‘Love Letters from the War’ is een tentoonstelling van foto’s en een videofilm bij Pennings Foundation in Eindhoven. Voor maker Hanno Ketterer zijn de brieven die zijn Duitse grootvader Karl tijdens de Tweede Oorlog schreef de inspiratiebron. De expositie zet het clichébeeld van de Duitse Oostfrontsoldaat op zijn kop.
door Henk van Weert
Bij de entree van de expositie ‘Love Letters from the War’ stuit je op een korte tekst. Vertaald uit het Duits: ‘Al mijn brieven moeten altijd liefdesbrieven zijn. De liefde, echte, mooie menselijke liefde, heeft ons bij elkaar gebracht. De eeuwige haat van de mensen heeft ons uit elkaar gedreven.’ Het zijn woorden van grootvader Karl, gericht aan grootmoeder Grete. Laatste jaren van de oorlog, de vrouw is thuis met haar jonge dochter, de moeder van Hanno Ketterer, de man is ver weg in het oosten waar het Duitse leger op weg is naar een nederlaag in Rusland.
Allesbehalve dat
Het clichébeeld van de Duitse Oostfrontsoldaat is dat van een fanatiekeling, vrijwilliger vaak, bij voorkeur lid van de SS. De grootvader van Ketterer was allesbehalve dat. Hij schreef bijna elke dag een brief aan zijn vrouw, in totaal bijna duizend. Ze liepen over van liefde voor Grete en zijn dochter. Van al het geweld moest hij niks hebben.





De moeder van Hanno Ketterer vond de brieven in de nalatenschap van grootmoeder Grete en Ketterer is ze ver na de oorlog gaan lezen. Zo ontvouwde zich een klassieker: de onbekende, gevonden brieven leidden tot kunst. In dit geval tot de combinatie van een boek en een korte film, aangevuld met een reeks foto’s uit het privé-archief van Karl en Grete.
Bloemen langs de weg
Hanno Ketterer (1967) heeft bijna alle brieven bij Pennings aan de wand geplakt. Het is niet de bedoeling dat je ze gaat lezen, daarvoor hangen ze te hoog. Je krijgt wel meteen een indruk van het liefdesbombardement van Karl op zijn jonge echtgenote. Hij was een soldaat tegen wil en dank. Een zachtaardige man. Met een kunstopleiding achter de rug was Karl leraar Duits geworden. Als soldaat moet hij zich miserabel hebben gevoeld. Uit zijn brieven blijkt dat hij afleiding zocht in de kleine en mooie dingen die hij, ondanks alles, in het oosten tegenkwam. Hij schrijft over bloemen langs de weg, midden in een verwoest oorlogslandschap. Hij zoekt er troost en afleiding in.
Hanno Ketterer maakte van de nalatenschap van zijn grootvader een project. Aan de muur bij Pennings hangt een flinke reeks zwart-witfoto’s die Karl maakte van zijn gezin. Ze overstijgen het niveau van het gemiddelde gezinskiekje verre. Dat Karl een kunstopleiding had gehad, wordt snel duidelijk. De foto’s zitten qua compositie fraai in elkaar, de mensen (Grete, Karl, het kind) staan op een klassiek mooie manier in beeld. De foto’s zijn vierkant, tegenwoordig een geliefd formaat in de artistieke fotografie.

Met de film zet Hanno Ketterer een stap verder. Negen minuten lang citeert hij uit brieven van zijn opa. Er komen echte foto’s in beeld, maar het meeste materiaal bestaat uit beelden die door kunstmatige intelligentie (AI) zijn gegenereerd.
AI als extra middel
Kan dat, AI gebruiken in een artistieke productie? In de fotografie is al een tijd een discussie gaande of AI wel of niet is toegestaan. Ook hier is dat een strijd tussen de preciezen en de rekkelijken. Sommige fotografen verfoeien AI en zien er het begin van het einde in. Andere beschouwen het als een extra middel dat hun fotografische mogelijkheden verruimt. Scott Kelby, schrijver van vele meters fotografieboeken, kwam onlangs tot de slotsom dat dat je AI niet als zelfstandig, creatief instrument moet gebruiken, maar hooguit als handig technisch hulpmiddel. Je mag er gerust de lelijke puistjes uit een portret mee wegpoetsen, maar het gaat te ver om AI zelfstandig een portret te laten maken. De meeste fotografen zullen zich hierin wel kunnen vinden.

Toch gaat fotograaf Ketterer een stap verder. Hij gebruikte de informatie in de brieven als prompts voor zijn via AI gegenereerde beelden. De brieven sturen zo de beelden. Zo fladderen er vlinders en vogels rond die nooit hebben bestaan. Ook heeft Ketterer zelf in de beelden getekend en vliegen er ineens vliegtuigen over historische zwart-wit beelden. Binnen de context van het verhaal dat hij wil vertellen, is het allemaal heel zinvol gebruik van AI.

Het is ook een illusie te denken dat AI uit de fotografie is weg te houden. Als je het gaat zien als verbeeldingsgereedschap dat je verantwoord moet gebruiken, is er niet zoveel aan de hand. Waarschijnlijk lachen we over twintig jaar om de pogingen van nu om AI te weren of te beteugelen. Zoals we nu lachen om de hardliners die dertig jaar geleden in de opkomst van de digitale fotografie het begin van het einde zagen.
‘Hanno Ketterer, Love Letters from the War’, tot en met 9 mei 2026 bij Pennings Foundation, Eindhoven. Ketterer bracht de brieven samen in een gelijknamig boek, dat verschenen is bij Kehrer Verlag.

Meer over fotografie op Brabant Cultureel
© Brabant Cultureel 2026
