De Raad voor Cultuur vond dat Opera Zuid een landelijke subsidie verdiende van 3,5 miljoen euro. Het werd 1,9 miljoen, hoe luid Kamerleden minister Eppo Bruins ook opriepen dat bedrag te verhogen. Het leek de doodsteek voor het Zuid-Nederlandse operagezelschap. Toch gaat Opera Zuid door, vertellen Waut Koeken en Jurjen Toepoel, teleurgesteld maar ongebroken. Mede dankzij de morele en financiële steun van vele trouwe vrienden.
door Camiel Hamans
“Ik wil herinnerd worden als iemand die rust in de sector wilde brengen, antwoordde de minister op de vraag hoe hij de geschiedenis in wilde gaan”, begint intendant Waut Koeken het gesprek. “Dat is hem bijna gelukt, maar het werd dan wel de rust van het kerkhof. Zonder verhoging kunnen wij onze basisopdracht niet vervullen. Die bestaat niet alleen uit het brengen van twee grote-zaalproducties per seizoen, maar ook uit samenwerken met scholen, orkesten, theaters en gezelschappen in onze regio. Met het schamele bedrag van nog geen twee miljoen kan dat onmogelijk. Maar om dan het moede hoofd in de schoot te leggen, daar waren we nog niet aan toe. Met de moed der wanhoop zijn we iedereen gaan benaderen om ons te helpen bij de financiering, overheden, fondsen, particulieren. We hebben alles uit de kast gehaald.”

Uit alle lagen van de maatschappij
“In deze crisistijd hebben we ervaren wie onze vrienden zijn”, neemt zakelijk manager Jurjen Toepoel het over. “Binnen een paar dagen hadden zesduizend mensen hun handtekening gezet. Niet alleen uit de artistieke gemeenschap en topzangers, maar mensen uit alle lagen van de maatschappij. We kregen steunbetuigingen van overal, tot van kinderen die Opera Zuid van onze jeugdvoorstellingen kennen.” Geëmotioneerd laat hij met kinderhand geknipte hartjes zien die oproepen dat ‘Opera Zuid moet blijven’ en die bewijzen dat ‘Opera Zuid leuk is’.
“Spontaan kwamen er solidariteitsacties van de grond. Tot op ijskoude treinstations werden pop-up concertjes gegeven. De decentrale overheden – dat zijn de provincies Noord-Brabant en Limburg die ons steunen en de gemeente Maastricht – hebben binnen een paar maanden samen met het bedrijfsleven, private fondsen, particulieren en vrienden, zoals André Rieu en zijn vrouw Marjorie, een miljoen bijeengebracht, zodat we dit seizoen door kunnen komen en, zij het in afgeschaalde vorm, twee opera’s kunnen presenteren.”

Prijzen en de goede beoordelingen
“Hoe het daarna moet, weten we nog niet”, verzucht Koeken, “maar daaraan werken we vanaf vandaag. Het was hartverwarmend te merken hoeveel steun we kregen. Moreel en financieel. De campagne die we opgezet hebben richtte zich niet alleen op de Rijksoverheid. De filosofie was te laten zien dat we als regio niet willen dat Opera Zuid omvalt. We gaan proberen het op deze manier uit te zingen tot 2029. Dan komt er een nieuwe kunstenplanperiode en kan de overheid er, gezien de prijzen en de goede beoordelingen die we gekregen hebben, niet meer omheen om ons voldoende subsidie te verstrekken.”
“Wat ons deugd gedaan heeft”, zegt Jurjen Toepoel, “is dat een aantal private kunstfondsen, waar wij normaliter als BIS-ensemble – dit zijn instellingen die een rijkssubsidie ontvangen – geen beroep op kunnen doen, zichzelf bij ons gemeld hebben. De situatie was zo anders, vonden zij dat we toch in aanmerking kwamen voor steun. Maar het leverde bij elkaar niet de bijna twee miljoen op die we nodig hadden om het seizoen 2025/’26 uit te voeren, zoals we dat gepland hadden.”

De Domheid Regeert
“Voor het komend seizoen hadden we naast de Dreigroschenoper van Brecht en Weill Verdi’s Rigoletto geprogrammeerd. Het publiek in het zuiden heeft namelijk ook recht op de grote titels, op opera’s in grote bezettingen. Gezien onze beperkte middelen hebben we dat lang nauwelijks nog gedaan. Maar helaas, voor het bedrag dat we opgehaald hebben kan zo’n groot werk niet. Daarvoor in de plaats hebben we nu gekozen voor L’ Étoile van Chabrier, een komisch stuk dat heel toepasselijk ‘De Domheid Regeert’ als ondertitel heeft”, licht Koeken toe, niet in staat een glimlach te onderdrukken.
Opera Zuid startte zijn bestaan ruim dertig jaar geleden met ditzelfde weinig gespeelde werk, maar het gaat in een volstrekt nieuwe enscenering door Matthew Eberhardt met nieuwe decors en natuurlijk andere zangers.
“Door de beperkingen van onze begroting moeten we onze meerjarenplanning bijstellen. Dat wordt een zaak van slim programmeren, van inventiviteit, maar tegelijk toch ook met passie en de veerkracht die we in het verleden ook hebben laten zien. De theaters boeken ons ruimhartig en tonen daarmee dat ze vertrouwen hebben in onze titelkeuze. Ook nu we gezien de omstandigheden en vanuit onze visie weg moeten blijven van het ijzeren repertoire. De laatste zes, zeven jaar hebben we kunnen vaststellen dat hetzelfde geldt voor ons publiek. We voelen ons gesteund.”

Opera Zuid trekt de wijk in
“Bezuinigen op onze andere activiteiten, absoluut niet”, stelt Koeken met klem. “Het is niet alleen onze taak opera te brengen, we hebben even hard verplichtingen ten opzichte van het publiek. We zijn er voor jong en divers publiek. Muziekonderwijs is verdwenen uit de curricula, jongeren worden niet meer geconfronteerd met opera. Ik zie het als deel van onze opdracht om de cultuur te bevorderen. Daarom maken we, ook al hebben we daar eigenlijk geen geld voor, kinderopera’s. Als je ziet hoe de interactie tussen kinderen en uitvoerenden is, dan smelt je. Dat is geweldig.”

“Maar we hebben niet alleen een jonger publiek nodig”, vervolgt Koeken begeesterd, “vooral ook een diverser. Daarom nodigen we de buurt uit. Voorlopig nog alleen in Maastricht, waar we onze repetitielokalen en kantoren hebben. Jaarlijks maken we met hulp van ons team en conservatoriumstudenten met de mensen uit onze buurt en de wijken daaromheen een community opera die we baseren op de verhalen van de mensen zelf. Eerst willen ze of durven ze niet op het podium, maar aan het eind staan ze er allemaal op.”
“De kinderen krijgen apart theaterles. Ze zingen, spelen toneel, maken muziek, naaien kostuums en knutselen decors in elkaar. In de buurtopera doen zij volwaardig mee. Opera komt op deze manier uit de ivoren toren naar de mensen toe, naar bewoners uit alle lagen van de bevolking. Eveneens nodigen we de mensen uit de buurt uit voor onze premières. Naderhand vertellen ze ons wat zij ervan vonden. Ook al is dit niet positief. Deze feedback is voor ons heel waardevol.”
Waartoe fantasie ons kan brengen
“We hebben niet een magische formule voor opera”, zegt Waut Koeken bijna verontschuldigend. “Maar we zijn er wel van overtuigd dat we op deze manier het publiek laten zien waartoe fantasie ons kan brengen. Dat we allemaal nog een beetje kind zijn en dat we de empathie van de ander kunnen herkennen.” “We staan niet met de rug naar de maatschappij”, sluit Jurjen Toepoel af.
In november en december 2025 staat Die Dreigroschenoper op het programma van Opera Zuid
Lees meer over Opera Zuid op Brabant Cultureel
© Brabant Cultureel
