Onderzoek: Brabanders vinden cultuur minder belangrijk voor de samenleving

Elke twee jaar maakt de culturele sector in Noord-Brabant de balans op: hoe staan we ervoor? Het gaat over zaken als culturele infrastructuur, amateur-kunstbeoefening, het aanbod aan kunst en cultuur, het aantal theaters en schouwburgen, theaterbezoek en financiële slagkracht. Samengebracht in het rapport ‘Waarde van Cultuur’.

door Emmanuel Naaijkens

In acht jaar tijd is de waardering van Brabanders voor kunst en cultuur behoorlijk afgenomen. Vond in 2017 83 procent van de inwoners dit belangrijk voor de Brabantse samenleving, in 2025 is dat percentage gedaald tot 68 procent. Dat is fors, een teruggang van bijna twintig procent. De tevredenheid over het cultuuraanbod in de provincie scoort met het rapportcijfer 7,4 een ruime voldoende.

De vaststelling dat de Brabanders minder om kunst en cultuur geven staat in ‘De waarde van cultuur 2026’. Dat rapport doet verslag van een tweejaarlijks onderzoek in de provincie Noord-Brabant naar allerlei aspecten die verband houden met het reilen en zeilen van de culturele sector (inclusief erfgoed). Het rapport geeft geen verklaring voor deze forse daling, het schetst vooral trends waar beleidsmakers, maar ook culturele instellingen hun voordeel mee kunnen doen.

De cultuursector ondervindt nog de gevolgen van de corona pandemie, onder meer door hogere kosten. Archieffoto > Emmanuel Naaijkens

Afname van belang van cultuurbezoek

Uit het onderzoek komt wel naar voren dat het aantal inwoners dat kunst en cultuur voor zichzelf van betekenis vindt, stabiel is. Ongeveer veertig procent van de Brabanders hecht daaraan. Maar in zes jaar tijd is ook het belang van cultuurbezoek afgenomen. In 2019 vond 51 procent van de ondervraagden cultuurbezoek nog waardevol. In 2025 is dat nog maar 32 procent; overigens een licht herstel ten opzichte van het dieptepunt van 28 procent in 2023.

Er is eveneens sprake van een aanzienlijke daling waar het gaat om het zelf beoefenen van culturele activiteiten als belangrijk onderdeel van het leven. In 2017 vond nog 36 procent van de ondervraagden dat voor zichzelf belangrijk. Dat is gedaald naar 29 procent.

Het landelijk rondtrekkende festival De Parade laat Brabant tegenwoordig links liggen. Archieffoto > Emmanuel Naaijkens

Niet verrassend is dat ook dit onderzoek laat zien dat hoger opgeleiden meer met kunst en cultuur hebben dan meer praktisch opgeleiden. Maar het maakt dan weer geen verschil of men uit een dorp of een stad komt als het gaat om de waardering van het cultuuraanbod. In deze editie van ‘Waarde voor cultuur’ worden twaalf overkoepelende conclusies getrokken die in het rapport gedetailleerd met cijfers worden toegelicht:

  • Noord-Brabant heeft, vergeleken met andere provincies, een bescheiden culturele infrastructuur met weinig culturele organisaties per hoofd van de bevolking. Ondanks die bescheiden culturele infrastructuur realiseren deze organisaties relatief veel aanbod, waarmee ze steeds meer publiek bereiken.
  • Brabantse culturele makers en instellingen zijn actief betrokken bij maatschappelijke projecten en beschouwen dit vaak als kernactiviteit.
  • Cultuurdeelname blijft, ondanks de aandacht hiervoor in zowel de sector als in beleid, ongelijk verdeeld. Bijna alle vormen van cultuurbezoek en cultuurbeoefening worden vaker gedaan door hbo- en wo-geschoolden. Dat komt overeen met het landelijke beeld.
  • Jongeren (tussen 16 en 29 jaar) nemen vaker deel aan cultuur dan andere leeftijdsgroepen. Als bezoeker en als beoefenaar, online en offline.
  • Alle Brabantse gemeenten doen vanaf 2025 mee aan het programma Cultuureducatie met Kwaliteit voor cultuureducatie op scholen. Het leerlingenaantal is gestegen.
  • Twee derde van de Brabanders doet wekelijks of maandelijks aan cultuurbeoefening. De meerderheid van de Brabanders beoefent cultuur individueel en informeel, bijvoorbeeld thuis en zonder lessen.
  • De meeste Brabantse amateurkunstverenigingen zijn financieel gezond, met meer groeiende dan krimpende verenigingen en een stabiel vrijwilligersbestand. Het aandeel Brabanders dat lid is van een culturele organisatie of vereniging is in 2025 even hoog als in 2023.
  • Ruim twee derde van de Brabanders vindt kunst en cultuur belangrijk voor de samenleving. Dat is de afgelopen jaren afgenomen (van 83% in 2017 naar 68% in 2025).
  • Financieel toont de Brabantse cultuursector zich veerkrachtig: de eigen inkomsten zijn de afgelopen jaren toegenomen. Tegelijkertijd staat de financiële basis onder druk. De lasten stijgen flink en een groter deel van de begroting wordt gedekt door incidentele subsidies.
  • Gemeenten blijven veruit de belangrijkste financier van cultuur in Noord-Brabant: 69% van de meerjarige subsidies aan cultuur in BrabantStad is afkomstig van gemeenten. Elk van de zeven grote gemeenten in Noord-Brabant heeft haar eigen kenmerkende profiel.
  • De Brabantse creatieve sector groeit: zowel het aantal bedrijven als het aantal zzp’ers is flink gestegen tussen 2017 en 2024 met respectievelijk 38% en 23%. Ook de werkgelegenheid (het aantal banen) stijgt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *