Jubilerend TextielLab staat centraal in expositie TextielMuseum

Dit jaar bestaat TextielLab, de professionele werkplaats van het TextielMuseum, een kwart eeuw. Dat wordt gevierd met de expositie ’Mens <3 machine – 25 jaar TextielLab’, een aantrekkelijk eerbetoon aan innovatie, samenwerking en het verleggen van grenzen.

door Corien Ligtenberg

Met de plaatsing van een moderne, computergestuurde jaquardweefmachine in het hart van het pand transformeerde het TextielMuseum in 2001 van een regulier museum naar een ‘museum in bedrijf’. Dat was het begin van TextielLab. Na de weefmachine volgden al snel een computergestuurde breimachine en een dito borduurmachine. Peter Struycken was in 2002 de eerste kunstenaar die werd uitgenodigd om een werk op de nieuwe weefmachine te realiseren. Hij gold als pionier op het gebied van digitale kunst en gebruikte al vroeg de computer om zijn kunstwerken een onderliggende structuur te geven.

TextielLab. Foto > Patty van den Elshout i.o.v. TextielMuseum

Internationale springplank

Door de jaren heen heeft TextielLab heeft zich ontwikkeld tot een internationale springplank voor jong en gevestigd talent dat er samen met de technische specialisten van het lab alle ruimte krijgt om de mogelijkheden van het medium verkennen. ‘De plek waar de professionele maker het verhaal vertaalt naar stof’, omschrijft het museum TextielLab. ‘Innovatief weven op het snijvlak van vakmanschap en technologie.’ De bezoeker kan getuige zijn van dat proces, die is hier tussen de professionele werkende machines van harte welkom.

Weefspecialist Alonso Muenala-Vega in het TextielLab. Foto > Patty van den Elshout i.o.v. TextielMuseum

In de afgelopen vijfentwintig jaar hebben heel wat kunstwerken in TextielLab het levenslicht gezien. Dat wordt gevierd met ‘Mens <3 machine – 25 jaar TextielLab’, een expositie van elf monumentale werken die in TextielLab zijn gerealiseerd. Zo ontwikkelde kunstenaar Mae Engelgeer samen met Judith Peskens van TextielLab het werk ‘Abstract notes’. Dat beslaat de volledige wand van de foyer van muziekcentrum TivoliVredenburg in Utrecht, al met al zo’n zeshonderd vierkante meter. Daarvan is in de expositie een reproductie op schaal te zien.

De jubileumexpositie ‘Mens <3 Machine – 25 jaar TextielLab’ is helder en aantrekkelijk vormgegeven. Foto > Josefina Eikenaar-TextielMuseum

Ook de textiele ‘wanden’ (zes gordijnen van vijftien bij vijftig meter) van de Tilburgse LocHal werden hier ontwikkeld en geproduceerd, in nauwe samenwerking met architectenbureau Inside Outside en onder leiding van designer Petra Blaisse. Dat was een van de grootste opdrachten waaraan TextielLab heeft meegewerkt.

Focus op de kunst

‘Mens <3 machine’ is een aanstekelijk eerbetoon aan TextielLab. De expositie is helder en aantrekkelijk vormgegeven. De opzet is sober, waardoor alle focus naar de kunstwerken gaat. Die hebben ook alle ruimte gekregen. Her en der in de zalen staan spiegelende cabines die de bezoeker de gelegenheid bieden om in alle rust korte video’s te bekijken. Daarin gaat steeds een kunstenaar/ontwerper met zijn/haar expert van het TextielLab in gesprek over het wordingsproces van het tentoongestelde werk. Die verdieping voegt veel toe. De bezoeker wordt meegenomen in het meeslepend enthousiasme en de expertise van de kunstenaars/ontwerpers en de mensen van TextielLab.

Zoals in de video van het tweegesprek tussen Struycken, een van de exposanten, en productontwikkelaar Stef Miero. Daaruit komt heel helder naar voren dat zij destijds, als pioniers, elkaar hard nodig hadden om Struyckens ideeën te vertalen naar textiel. Samen werkten ze aan de ontwikkeling van zijn wandkleed ‘Boulez’. Dat begon met het samenstellen van een geweven kleurenpalet dat hier ook te zien is. De kleuren konden niet, zoals bij verf, worden gemengd, maar moesten worden gerealiseerd door gekleurde garens op verschillende manieren met elkaar te verbinden. Of zoals Miero het duidt: ‘Garens mengen anders dan pigment.’

