Al zo lang als er mensen zijn, trekken we rond over de wereld. In groepen of individueel, vrijwillig of gedwongen, reizen en migratie zijn van alle tijden en behoren tot de meest menselijke eigenschappen. Het zorgt voor uitwisseling van kennis en ideeën en draagt bij aan de vooruitgang, maar kan ook traumatisch zijn. Schrijfster Tina De Gendt en illustrator Aimée de Jongh maakten er een mooi (prenten)boek over.
door Lauran Toorians
Hoewel politici in binnen- en buiteland er de mond vol van hebben, blijken ‘gewone’ mensen zich opmerkelijk weinig zorgen te maken over migratie. Een groep wetenschappers van de Tilburg School of Social and Behavioral Sciences (TSB) onderzocht het in een meerjarig onderzoeksprogramma met de naam Trendmonitor Mens & Maatschappij. De monitor volgt trends over hoe Nederlanders denken over thema’s als gedrag, diversiteit, sociale ongelijkheid en mentaal welzijn. Uit een eerste meting onder vijfduizend Nederlanders met de vraag wat zij als urgent ervaren, scoort migratie als laagste. Politieke onrust, klimaatverandering en economie (inflatie) scoren veel hoger. De onderzoekers signaleren dat de politieke nadruk op migratie niet overeenkomt met wat Nederlanders als urgent ervaren. Het politieke gehamer op migratie lijkt daarmee niet bepaald dienstig om politiek, beleid en maatschappelijke beleving bij elkaar te brengen en het draagvlak en vertrouwen te versterken.
Verhalende tekeningen van Aimée de Jongh
Voor iedereen die zich toch heeft laten aanpraten dat migratie een probleem is, is er nu een boek dat voor jong en oud duidelijk maakt dat migratie van alle tijden is en een heel normaal menselijk gebeuren: Onderweg. Migraties die de wereld veranderden. Het is een boek, inderdaad, zo’n ding met bladzijden en woorden, maar ook met heel veel heldere, verhalende tekeningen. Die zijn gemaakt door Aimée de Jongh (Waalwijk 1988). Zij maakt illustraties en animaties maakt en kreeg in binnen- en buitenland tal van prijzen voor haar werk. Veel aandacht kreeg ze met haar in 2024 verschenen stripversie – en eigen interpretatie – van Lord of the Flies / Heer van de vliegen naar de roman door William Golding.

Na een bezoek aan het Aanmeldcentrum in Ter Apel wist De Jongh dat zij haar volgende graphic novel daarover wilde laten gaan. Het werd uiteindelijk geen literaire strip, maar een erg informatief boek met teksten van Tina de Gendt (1982). De Gendt is ‘publiekshistorica’ en een groot kenner van de migratiegeschiedenis in Vlaanderen. De samenwerking is vruchtbaar gebleken, want het resulterende boek behandelt in kort bestek zo’n honderdduizend jaar migratiegeschiedenis en doet dat in korte, heldere hoofdstukken en met veel aansprekende illustraties die uitnodigen tot lezen.
Beide auteurs hebben zelf een migratieachtergrond. De ouders van De Jongh komen uit Nederlands-Indië en De Gendt heeft Turkse familie. Ze verbloemen dat in dit boek niet en het zal hen hebben geholpen om open tegenover hun onderwerp te staan. Het boek begint honderdduizend jaar voor Christus, als er nog maar zo’n miljoen mensen op aarde leven die ook dan al steeds op zoek zijn naar geschikte plaatsen om te leven.
De hele wereld bevolkt
Net als reizen is migratie zo oud als de mensheid en eigenlijk zo oud als het leven op aarde. Steeds zijn we op zoek naar plekken waar het goed toeven is. Vanaf de vroegste mensachtigen ging dat door tot vrijwel de hele wereld wordt bevolkt door mensen, met de Zuidpool – en uiteraard de oceaanbodems – nog steeds als uitzondering. Daar hebben we lang over gedaan, want pas in de veertiende eeuw arriveerden de eerste mensen in Nieuw-Zeeland. Dat zijn de Maori. Enkele eilanden in de Stille Oceaan werden nog later bevolkt, zo’n anderhalve eeuw voordat de eerste Europeanen hier kwamen rondkijken.

