Karol Lesman vertaalt Wisława Szymborska en Kornel Filipowicz

Wisława Szymborska en Kornel Filipowicz vormden jarenlang een hecht en gelijkgestemd schrijverspaar dat een stempel drukte op de Poolse literatuur. Ook in het echte leven waren zij een onafscheidelijk paar, al woonden zij nooit samen. Karol Lesman vertaalde nu van Szymborska brieven over literatuur en van Filipowicz een novelle.

door Hein van Kemenade

‘Een verhaal kan het desnoods zonder begin of einde stellen, maar een midden lijkt ons onontbeerlijk.’ Deze zin komt uit de verzameling artikelen die Wisława Szymborska schreef voor het literaire weekblad Życie Literackie (Het Literaire Leven). Karol Lesman (Breda 1951 ) vertaalde deze collectie onlangs met als titel Brievenpost. Vanaf 1961 beheerde Szymborska in het weekblad de rubriek ‘Literaire post’ waarin zij in briefvorm commentaar gaf op literaire inzendingen voor dit weekblad. Ook in 1961 verscheen Memoir van een antiheld van Kornel Filipowicz. Die roman gaat over hoe iemand de Tweede Wereldoorlog beleefde in Polen en is nu ook door Karol Lesman vertaald. De roman van Filipowicz kan worden gezien als een voorbeeld hoe je moet schrijven volgens de denkbeelden van Szymborska. Vanaf middel jaren zestig vormden zij een intiem en hecht stel.

Wisława Szymborska en Kornel Filipowicz. Fotocollage van een onafscheidelijk paar, waarbij de sigaretten op diverse foto’s nooit ver weg zijn.

Verzamelaars van kaarten

In de prachtige biografie van Wisława Szymborska, Prullaria, dromen en vrienden, geschreven door Anna Bikont en Joanne Szczęsna, lees ik dat Szymborska en Filipowicz elkaar op latere leeftijd leerden kennen. Zij was in de veertig, hij in de vijftig. Vanaf 1967 hadden zij een vaste relatie, maar bleven wel ieder in hun eigen huis wonen. Ze waren beiden verzamelaars van kaarten en laten elkaar op een markt geen seconde uit het oog, omdat er tussen hen een levendige rivaliteit bestond. Het verhaal gaat dat een van hun vrienden enkele kaarten uit de verzameling van Filipowicz gepikt had en deze tussen de ansichtkaarten van Szymborska stopte, waarna ze met zijn allen haar collectie gingen bekijken. Een verontruste Kornel zei: ‘Interessant, interessant, Wisława, je hebt dezelfde kaarten als ik.’

Fotopagina uit Prullaria, dromen en vrienden, de biografie van Wisława Szymborska door Anna Bikont en Joanne Szczęsna.

Hun denkbeelden kwamen overeen en ze waren erg op elkaar gesteld en aan elkaar gewaagd. Ze hadden een uitgebreid repertoire thuistaal en deden voortdurend aan taalspelletjes. Samen trokken ze vaak de natuur in, Filipowicz als woudloper en Szymborska in een roeiboot, gekleed in een elegante witte jurk. Hij zorgde voor de vis en zij voor de paddenstoelen erbij. Later schafte Szymborska toch ook kampeerkleding aan.

“Hij zorgde voor de vis en zij voor de paddenstoelen erbij.” Foto’s uit de privéarchieven van Aleksander Filipowicz (zoon) en Wisława Szymborska.

Bikont en Szczęsna schrijven dat je in de gedichten van Wisława Szymborska vanaf de jaren zeventig kunt zien hoe het gevoel van oneindigheid van de wereld en de overtuiging dat alles van belang is, belangrijke elementen van haar wereldbeeld werden. Dat was een filosofie die Filipowicz na aan het hart lag. Ook in zijn proza kun je zien dat ieder leven belangrijk is, omdat het behoort tot het landschap van de wereld.

‘Een fantastisch mens, een schitterende schrijver’, zegt Szymborska over Filipowicz in een documentaire van Andrzej Koszyk. ‘We zijn drieëntwintig jaar bij elkaar geweest. We woonden niet samen, we liepen elkaar niet in de weg. We waren paarden die naast elkaar galoppeerden. Soms zagen we elkaar drie dagen niet.’ Kornel Filipowicz overleed in 1990.

Wisława Szymborska op 1 februari 2012.

Zij legde de lat heel hoog

Brievenpost van Wisława Szymborska bestaat uit een keuze uit de artikelen uit het weekblad Życie Literackie. Dat de meeste commentaren een afwijzing tot publicatie inhouden zegt iets over de kwaliteit van het ingezonden materiaal. Maar tegelijkertijd ook over het niveau van beoordeling door Szymborska. Zij legde de lat heel hoog. En ze was verhelderend in wat ze schreef. Terwijl het bij Nederlandse uitgevers usance is om manuscripten af te wijzen met de mededeling dat het ‘niet in ons fonds past’, gaf Szymborska de schrijver in spe inzicht in de kwaliteit van het ingezonden materiaal. Zonder direct de tekst te citeren wordt voor de lezer duidelijk waarover zij schrijft en hoe de tekst eventueel kan worden verbeterd.

In een aantal gevallen raadde zij ten sterkste af om het geschrevene te publiceren. Wel stelde zij voor om het op vrienden- en familiebijeenkomsten aan het publiek voor te dragen. Daar zou het op zijn plek zijn. Veel schrijvers raadde zij aan veel boeken en poëzie te lezen. Hiermee is deze verzameling brieven een kleine introductie in de literatuur van Polen. Getuige het aantal schrijvers dat de Nobelprijs voor de literatuur toegekend kreeg, staat die overigens internationaal op een hoog niveau. Szymborska zelf was de vijfde Nobelprijswinnaar en inmiddels zijn het er zes. Het is het levenswerk van Karol Lesman om met zijn vertalingen deze rijkdom toegankelijk te maken voor de Nederlandse lezer. Terecht ontving hij hiervoor de Nijhoffprijs naast veel andere bekroningen van zijn talent.

Wisława Szymborska op de omslag van Een titel hoeft niet, een selectie van haar poëzie door Tjitske Jansen.

Teresa Walas maakte in 2000 een keuze uit de brieven en publiceerde die onder de titel Poczta literacka. Dit boek staat vol verrukkelijke zinnen als: ‘We hebben ons kostelijk verveeld met de personages uit uw novellen en romanfragmenten, personages die getuigen van zo’n armzalig geestelijk leven dat we beginnen te twijfelen of zulke mensen überhaupt wel kunnen bestaan of zelfs maar in het stenen tijdperk hebben bestaan.’ Szymborska is sterk in de terloops gemaakte opmerkingen. Zoals op het eind van een gedegen kritiek op een inzending: ‘en bij gelegenheid een leesbaarder handschrift.’

Op de opmerking dat veel later beroemd geworden schrijvers aanvankelijk niet als zodanig werden herkend, antwoordde Szymborska dat de ingezonden feuilletons ongetwijfeld in het Verzameld Werk zouden worden opgenomen, mits u daarnaast nog iets schrijft in de trant van Lalka en Faraon. (De pop en De farao, bekende negentiende-eeuwse romans van Bolesław Prus.) En aan P.G.: ‘U moet nodig van balpen veranderen. De pen waarmee u nu schrijft maakt ontzettend veel fouten.’ Je kunt dit boek ook zien als een handboek voor elke uitgever die woorden zoekt om een manuscript af te wijzen, maar ook voor schrijvers in spe over hoe te schrijven.

Meester van het korte verhaal

In zijn nawoord noemt Karol Lesman Kornel Filipowicz een van de voortreffelijkste naoorlogse Poolse prozaïsten en meester van het korte verhaal. Memoir van een antiheld is met zijn 129 pagina’s tekst een microroman. Deze kent alle artistieke elementen die ook in de traditionele roman voorkomen: tijd, hoofdpersonage, vertellijn enzovoorts, met dit verschil dat die elementen in de microroman sterk gecondenseerd zijn.

Kornel Filipowicz, thuis in Kraków, 1980. Foto > Wojciech Plewiński | Forum

In Memoir van een antiheld spreekt de ik-persoon met walging over de overwonnen Poolse soldaten. Ze worden weerzinwekkend, versleten, smerig en wild genoemd. Deze persoon zag ook een lerares weggevoerd worden die een machinegeweer op Duitse soldaten had leeggeschoten en twee van hen doodde. Hij vond haar een idioot mens. ‘Moet dat een held voorstellen?’ vroeg hij zich af. Ook dit was weerzinwekkend.