Tegen de wand ‘A slightly inaccurate but nonetheless lightly entertaining story of the Bauhaus’ door Koen Taselaar. In het midden van de zaal ‘Boulez’ van Peter Struycken en op de voorgrond een deel van het kleurenpalet dat voor Struycken werd ontwikkeld. Foto > Josefina Eikenaar-TextielMuseum

Dat was een hele zoektocht, die werd bepaald door de (on)mogelijkheden van het materiaal. ‘Je leert je beperkingen. Dat heb ik van jou geleerd’, zegt Struycken in het tweegesprek met Miero. Die antwoordt: ‘Ik heb ervan geleerd hoe ik kleuren moet maken. Dat is me altijd bijgebleven in mijn werk.’

Productontwikkelaar Stef Miero tegen Peter Struycken (r): ‘Garens mengen anders dan pigment. Ik heb geleerd hoe ik kleuren moet maken. Dat is me altijd bijgebleven in mijn werk.’ Foto > Roxanne van de Zanden-TextielMuseum

Liefde tussen kleur en binding

Uit alles spreekt de liefde voor het vak. Dat is ook te zien in de video met kunstenaar Mae Engelgeer en Judith Peskens, waarbij die laatste het niet kan laten om tijdens haar toelichting ter plekke haar hand even liefkozend over de textiele wand in de foyer te laten glijden. ‘Liefde’ is steeds het uitgangspunt in de verschillende thema’s van de expositie: liefde tussen mens en machine; liefde tussen kleur en binding; liefde tussen hand en machine (ondertitel ‘Oude liefde roest niet’). Dat werkt, al slaat die consequente aanpak soms wat door. In de video bij Weven <3 driedimensionaal (ondertitel ‘Grenzeloze liefde’) ontvouwt zich een soort liefdesdialoog tussen de draden en het weefgetouw. Die wordt door afwisselend een mannenstem en een vrouwenstem uitgesproken, op rijm ook nog. Alsof het radioprogramma Candlelight langs is geweest.

Mae Engelgeer met een deel van haar wandkleed ‘Abstract Notes’ in wording (2025). Foto > Patty van den Elshout i.o.v. TextielMuseum
Samira Boon en Stef Miero onderzoeken samen de mogelijkheden van machine en materiaal (2015). Foto > Josefina Eikenaar-TextielMuseum
‘Yoshimura Fold’ van Samira Boon. Foto > Josefina Eikenaar-TextielMuseum

In TextielLab wordt steeds gezocht naar de grenzen van de machine en het materiaal, en hoe die grenzen kunnen worden verlegd. Dat ervoer ook Samira Boon, die samen met Miero aan de slag ging om een stof te ontwikkelen die zich eenvoudig laat vouwen en zelfdragend is. Het indrukwekkende resultaat is hier te zien. Haar driedimensionale ‘gevouwen’ structuur/ kamerscherm ‘Yoshimura Fold’ is opgebouwd uit polyester, papier en mohair en kan talloze vormen aannemen.

Broedplaats voor jong talent

TextielLab fungeert ook als broedplaats voor jong talent. Ursula Wagner nam in 2012 deel aan een traineeship en wilde in Tilburg de mogelijkheden van driedimensionaal weven onderzoeken. Zij experimenteerde met meerlaagse weefsels en verschillende garens, zoals koperdraad en garen van bananenvezels. Van haar is het driedimensionale ‘Lissajous Figure’ te zien uit de serie ‘Shaping Weaves/Weaving Shapes’. Wagner, inmiddels een gevestigd kunstenaar, vertelt in de video dat ze als een kind in een snoepwinkel was toen ze voor het eerst het in TextielLab kwam. Wagner: ‘Ik had het gevoel dat er geen grenzen waren. Hier kan je je dromen laten uitkomen.’

‘Lissajous figure’ van Ursula Wagner. Als trainee onderzocht Wagner in Tilburg de mogelijkheden van driedimensionaal weven. Foto > Josefina Eikenaar-TextielMuseum

‘Mens <3 machine – 25 jaar TextielLab’ is nog tot en met 11 oktober te zien in het TextielMuseum, Tilburg. Met werk van Peter Struycken, Koen Taselaar, Aiko Tezuka, Jan Taminiau, Aleksandra Gaca, Bertjan Pot, Van Eijk & Van der Lubbe, Fransje Gimbrère, Samira Boon, Ursula Wagner en Mae Engelgeer.

Foto voorpagina: Fransje Gimbrère aan het werk in het TextielLab. Foto > Patty van den Elshout i.o.v. TextielMuseum

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *