Hoe kan het dat een succesvolle kinderboekenschrijfster met drie gouden griffels en schrijfster van het kinderboekenweekgeschenk 1995 dertig jaar later door de meeste lezers vergeten is? Dat is een van de vragen die de uitstekend geschreven biografie over Els Pelgrom opwerpt en ook beantwoord wordt. Sanne van Heijst maakte mij weer enthousiast voor deze bijzondere schrijfster.
door Hein van Kemenade • Foto’s uit besproken boek
Er zijn veel bijzondere en vermeldenswaardige feiten te noemen over Els Pelgrom (Arnhem 1934). Zoals dat zij pas op haar vierenveertigste debuteerde. Dat ze bijna de Griffel der Griffels won – Tonke Dragt ging met die eer strijken. Dat haar veel jongere halfbroer Herman Koch een groot romanschrijver werd. Dat ze nu tweeënnegentig jaar oud is en heeft meegewerkt aan haar biografie door (liefdes)brieven en materiaal ter beschikking te stellen aan de auteur van die biografie Sanne van Heijst (’s-Hertogenbosch 1980). Dat ze zich liet interviewen door Van Heijst. Dat haar werk baanbrekend was en is. Pelgrom nam de kinderen serieus en schreef op een volwassen toon voor hen. Ook internationaal had zij veel succes. De biografie door Van Heijst verscheen onder de titel Else, het eigenwijze leven van kinderboekenschrijfster Els Pelgrom.

Aan de hand van vier dierfiguren
De opzet van de biografie is origineel. Sanne van Heijst beschrijft de verschillende levensperioden van Pelgrom aan de hand van vier dierfiguren uit haar ‘dierenboeken’ De olifantsberg (1985) en Het onbegonnen feest (1987). Dit was mogelijk doordat vrijwel alle boeken die Els Pelgrom schreef autobiografisch zijn of waarin zij delen van haarzelf uitvergroot.

Deel één gaat over haar jeugd en is genoemd naar ‘Eekhoorn zonder staart’, een springerige theatrale figuur. Deel twee over haar moederschap en zoektocht naar het schrijverschap heet ‘Zeugster’, het zorgende en zwoegende varken. Deel drie behandelt haar schrijverschap en daar past ‘Marter’ bij, beschouwend en lichtgestoord. Deel vier over haar schrijverschap in de luwte vernoemde Van Heijst naar de tobberige ‘Reumatische kat’.

Wat er in het leven te koop is, dat wilde Els Pelgrom vooral graag weten en beschrijven. Geboren als Else Koch in 1934 en opgegroeid in Arnhem maakte ze de slag om Arnhem mee en werd als elfjarige ondergebracht op de Veluwe op een boerderij in Herikhuizen. Daar beleefde ze een heel gelukkige tijd, waarin ze zich geaccepteerd voelde. In het gezin werd aan Els Pelgrom de rol van zorgende moeder en het huishouden toebedeeld. Zij vond zelf ook dat het zo hoorde. Zij was veel meer moeder dan haar eigen moeder, die liever een boek las en de kinderen in de oorlog op eten uitstuurde.
Een wens uit haar jeugd
Else trouwde met de beeldhouwer Karl Pelgrom. Aanvankelijk woonden zij in zijn atelier in een pakhuis nabij de Nieuwmarkt in Amsterdam. Later verkeerden ze samen in kunstenaarskringen in Groningen. Ze was arm, maar gastvrij. Op haar veertigste nam ze een kamer voor zichzelf om te gaan schrijven, al een wens uit haar jeugd. Haar jongste was elf en ging naar de middelbare school, waardoor ze daadwerkelijk meer tijd had. Zij schreef haar debuut Het geheimzinnige bos (1962) en brak door met De kinderen van het achtste woud (1977).

Pelgrom schreef over eigen ervaringen en fantasieën als het kind dat zij in zichzelf had behouden. Ze schreef kinderboeken als volwassen boeken en helemaal vanuit het kind. ‘Je moet kinderen niet onderschatten. Ik geloof dat ze lang niet zo’n leuk en gezellig leventje hebben. Bedrog, verraad en wantrouwen zijn ook voor hen wezenlijke elementen.’ De manier waarop Els Pelgrom schreef, was niet het realisme van het kinderleven zoals andere schrijvers uit die jaren dat deden. Zij schreef op een gelaagde manier en kon heftige onderwerpen vertellen als een sprookje. Ze daagde haar lezers uit om die dingen te ervaren die alleen in haar hoofd bestonden. Fantasieverhalen in een realistische wereld met magische momenten.
Ruimte voor het literaire kinderboek
In haar dagboek schreef zij: ‘Met dieren kan ik mijn gruwelijkheden beter verwoorden, net als met poppen.’ Sommige critici stelden dat hiermee probleemboeken plaats maakten voor het literaire kinderboek. Zij waren onder de indruk van haar zintuiglijkheid. Anderen spraken over hopeloze somberheid, dus een voortzetting van het probleemboek, maar dan in een sprookjesachtig jasje en met meer betekenislagen. Dolf Verroen vroeg zich in een recensie in Bzzletin af of het gebruik van taal als ‘pissen tegen een jonge appelboom’ wel verantwoord was.
Kleine Sofie en lange Wapper (1984) heeft een bijzondere plaats in haar oeuvre. Els Pelgrom schreef en Thé Tjong-Khing maakt de illustraties. De laatste zei hierover dat Els alleen kan schrijven wat uit haarzelf voortkomt. Unaniem wordt dit boek beschouwd als haar magnum opus. In 1985 was er voor het eerst een literaire beoordeling bij de griffeljury, voor die tijd gold alleen de opvoedkundige waarde. Hierdoor werd ruimte gecreëerd voor het literaire kinderboek. Tegelijkertijd ontstond er een antistemming, omdat de kinderjury’s haar boek niet mooi vonden.
Haar leven nam een wending
Een woordvoerder van de Groep Algemene Uitgevers Kinderboeken sprak er schande van: ‘Als een kind dan niets van zo’n boek begrijpt wil het geen Griffelboek meer. Zo maak je kinderen leesschuw.’ Els Pelgrom antwoordde hierop dat ze best begreep dat Kleine Sofie niet voor elk kind leuk was om te lezen. ‘Ik schrijf over wat mij bezighoudt. Uiteindelijk bestaat er geen gemiddeld kind voor mij. Soms zitten er misschien dingen in die niet door ieder kind worden begrepen. Maar dat is geen bezwaar, want ook als je niet alles eruit haalt, blijft het spannend.’

In 1985 nam het leven van Els Pelgrom een wending. Ze maakte een reis naar Zuid-Spanje en ontmoette daar Salvador. ‘Een heel mooi mens’, zoals ze in haar dagboek schreef. In datzelfde jaar werd Kleine Sofie en Lange Wapper tweemaal bekroond, met de Gouden Griffel en het Gouden Penseel. En kwam de discussie op gang over de criteria en de vraag wie kinderboeken kan beoordelen. De Griffeljury, die als elitair werd aangemerkt, of de kinderen zelf, al dan niet gedreven door de belangen van de commercie.
Verhuizing naar Spanje
Pelgrom wilde emigreren naar Spanje, wat niet lukte. Salvador kwam naar Amsterdam, waar hij zich niet thuis voelde. Maar de liefde bleek sterker en zij trok in bij Salvador, in Sacromonte, een wijk in Granada en van oudsher het toevluchtsoord voor de allerarmsten en verdrevenen onder wie veel gitanos. Uit de zachte steen van de berg hadden ze hun grotwoningen gehakt. Haar Spaanse schoonzus zag de verhuizing aanvankelijk somber in, als buitenlandse vrouw in een kleine gesloten gemeenschap. Tot zij Salvador leerde kennen. ‘Hij was een hart met twee benen’, zei ze. Voor Els Pelgrom betekende het een avontuur, wat haar met Karl niet was gelukt en wat zij alleen ook niet aandurfde.

