Een weemoedige Romereis

Hans Manders uit Heeswijk-Dinther schreef de roman ‘Vroeger komt nooit meer terug’, een boek dat gezien de persoonlijke ervaringen dicht bij de auteur moet staan. Als roman mist het een interne stuwende kracht, maar het is een geslaagde verkenning van ‘toen en nu’. Een recensie.

Door Lindy Jense 

Een vliegtuig vertrekt naar Rome. Aan boord bevinden zich vijf mannen van middelbare leeftijd en hun echtgenotes. Wat de mannen bindt, zijn de herinneringen aan hun studietijd in Nijmegen waar ze elkaar leerden kennen in een studentengang in een klooster. Jongens waren het destijds, zeven jongens, passanten tussen de paters en broeders die hun leven in het klooster sleten. Wegens vliegangst gaat een van de vrienden nu niet mee naar Rome. De zevende, Jozef, is al ruim dertig jaar zoek.

Aldus het uitgangspunt van Vroeger komt nooit meer terug, van auteur Hans Manders uit Heeswijk-Dinther. De kop is een cliché natuurlijk, maar daarom nog niet minder waar. De hoofdpersoon van het boek, Bart, worstelt met het feit dat hij inmiddels meer verleden dan toekomst heeft. Gaat het hier dan om een midlife-crisisboek? Gaat de hoofdpersoon zijn leven radicaal over een andere boeg gooien of wordt hij nu alsnog ingehaald door een verschrikkelijke gebeurtenis uit het verleden, die ongetwijfeld iets met die Jozef te maken heeft?

De geoefende lezer die zich alvast schrap zet voor het literaire cliché, komt bedrogen uit. Er gebeurt namelijk vrij weinig in Vroeger komt nooit meer terug. De ik-figuur is een aardige man met een rustig bestaan, een fijn gezin en werk in het onderwijs waar hij veel voldoening aan ontleent. Hij vliegt naar Rome, leidt het gezelschap rond en gaat weer naar huis. Het meest opwindende aan de hele onderneming is nog wel dat hij zijn leesbril kwijtraakt. Verder hebben hij en zijn vrienden de gewoonte om zich te pas en te onpas af te vragen hoe het toch met Jozef is – je vraagt je soms af hoe hun echtgenotes de moed kunnen opbrengen om nog met dit clubje op pad te gaan.

Nijmegen
Het is een boek dat dicht bij de persoonlijke ervaringen moet staan van de auteur, die zelf in Nijmegen gestudeerd heeft. De beschrijvingen van het stukje Nijmegen waar het boek zich afspeelt -café De Muts, het klooster, de kamer in Neerbosch-Oost die de ik-figuur betrekt als hij het klooster moet verlaten-, zijn duidelijk het werk van een ervaringsdeskundige. De beschrijving van Rome blijven iets meer in het reisboekengenre hangen, maar het is dan ook een valkuil als je de hoofdpersoon van je boek als gids in Rome laat optreden. Dan krijg je conversaties als de volgende: ‘Nou Bart, wat is dit voor een gebouw?’, vraagt Frits. ‘Dit is de tempel die gewijd is aan de tweede-eeuwse keizer Antoninus Pius en zijn vrouw Faustina’, zeg ik.

Het boek wisselt beschrijvingen van Rome af met terugblikken op het studentenleven van destijds. Je had broeder Karel, die naar zweet stonk en studenten graag kneep, broeder Theo die een mede-kloosterling aan tafel een klap verkocht. Zijn mede-studenten, die drinkend en Reve citerend de tijd doodden: Thieu, Frits, Joop, Gerard, Henk. En Jozef natuurlijk, destijds al een beetje een raadsel, wat ouder dan de rest, met een bolle buik, rode wangen, zwart haar en altijd smetteloos witte bloes. Jozef verhuisde uit het klooster en onttrekt zich al tientallen jaren aan iedere vorm van contact met zijn vroegere ganggenoten. Dat leidt tot een lichte obsessie: de hoofdpersoon denkt regelmatig Jozef te zien, iedere keer als hij een man ontwaart met een bolle buik, rode wangen en zwart haar. Die steeds herhaalde formulering (vooral die kinderlijke ‘bolle buik’) gaat op den duur licht irriteren.

Emotie
Een echt literair boek is Vroeger komt nooit meer terug niet geworden, daarvoor mist het een interne stuwende kracht en is het taalgebruik niet lenig genoeg. Als verkenning van de verbindingen tussen toen en nu is het meer geslaagd: de vraag of je het verleden moet ontkennen of omarmen, houdt immers menigeen bezig. Als zelfonderzoek blijft het in observeren hangen. Het lijkt wel of de schrijver zijn omgeving met een camera observeert en het moeilijk vindt iets van zichzelf te laten zien.
Op een paar momenten vang je een glimp op van echte emotie, bijvoorbeeld als hij een getalenteerde leerlinge omschrijft die noodlottig om het leven komt. In die paar pagina’s zit meer emotie dan in die hele geschiedenis met Jozef, van wie je het op den duur (sorry hoor) niet echt meer uitmaakt of hij nou nog komt opdagen of niet. Vroeger komt nooit meer terug. Het wil ook nooit voorbijgaan maar, om met de Volksschrijver te spreken: “Kop op! Het leven gaat verder, tot het ophoudt.”

bc201603-lindy_Jense-boek_hans_manders-omslag

Hans Manders – Vroeger komt nooit meer terug.
Uitgave in eigen beheer via Brave New Books, € 19,90 

www.bravenewbooks.nl

© Brabant Cultureel – juni 2016