Het Beleg van Breda sprak in heel Europa tot de verbeelding

Begin juli verscheen ‘Krijgstoneel van Europa. Tijdgenoten over het Beleg van Breda 1624-1625’, geschreven door cultuurhistoricus en letterkundige Paul Hulsenboom. Met dit boek, geschreven ter gelegenheid van het vierhonderdjarig jubileum van het Beleg van Breda, wil Hulsenboom een breed publiek aanspreken.

Boekrecensie door Corien LigtenbergAlle afbeeldingen uit besproken boek.
Afbeeldingen zijn aan te klikken voor een groter beeld en openen in een nieuw tabblad.

Beleg van Breda

Ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648), de opstand van de Nederlanden tegen de Spaanse machthebber, was Breda een aanzienlijke vesting in het hertogdom Brabant die terecht kwam in het grensgebied tussen Noord en Zuid. Door de strategische ligging was de stad gewild en sinds het begin van de Tachtigjarige Oorlog was Breda dan ook al meermalen van machthebber gewisseld. Maar sinds de list met het turfschip in 1590 was Breda in Staatse handen en lag het als bolwerk aan de zuidelijke grens van de Republiek.

Tot Ambrogio Spinola, een Italiaanse veldheer in Spaanse dienst, de stad eind augustus 1624 belegerde. ‘Het beleg dat volgde, trok alom de aandacht vanwege de roem van de betrokken machthebbers, de grote belangen die op het spel stonden en de lange duur van de strijd’, schrijft Hulsenboom in de inleiding van Krijgstoneel van Europa. ‘De krachtmeting vormde een waar Europees krijgstoneel. Het trok soldaten van Ierland tot Kroatië en ontlokte commentaren van Portugal tot Zweden.’

Beleg van Breda
Kees Maks. Levensgrote kopie van Diego Velàzquez’ De overgave van Breda, 1903. Stedelijk Museum Breda.

Aan de hand van originele teksten

Vergeleken met de aandacht die het beleg en de inname van ’s-Hertogenbosch in 1629 door de jaren heen in de vakliteratuur heeft gekregen, komt de aandacht voor de belegeringen van Breda er maar karig vanaf. Krijgstoneel van Europa. Tijdgenoten over het Beleg van Breda 1624-1625 brengt daar verandering in. Breda was gedurende negen maanden belegerd, omsingeld door Spinola’s troepen. En kwam op 2 juni 1625 weer in handen van de Spaanse Habsburgs. ‘Dit sleutelmoment uit de Tachtigjarige Oorlog wilde ik uitdiepen aan de hand van originele teksten uit diverse streken en landen, die verschillende vensters openen op de strijd’, schrijft Hulsenboom in een post op LinkedIn. ‘Een meerstemmig verhaal dus, met aandacht voor zowel de lokale als de internationale weerslag van het beleg.’

Beleg van Breda
Jaques Callot, ‘Spinola kijkt toe hoe Isabella Breda binnenrijdt, detail van een kaart van het beleg’, 1628. Breda, Stedelijk Museum Breda (bruikleen Stadsarchief Breda). 

Daartoe laat hij een keur van tijdgenoten aan het woord. Hulsenboom verzamelde uiteenlopende bronteksten zoals brieven, gedichten, een reisverslag, de verhandeling van een arts en een toneelstuk, die de diverse facetten van het beleg belichten. Daarbij gaat het niet alleen over de invloed van het beleg op de stad – Breda was afgesloten van de buitenwereld, en de beschietingen, honger en ziektes putten de inwoners uit – en de gevolgen voor het omliggende platteland, maar ook over bijvoorbeeld de nieuwsverspreiding over de strijd, de pogingen tot ontzet, en de spot over en weer. Hij vertaalde en hertaalde de bronnen uit het Duits, Engels, Pools, Frans, Italiaans, Latijn, Spaans en Nederlands en schreef bij elke brontekst een begeleidend hoofdstuk.

Beleg van Breda
Jacques Callot, ‘Boerenleed nabij Breda, detail van een kaart van het beleg’, 1628. Breda, Stedelijk Museum Breda (bruikleen Stadsarchief Breda). 

De verhalende benadering is aantrekkelijk

Het rijk geïllustreerde Krijgstoneel van Europa bestaat uit vijftien compacte hoofdstukken met steeds dezelfde, heldere opzet. Op elke tekst van Hulsenboom volgt een brontekst met daarbij een vertaling en/of hertaling. Om het leesgemak te vergroten, staan de noten aan het eind van elk hoofdstuk. Zo kan de ‘geïnteresseerde leek’ zonder onderbrekingen doorlezen. De ‘kenner’, of wie meer wil weten, kan achteraan in het hoofdstuk terecht. Die veelzijdige, verhalende benadering is aantrekkelijk. Het plaatst het onderwerp in een bredere context, maakt het toegankelijk en brengt het dicht bij de lezer. De vele illustraties ondersteunen de tekst en zetten het verhaal luister bij.

Beleg van Breda
Conrad Meyer naar Rudolph Meyer, ‘De dokter en de Dood’, 1650. Amsterdam, Rijksmuseum.