Zij kon zich goed aanpassen en werd op handen gedragen door de familie van Salvador, die herstelde van een zwaar ongeluk in 1987, maar nooit helemaal de oude werd. Pelgrom schreef De eikelvreters (1989), gebaseerd op Salvadors jeugd, en dit boek werd in Nederland enthousiast ontvangen. Recensent Victor Frederik vond het verbazingwekkend dat een Nederlandse schrijfster zich zo goed kon inleven in een tienjarige Spaanse jongen tijdens de Spaanse Burgeroorlog. Pelgrom was erin geslaagd een boek te schrijven dat ontroerend was en niet sentimenteel. De eikelvreters werd bekroond met een Gouden Griffel, de derde die Els Pelgrom ontving.
Met Salvador ging het slecht. Hij leed aan verschillende kwalen en overleed in 1993, zevenvijftig jaar oud. Els bleef alleen achter, zonder zijn bescherming. In 1995 schreef ze het Kinderboekenweekgeschenk Bombaaj! over een hond met korte pootjes die in Zuid-Spanje woont.
Een haast fysieke drang
Van Heijst constateert een verandering in het werk van Els Pelgrom door de jaren heen. Die ligt niet in de taal of de natuurbeschrijvingen. Ze bleef ook kiezen voor de underdog en ze was onverminderd fantasievol. Wat wel veranderde was haar drijfveer. Al haar eerdere boeken hadden gemeen dat ze ontstonden uit een ‘diepgevoelde, haast fysieke drang om een verhaal met de wereld te delen’. Pelgrom duidde dit in haar essay ‘Volkscultuur’ als volgt: ‘Bij het schrijven gebeurt veel, zelfs heel veel, in het onderbewuste.’ Zij omschreef dit ook als het moeilijk te benoemen begrip ‘duende’, het Spaanse woord voor een geheimzinnig element waardoor een tekst de lezers raakt, waardoor het verschil gemaakt wordt. Zoals op een feest twintig paren goed en mooi dansen en één paar hét heeft. Zelf dacht Pelgrom dat zij haar duende was kwijtgeraakt door het overlijden van Salvador.
Gelukkig zijn een aantal van haar boeken nog steeds verkrijgbaar in de boekhandel en verschijnt er in september een deel in de reeks Privé-Domein van de Arbeiderspers met haar dagboeken. Alles gebeurt. De Spaanse jaren 1985-1994. Sanne van Heijst heeft een uitstekende biografie geschreven over een van de grootste Nederlandse kinderboekenschrijvers. Ze beschrijft haar oeuvre, maar ook haar persoonlijke leven. In de biografie worden haar jeugd, de verhoudingen met haar beide ouders, die zich niet zoveel van hun kinderen aantrekken, haar keuze om er te zijn voor haar eigen kinderen, haar liefdes, haar drang tot avontuur, haar liefde voor Spanje, haar keuzes in het leven, uitvoerig beschreven. Van Heijst heeft de juiste toon gevonden om dit verhaal te vertellen. En ze heeft de biografie kunnen schrijven met medewerking van Els Pelgrom en voltooid bij haar leven.
Sanne van Heijst
Sanne van Heijst studeerde bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vanaf 2004 werkte ze negen jaar lang als educatief medewerker bij Nationaal Monument Kamp Vught. In 2016 verscheen van haar hand de biografie Philips-meisje. Daarna werkte ze als adviseur leesbevordering voor Cubiss. Ze hield zich onder andere bezig met de kracht van kinderboekenklassiekers, zoals van Els Pelgrom. Van haar bleek nog geen biografie te zijn. In 2019 zette ze de eerste stap om zelf die biografie te gaan schrijven, dat resulteerde in Else. Van Heijst werkt als buitenpromovendus aan de Universiteit van Tilburg aan een proefschrift over Pelgrom, daarin begeleid door emeritus-hoogleraar Helma van Lierop. De verwachting is dat de promotieplechtigheid in januari 2027 kan plaatsvinden. Het manuscript van het beoogde proefschrift gaat een dezer dagen naar de leescommissie.
Sanne van Heijst, Else. Het eigenwijze leven van kinderboekenschrijfster Els Pelgrom. Amsterdam: Atlas/Contact 2026, 390 pp., ISBN 9789045047591, hb., € 29,99 (e-book € 15,99).
Meer over jeugdliteratuur op Brabant Cultureel
© Brabant Cultureel 2026