Naarmate het aantal mensen op aarde toenam en de beschikbare ruimte ‘voller’ werd, kon migratie leiden tot conflict. Jagers en rondtrekkende veehoeders botsten op landbouwers, boeren concurreerden om goede landbouwgronden, nieuwe technieken brachten meer mogelijkheden, maar vereisten ook grondstoffen en veranderende omstandigheden (klimaat, weerpatronen, overstromingen) dwongen mensen te verhuizen. Dergelijke migraties gingen niet altijd ‘spontaan’. Waar machtsverhoudingen vaste vormen aannamen en zoiets als staten ontstonden, was ook sprake van verovering en onderwerping. Vaak maakten overheersers daarbij gebruik van gedwongen migratie (dus deportatie) om mensen in het gareel te krijgen. Dat gebeurde in het grote Incarijk in de Andes, maar ook in het Rusland van Stalin of nu in China en Indonesië waar stelselmatig inheemse groepen tot een minderheid in ‘eigen land’ worden gemaakt.
Grootschalig is natuurlijk de enorme verbreiding van (afstammelingen van) Europeanen over een groot deel van de wereld. Nog geen drie procent van de huidige inwoners van de Verenigde Staten zijn ‘native Americans’ en een vergelijkbaar percentage geldt voor Suriname. Een substantieel deel van de anderen stamt af van slaven en contractarbeiders die niet vrijwillig kwamen. Anderen zijn nazaten van vluchtelingen voor honger of vervolging die dus ook niet geheel vrijwillig kwamen en weer andere zochten een beter leven: gelukszoekers. In Australië is de situatie niet wezenlijk anders. Een kleine vier procent is er ‘inheems’ en die groep is erg ongelijk over het continent verdeeld.

Maar migratie is niet altijd grootschalig en gaat ook niet altijd gepaard met de inname van land. De Noormannen vormen een goed voorbeeld. Zij bevolkten IJsland en bezetten delen van de Britse Eilanden, Normandië en (kortstondig) delen van Nederland, maar bevoeren ook de Middellandse Zee en dreven via de Russische rivieren handel met Iran en Afghanistan. Handel was vaak een belangrijke drijfveer en het beeld van de Noormannen als plunderaars laat slechts een deel van de werkelijkheid zien.
Ook ideeën reisden mee
Niet alleen grote groepen migreerden. Mensen deden dat altijd ook individueel of in familieverband. Dat kon gebeuren uit nieuwsgierigheid naar wat er achter de horizon ligt, uit nood en op zoek naar een beter leven of om handel te drijven. Een beroemd voorbeeld is Marco Polo die bepaald niet alleen als enige de Zijderoute volgde. En bij dit alles reisden niet alleen mensen en de voorwerpen die zij meenamen, maar – en belangrijker – ook ideeën. En dat ging van praktische uitvindingen tot abstracte ideeën die wij nu filosofie of religie noemen. Om maar wat te noemen: al in de achtste eeuw bereikte het Christendom China.

Het boek van De Gendt en De Jongh laat ook zien hoe slecht we ons grote migraties herinneren. Portugese joden en Franse hugenoten die naar Nederland kwamen, zitten nauwelijks nog in ons collectieve geheugen. Zelfs de Vietnamese bootvluchtelingen lijken als groep al uit de herinnering te verdwijnen. Dat is jammer, want zij laten zien hoe goed we erin zijn om nieuwkomers op te nemen. Het boek beschrijft ook hoe na de Eerste Wereldoorlog (christelijke) Grieken met geweld uit het huidige Turkije werden verdreven, en omgekeerd moslims uit Griekenland de andere kant op werden gejaagd. Voor toeristen die nu in Cappadocië de verlaten kerken en grotwoningen bezoeken, wordt subtiel verzwegen dat hier een eeuw geleden een genocide plaatsvond die veel minder bekend is dan die op de Armeniërs.
Ook de traumatische deling (Partition) tussen India en Pakistan komt in het boek aan bod. Toen Brits-Indië in 1947 onafhankelijk werd, werd doorgedrukt dat de moslims een eigen staat kregen in de vorm van Pakistan (toen nog één land samen met Bangladesh). Gevolg was een enorme en vaak bloedig afgedwongen volksverhuizing met als gevolg verdeelde families en trauma’s die nog steeds doorwerken.

Een paspoort was uitzonderlijk
Misschien – zou je kunnen concluderen – kunnen overheden zich maar beter helemaal niet met migratie bemoeien. Laat mensen gewoon wonen waar ze zich thuis en veilig voelen en doe je best om die veiligheid te garanderen. Tot ongeveer een eeuw geleden, laat het boek ook zien, konden mensen veelal vrij reizen. Een paspoort was toen nog uitzonderlijk en grenzen waren poreus. Tegelijk waren natuurlijk de mogelijkheden om individueel te reizen veel beperkter dan nu (voor westerlingen).
Het boek beschrijft en verbeeldt en doet dat erg goed. Oordelen kan de lezer zelf en daar biedt dit boek handvatten voor. Een overweging die bij mij opkwam, betreft het emigreren vanaf eind negentiende eeuw tot na de Tweede Wereldoorlog door massa’s mensen – ook vanuit Nederland – naar de Verenigde Staten, Canada, Australië, Zuid-Amerika en Zuid-Afrika. Zij werden daarbij vaak gesteund – en er zelfs toe aangezet – door hun regering. Die meende dat deze mensen beter elders een toekomst konden opbouwen dan dat zij in eigen land ten laste van de overheid zouden komen. Velen van ons hebben ooms, tantes, neven en nichten in die emigratielanden. Naar onze huidige maatstaven zijn dat allemaal economische vluchtelingen. Niemand die het in zijn hoofd haalt om te zeggen dat we die allemaal moeten terughalen. Vaak hebben die mensen ook serieus bijgedragen aan de opbouw van hun nieuwe vaderland en blijkbaar ervaren we die ‘trek’ niet als migratie.

Een tweede wat mij opvalt is dat veel van de politici die het hardst roepen dat immigratie moet stoppen, zelf een migratieachtergrond hebben. Zo hebben we een geblondeerde Indo en een halve Ierse, maar vooral ook iemand die als ‘nareiziger’ met haar moeder en zus naar Nederland kwam. Dat kon nadat haar vader asiel had gekregen, omdat hij als linkse vakbondsman in eigen land niet meer veilig was. Zoals een hele reeks vergelijkbare vluchtelingen – nareiziger of anderszins – ontwikkelde zij eenmaal in Nederland uiterst rechtse denkbeelden en betoont zij zich uitgesproken anti-migratie. Merkwaardig is dan dat zij niet de consequentie van haar eigen denkbeelden volgt en terugverhuist. Turkije is een veilig land, zeker als je niet links bent. Nog opmerkelijker is dat haar moeder een stichting voorzit die zich in Nederland inzet voor vluchtelingen. Dat doet zij onder haar eigen (meisjes)naam, anders zou de wereld wel heel verwarrend worden. Welke migrant wil zich laten bijstaan door iemand met een naam die vreemdelingenhaat uitstraalt?
Ook tal van andere vluchtelingen, en ook arbeidsmigranten, blijken eenmaal ingeburgerd in Nederland of elders behoorlijk xenofoob. Misschien speelt trauma daarbij een rol, maar dan mag dat toch worden meegewogen voordat we deze mensen gelijk geven? Open de grenzen, dan kan iedereen die het hier niet bevalt gewoon weer weg. En laat wie het wel bevalt vooral met rust. Met Onderweg laten De Gendt en De Jongh zien dat onderweg zijn heel normaal is. En de Trendmonitor Mens & Maatschappij toont aan dat de meeste mensen er niet zwaar aan tillen.

Aimée de Jongh & Tina De Gendt, Onderweg. Migraties die de wereld veranderden. Tielt: Lannoo 2025, 104 pp., afmeting: 35×26 cm, ISBN 978-90-599-6081-7, hb., € 27,99.
Tilburg University > trendmonitor mens en maatschappij
Lannoo.be
Aimée de Jongh.com
Tina De Gendt
Luister hier naar het interview van Femke van der Laan met Aimée de Jongh
in Nooit meer slapen, VPRO, 25 november 2025.
© Brabant Cultureel 2025
