Jos Steegstra overleed in 2002. Hij was een dichter die geruime tijd in Oss woonde en zich in Noord-Brabant vol inzette om de poëzie te steunen en te promoten. Hij was ook Groninger en Hollander en naast dichter onderwijsman. Overdracht zat hem in het bloed. Overdracht van kennis en van liefde voor wat goed en mooi is.
door Lauran Toorians
Jos Steegstra was een dichter die tijdens zijn leven heel Nederland doorkruiste. Hij werd in 1940 geboren in Groningen, woonde in Julianadorp en Bergen – beide in Noord-Holland – vervolgens geruime tijd in Oss en later in Tholen waar hij in 2002 overleed. In Oss woonde hij van 1988 tot 2000 en hij heeft er zodanig poëtische sporen nagelaten dat daar sinds 2016 zijn naam is verbonden aan de tweejaarlijkse Jos Steegstra Poëzieprijs.
Met redelijk vaste regelmaat
Van beroep was Steegstra een onderwijsman, werkzaam als onderwijzer en later onder meer als adjunct-directeur van de pedagogische academie in Den Helder. Hij was breed culturerel actief en dat bleef zijn hele leven zo. Als dichter debuteerde hij in 1960. Toen nog onder het pseudoniem Jos Verstegen, maar die schuilnaam gaf hij al snel weer op. Bundels bleven daarna met redelijk vaste regelmaat verschijnen, vaak bij kleine, bibliofiele uitgevers. Beeldende kunst speelde daarbij vaak een rol.

Opvallend in zijn lijst met publicaties is aflevering twee in de reeks ‘Noord-Holland in proza, poëzie en prenten’ van de Stichting Culturele Raad Noord-Holland, verschenen in 1991. Steegstra maakte deel uit van die raad. De titel is Anna Paulowna en Erna van Mondfrans maakte de prent, Steegstra de tekst. In Noord-Brabant werd Steegstra lid van de literaire sectie van het Noordbrabants Genootschap en dat gaf een vergelijkbare reeks uit van ‘plaatsgedichten’ met prenten samen in een map. Wellicht was het Steegstra die dit idee vanuit Noord-Holland importeerde. In Oss ontstond een nauwe samenwerking met beeldend kunstenaar Han Klinkhamer (Oss 1950). Steegstra stimuleerde ook andere dichters en kleine uitgevers van poëzie en hij was een gedreven promotor van kunst en cultuur, poëzie in het bijzonder. Dat zal ook de onderwijsman in hem zijn geweest.
In een gespreid bedje
Bijzondere belangstelling had Jos Steegstra voor archeologie en geologie, onderwerpen die in zijn gedichten vaker terugkeren. In Oss viel hij wat dat betreft in een gespreid bedje, want daar werden al vanaf 1974 de stadsuitbreidingen – vooral die in Oss-Ussen – op een voor die tijd ongekende schaal archeologisch begeleid vanuit de (toen nog) Rijksuniversiteit Leiden. Generaties archeologiestudenten brachten hier hun zomers door met verplicht veldwerk en de resultaten van dit onderzoek bleven natuurlijk ook in Oss zelf niet onopgemerkt. Een gedicht dat hier duidelijk naar verwijst is het volgende:
Veldonderzoek
Ik breng land in kaart
om na te trekken
of jij er bent geweest
en te bepalen of
deze veldverkenning
leiden moet tot
nader onderzoek;
want eenmaal ondergronds
neem ik het risico
van onomkeerbaarheid:
wie graaft vernietigt
vaak het meest gezochte.
Dit gedicht is opgenomen in de bloemlezing Bij wijze van horizon die dochter Muriël Steegstra samenstelde als eerbetoon aan haar vader. Een mooi gebaar om hem als dichter in de actualiteit te houden. De bundel is verlucht met fraaie natuurfoto’s van Magda van der Ster, weduwe van de dichter.
De beleving van het landschap
De bloemlezing is verdeeld in vier afdelingen waarvan de eerste het meest expliciet de belangstelling voor het (verre) verleden laat zien. In de tweede gaat het om herinneringen, om de zoektocht naar zelfstandigheid, liefde, een thuis en geborgenheid. De derde afdeling gaat over de beleving van het landschap en de wisseling van de seizoenen daarin, met gedichten die de sfeer van Japanse gedichten als haiku en tanka ademen. Zo bijvoorbeeld een gedicht dat uit twee haiku lijkt te bestaan:
Dooi
Het wintert al zo lang niet
geen insect graaft zich in tegen de kou
geen vogel kwetst zijn snavel aan water –
Je had nog zoveel willen krassen
in het vriesdunne gehemelte
voor de dooi het wist.
In het laatste deel gaat het naar mijn idee over liefde en verliefdheid, al wordt dat nergens expliciet, en tegelijk over het bewustzijn van de eindigheid van alles en dus van de dood. Het zijn geen droevige gedichten en steeds blijft bij Steegstra veel ongezegd, terwijl hij toch volkomen helder is. Met weinig woorden creëert hij originele beelden die emoties oproepen die de lezer zelf mag invullen. Dat verraadt een goede dichter en voor deze bundel een goede bloemlezer.

Jos Steegstra, Bij wijze van horizon. Gedichten. Gekozen door Muriël Steegstra. Met foto’s van Magda van der Ster. Den Haag: Uitgeverij De Kleine Weimar 2026, 63 pp., ISBN 978-94-6000-041-6, pb., € 20,00.
Meer poëzie op Brabant Cultureel
Beeld voorpagina: De Beerze bij Papenhoefs veld | Nieuwe kamp | De Weert; Iets boven Banisveld. Foto > Hans Lodewijkx
© Brabant Cultureel 2026