Hoofdstuk twee is passend geïllustreerd met de prent ‘De dokter en de Dood’ uit 1650. Het verhaalt van de ziekte, schaarste en onrust in de stad tijdens het Beleg. Dysenterie, scheurbuik en pestuitbraken maakten veel slachtoffers. De Delftse geneesheer Frederik van der Meye schreef erover: ‘De herfst was nat en bewolkt, met een zuidenwind. Nu kregen mensen talrijke pestbuilen in hun nek en onder hun oksels. Vervolgens brak er hongersnood uit, verschenen er bij vele mensen liesgezwellen en was er een hoge sterfte.’ Naar schatting overleed bijna een derde van de stedelingen aan de ontberingen.

Tot ver buiten de stad nieuws

Hoofdstuk vier, ‘Op de hoogte. De buitenwereld leeft mee’, is een voorbeeld van die bredere context. Hulsenboom citeert uit het dagboek van de calvinistische David Beck, een Keulse dichter en schoolmeester die in Den Haag woonde. Beck las in de gedrukte krant  toen een nieuw fenomeen – over het beleg. En Hulsenboom publiceert een brief van Maria van Reigersberch, echtgenote van Hugo de Groot (van de ontsnapping met de boekenkist). Om te laten zien ‘hoe mensen binnen en buiten de republiek de belegering volgden en erop reageerden’. Vanuit Middelburg schrijft zij begin oktober 1624 aan haar man in Parijs: ‘Men bekommert zich hier weinig om Breda, wat weleens tot een nederlaag zou kunnen leiden.’ Een en ander laat zien dat de situatie in Breda tot ver buiten de stad nieuws was.

Pauwels van Hillegaert (atelier), ‘Maurits en Frederik Hendrik te paard, met een legerkamp op de achtergrond’, ca. 1630-1635. Amsterdam, Rijksmuseum. 

Hoofdstuk zeven laat zien dat Breda ook een rol speelde in meerdere reacties op het overlijden van prins Maurits, de stadhouder, in april 1625. Zou bijvoorbeeld spijt over het aanstaande verlies van Breda de oorzaak van Maurits’ achteruitgang kunnen zijn? klonk het uit katholieke hoek. In een klaagzang, die veel weerklank vond in streng-calvinistische kringen, bewierookte de Bohemer Johannes Sictor juist de overleden prins.

Niet bepaald neutraal

‘Sommige lasteraars uit Holland proberen zich met leugens staande te houden. Ze schrijven dat veel soldaten uit ons leger voor Breda verdronken zouden zijn vanwege het hoge water. ‘Niemand weet hier iets van’, citeert Hulsenboom aan het begin van hoofdstuk zes, ‘Tussen waarheid en leugen’, de Antwerpse courantier Abraham Verhoeven. Verhoeven was niet bepaald neutraal in zijn berichtgeving, hij steunde openlijk de Habsburgse partij.

Het hoofdstuk heeft een ondertitel die ook zomaar van nu zou kunnen zijn: ‘De informatieoorlog’. ‘Het conflict was ook een informatieoorlog, die zowel binnen als buiten de Lage landen werd uitgevochten’, schrijft Hulsenboom hier over partijdige berichtgeving en beeldvorming over de Tachtigjarige Oorlog. ‘In hoeverre er in zulke gevallen sprake was van propagandacampagnes die van hogerhand werden georkestreerd, is lastig met zekerheid te zeggen. Duidelijk is echter wel, dat desinformatie en gekleurd nieuws al in de zestiende en zeventiende eeuw als wapens dienden om de publieke opinie te bespelen.’

Krijgstoneel van Europa laat zien dat het Beleg van Breda in heel Europa tot de verbeelding sprak. Het trok niet alleen de aandacht van schrijvers uit alle windstreken, zoals de bronnen laten zien, maar inspireerde ook cartografen, prentmakers en schilders. Zo wordt de cover van het boek gesierd door het schilderij ‘Isabella Clara Eugenia bij Breda’ (circa 1628) door Peter Snayers. Dat werk hangt in het Prado in Madrid. En een van de schutbladen toont de ‘Kaart van het Beleg van Breda in 1624-1625’ uit 1625 door Claes Jansz Visscher de Jongere. In de epiloog van Krijgstoneel van Europa bespreekt Hulsenboom hoe Nederlandse schrijvers bij de herovering van Breda in 1637 teruggrepen op het beleg van 1624-1625.

Salomon Savery, ‘Allegorie van de verovering van Breda door Frederik Hendrik’, 1637. Amsterdam, Rijksmuseum. 

Paul Hulsenboom, Krijgstoneel van Europa. Tijdgenoten over het Beleg van Breda 1624-1625. Zwolle WBOOKS 2025, 184 pp., ISBN 978-625-8706-9, hb., € 24,95.

Afbeelding voorpagina: detail uit levensgrote kopie van Velazquez’ De overgave van Breda van Kees Maks (1903). Op het schilderij is aan de linker kant Justinus van Nassau afgebeeld die van zijn paard afgestegen is om Ambrogio Spinola die voordat hij de sleutels aanneemt, vriendschappelijk zijn hand op de schouder van Justinus legt. Spinola roemde de dapperheid en gaf het bevel om het Bredase garnizoen te laten vertrekken zonder tekenen van vreugde of vijandigheid.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *