de potentie is er zeker. Op het Orionlyceum in Breda, waar ze afgelopen zomer haar vwo-diploma haalde, ontdekte ze rond haar vijftiende dat ze zich aangetrokken voelde tot de ‘schone kunsten’. Best bijzonder, want ze volgde een exact vakkenpakket; kunst was een bijvak. Maar tijdens de lessen sprong er een vonk over, mede gestimuleerd door haar docent. Het profielwerkstuk voor haar eindexamen was het fotoproject waarmee ze de eerste prijs behaalde bij de Kunstbende.

Cecile Hübner komt niet uit een kunstenaarsfamilie, maar haar moeder was wel creatief. En ze heeft een vriendenkring van leeftijdgenoten met artistieke aspiraties. “Mijn opvoeding heeft er wel toe bijgedragen dat ik geïnteresseerd raakte in kunst en cultuur. Mijn ouders namen mij en mijn zussen vaak mee naar musea.” Zelf is ze gecharmeerd van De Pont in Tilburg. Het idee om iets kunstzinnigs te doen met foto’s kwam bij toeval. “Ik had juist een nieuwe camera gekocht, en wilde uitproberen wat ik daar allemaal mee kon. Het is een Sony A6000. Met zo’n camera kun je veel automatisch fotograferen, maar je kunt het toestel ook zelf instellen. Het is een systeemcamera, zeg maar een compacte vorm van een spiegelreflexcamera.”

Fototechnisch
Maar fototechnisch is Hübner nog niet echt onderlegd. Ze hoopt zich die ambachtelijkheid, ook in andere disciplines, eigen te maken als ze volgend jaar haar opleiding aan een kunstacademie begint. “Ik wil erg graag leren, ik ben ook perfectionistisch in mijn werk.” Op dit moment reist ze al elke zaterdag naar Artez in Arnhem om daar een vooropleiding te volgen. Ook onderdeel van de prijs trouwens. De eerste kennismaking met de kunstopleiding is haar prima bevallen en heeft haar gesterkt in haar opvatting dat in de kunstwereld haar toekomst ligt. Haar klasgenoten van de middelbare school hebben veelal voor andere studies gekozen. Dat Cecile een andere weg insloeg, vonden zij niet vreemd. “Oudere mensen wel. Die maken zich zorgen of je met kunst wel je brood kun verdienen. Daar sta ik echt niet bij stil”, zegt ze lachend.

Bekijk het bekroonde werkstuk van Cecile Hübner op YouTube

© Brabant Cultureel – oktober 2016