De niet met naam genoemde verteller doet uitgebreid verslag van wat hij meemaakt aan het begin van de oorlog, waarbij de zinloosheid van het vechten voorop staat. ‘Hij dacht: legers vechten tegen legers, overwinnen en verdrijven ze, en het land blijft het land. De uitkomst staat al vast.’ Hij verwachtte een Duitse nederlaag. En verhaalt over zijn hospita, die met een geweer in haar maag zit en de gesprekken in het café. Fietsend hoorde hij plotseling het piepen van remmen. Twee SS’ers stapten uit de auto en sloegen hem in het gezicht, tot bloedens toe. Hij voelde walging voor mensen die medelijden met hem hadden, fietste naar huis en verzorgde zijn wonden. Wel bedacht hij wat hij eraan kon doen om zijn persoonlijke veiligheid te waarborgen. Hij wil leven, goed leven en iemand zijn. Hij vraagt zich af wat het nut is van heldendaden, waarbij je je leven riskeert. Wat heb je aan roem wanneer je dood bent? Heldendaden zijn niet moeilijk. Getuige het feit dat hij de buurman vrij krijgt na hem eerst te hebben aangegeven.

Op een stenen bankje zitten Wisława Szymborska en Kornel Filipowicz en kijken naar de opnames van de verfilming naar een verhaal van Filipowicz, De heilige. Foto’s > Ewa Lipska

Filipowicz beschrijft deze wederwaardigheden zo droog dat het komisch zou zijn wanneer de omstandigheden niet zo schrijnend waren. Ook wanneer de verteller wordt opgepakt en in de gevangenis belandt, waar hij de zogenaamde helden tegenkomt. De directeur van het bedrijf waar hij werkt zorgt ervoor dat hij vrijkomt en wanneer hij hem daarvoor bedankt zegt de directeur: ‘Staat u mij toe dat ik u één ding zeg: u bent een idioot…’

Filipowicz schrijft in lange ‘Latijnse’ zinnen met veel bijzinnen. Opletten! Maar je krijgt er wat voor terug. Er gebeurt nog veel meer, ook na de oorlog. Uiteindelijk ziet de verteller de oude dame op het balkon tegenover zijn huis weer zitten. ‘Datzelfde, onsterfelijke, onverwoestbare oudje.’ Waarin hij zijn levensvisie weer bevestigd ziet.

Wisława Szymborska, Brievenpost, Hoe word je (geen) schrijver? Vertaald uit het Pools door Karol Lesman. Amsterdam: Cossee 2026, 144 pp., ISBN 9789464522938, pb., € 19,99 (e-book € 10,99).

Kornel Filipowicz, Memoir van een antiheld. Vertaald uit het Pools door Karol Lesman. Amsterdam: Zirimiri Press 2026, 144 pp., ISBN 9789490042288 € 22,50.

Anna Bikont & Joanne Szczęsna, Wislawa Szymborska. Prullaria, dromen en vrienden. Vertaald uit het Pools door Karol Lesman. Amsterdam: Uitgeverij De Geus 2014, ISBN 9789044527773, e-book, € 7,49 (het gedrukte boek alleen nog tweedehands).

Kort videoportret van Karol Lesman, gemaakt ter gelegenheid van het winnen van de Cultuurfonds Vertaalprijs Martinus Nijhoff 2017.

Reacties (1)

  1. Marijke van Hooff schreef:

    Dank Hein van Kemenade voor de enthousiasmerende recensie van Brievenpost.
    Meteen mijn Prullaria, dromen en vrienden ( merk de volgorde op!) uit de kast gehaald.
    Hardop mijn geliefde strofe uit
    Het Moment geciteerd, een mooi begin van de dag :
    Zover het oog reikt heerst hier het moment.
    Een van die aardse momenten
    die men vraagt ga niet voorbij.
    En natuurlijk Brievenpost bestellen met de prachtige ondertitel:
    Hoe word je ( geen) schrijver.
    ik verheug me.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *