Vraag een jazzmuzikant naar podium Paradox en de kans is groot dat de naam Bartho van Straaten snel valt. Als programmeur is hij al decennialang een vertrouwd gezicht in de zaal, herkenbaar aan zijn brede grijns onder het schaarse licht. Paradox en Bartho, het lijkt een symbiose. Hoe is dat zo gegroeid? En wat is volgens Bartho het geheim van dit geliefde Tilburgse jazznest?
Veertig jaar Paradox deel 4 door Ingrid de Rond
Om stipt één uur ’s middags, het afgesproken moment van gesprek, zwaait de rode deur van Paradox open. Brede glimlach, lichte verbazing. “Nu al?” Afspraak vergeten: zijn agenda is zo vol dat hij nog niet aan het lezen ervan is toegekomen. Geen probleem, hij maakt graag tijd voor een gesprek over Paradox. “Ga zitten, koffie, thee?”

Op de zomerstop na is hij hier vrijwel dagelijks te vinden. ‘s Ochtends en ‘s avonds, als een metronoom die het ritme van de club bewaakt. Bartho (65): “Ik kom binnen en denk, wat hebben we vandaag? Hotels, taxi’s en eten voor de muzikanten, riders bij de technici. Ik haal de artiesten op bij het station, zet de stoelen in de zaal klaar, maak de kleedkamers gereed, en ondertussen gaat de telefoon, beantwoord ik mails, luister ik muziek, overleg ik met collega’s, maken we afspraken voor de toekomst.”
Van Paradoks naar Paradox
Aan het begin van de jaren ’80 liep hij het podium voor het eerst binnen. “Toen zat het nog aan de overkant van de straat en heette het Paradoks, zonder X.” Eerlijk? Meestal snapte hij er geen bal van. “Ik heb er flink moeten lachen. Artiesten die met cassettebandjes klooiden, Jacques Palinckx die met een vibrator over zijn gitaarsnaren gleed.” De experimenteerdrift van de Tilburgse jazzscène was hem vreemd: zelf hield hij op dat moment meer van popachtige jazz. Toch bleef hij terugkomen: in 1985 verhuisde Paradox naar de overkant van de straat en bezocht hij op donderdagavond standaard de concerten.
Artiesten die met cassettebandjes klooiden,
Jacques Palinckx die met een vibrator over zijn gitaarsnaren gleed.
Hij studeerde aan de pabo, een studie waar hij nooit iets mee heeft gedaan. Hij hield van muziek, gaf al zijn geld uit aan concerten, zette een boekingskantoor op en werd in ’97 door het Paradox-bestuur bij de programmaraad gevraagd. “Er ging een wereld voor me open. Ik werd bedolven onder de muziek. We waren met z’n vijven en kregen iedere maand stapels bandjes en cd’s mee naar huis, samen bepaalden we de agenda.”
In 2008 werd de programmaraad opgeheven. “Het proces ging te traag, vaak duurde het maanden voordat iedereen alles beluisterd had en we een beslissing konden nemen. Soms was een band dan al klaar met toeren. Het werkte niet, je wilt juist snel op ontwikkelingen kunnen inspelen.”
Bij muzikanten op schoot
Zo werd Bartho jarenlang de enige programmeur van Paradox, totdat Koen Graat vijf jaar geleden aanschoof. “Het is gezond, denk ik, dat het programma niet bij één persoon ligt. En het is belangrijk dat oude mensen ruimte maken voor jonge. Ik ben inmiddels 65, ik houd er rekening mee dat ik over twee jaar minder ga werken.”
Hoe een goed programma er volgens hem uitziet? In ieder geval gevarieerd. “Kijk naar vorige week: vrijdag ging het snoeihard, stond er een langharig trio met verjazzde metal, de tent zat vol. Gistermiddag was het juist klein en intiem, met Braziliaanse percussie. Op zaterdag was er klassiek, en deze week staat er een Noorse band, met muziek als ruisende bossen, zeg maar.” Paradox moet divers zijn, vindt Bartho: je moet er in zeven dagen tijd op zeven verschillende planeten kunnen zijn. “Internationaal en lokaal talent, gevestigde en startende namen, verschillende kleuren en genders, verschillende geluiden, daar letten we op. Het moet kwaliteit hebben, én er moet publiek voor zijn.”

Ook belangrijk: dat de verbinding met Tilburg verder gaat dan die van jazz alleen: daarom worden er ook debatavonden en speelavonden van muziekopleidingen georganiseerd. Ook draaien ze ieder jaar volop mee met Festival Roadburn. “Dan programmeren we onze eigen kijk op het festival en is Paradox weer een heel andere plek, staat er opeens een rij van honderdvijftig man voor de deur.”
Je wilt dat er een toffe, losse dynamiek ontstaat
Het allerbelangrijkste? Dat Paradox als een thuis voelt, zowel voor muzikanten als voor het publiek. De kleine ruimte en het lage podium helpen daarbij, vindt hij. “Je zit hier bij wijze van spreken bij de muzikanten op schoot, waardoor er makkelijk interactie tussen muzikanten en publiek ontstaat, vooral voor jazz is dat belangrijk. Het moet ook niet te gestileerd of te netjes zijn allemaal. Je wilt dat er een toffe, losse dynamiek ontstaat. Als dat gebeurt loop ik de hele avond met een smile rond.”
In december bestaat Paradox veertig jaar op haar huidige locatie. In de voorbije decennia heeft het podium stormen doorstaan waarin andere culturele organisaties sneuvelden. Wat is volgens Bartho het geheim van de plek, hoe bleef het podium overeind?
Bartho verwijst allereerst naar de Tilburgse jazzmuzikanten uit de jaren tachtig, die via een unieke constructie het pand van Paradox wisten te kopen: ruim 175 muziekliefhebbers zetten een handtekening waarmee ze garant stonden voor een deel van de hypotheek. “Doordat het pand in eigen beheer is hoeven we geen inkomsten af te staan aan huur, dat is goud waard.” Ook belangrijk: in de jaren negentig groeide de organisatie van een volledig vrijwilligerscollectief naar een professioneel podium. “Zonder die stap hadden we het waarschijnlijk niet gered. Er lag te veel werk, zeker met alle verbouwingen erbij. Vrijwilligers blijven voor Paradox onmisbaar, achter de bar, aan de deur, in de catering. Maar door daarnaast ook mensen in vaste dienst te nemen werd de basis steviger.”
Kantje boord door de bijl van Halbe Zijlstra
Toen Halbe Zijlstra vijftien jaar geleden de bijl in de cultuursector zette, was het even kantje boord. De subsidies slonken en de salarissen gingen omlaag. “Maar we zijn niet bij de pakken neer gaan zitten, iedereen was juist bereid om een tandje bij te zetten. Er hebben hier altijd goede en betrokken mensen gewerkt, met passie voor de plek. Ik denk dat dat ons in tijden van financiële crises er doorheen heeft gesleept.”
Zonder subsidie kunnen ze niet blijven draaien, ten minste – niet met dezelfde programmering als nu. “Maar mochten er subsidies wegvallen weet ik zeker dat we er hoe dan ook wel bovenop komen. We hebben al zoveel stormen overwonnen, we zullen ons stinkende best om de tent gewoon te blijven runnen.” De gemeente Tilburg is volgens Bartho altijd een stabiele partner geweest: dankzij hen hebben ze kunnen professionaliseren en verbouwen, waardoor Paradox naast jazzpodium ook steeds meer productiehuis wordt.
Zes muziekateliers
In 2019 bouwden ze zes muziekateliers op de bovenverdieping, die door veertien muzikanten worden gedeeld. Gebruikers betalen een relatief lage huur die deels ook kan worden afgelost met inkomsten uit concerten die uit de werkperiode voorkomen.

En dan is er nog het publiek: voorheen een ouder bolwerk, maar de laatste jaren zien ze steeds meer jonge mensen in de zaal en op het podium. “Lange tijd was er dat beeld dat jazz alleen voor oude mensen, meestal mannen, is. Maar de afgelopen jaren is er in Nederland een steengoede nieuwe lichting jazzmuzikanten opgestaan. De boel is opgeschud, ook Tilburg heeft een leuke jonge scene met veel energie. Kom op een dinsdagavond hier binnenlopen en je begrijpt meteen wat ik bedoel.”
Jonge mensen ruimte bieden, dat vindt hij belangrijk. Mede om die reden werd in 2023 Club PARA in het leven geroepen: gratis dansavonden waarop live jazzmuziek en DJ’s elkaar afwisselen. “Die avonden worden vóór en dóór jonge mensen georganiseerd. Ze ontstonden dankzij Renée Blommaert, die hier stage liep. Samen met Sophie Sanders verschuift ze de stoelen, legt ze tapijten neer, zo bouwt ze Paradox volledig om tot een ongedwongen, dansbare jazzclub. Koen en ik proberen ons er zo min mogelijk mee te bemoeien. Juist door mensen vrij te laten, gaat het hier leven.”
De afgelopen jaren is er in Nederland een steengoede nieuwe lichting jazzmuzikanten opgestaan.
De boel is opgeschud, ook Tilburg heeft een leuke jonge scene met veel energie.
We zijn anderhalf uur verder: hij moet nu echt door. Die agenda toch maar opengooien, de zaal gereed maken. Vanavond speelt Ed Verhoeff en de kleedkamers moeten nog gevuld, hij gaat zo boodschappen doen.
En als de avond valt en de eerste tonen de ruimte vullen, neemt Bartho plaats in een hoekje van de zaal. Biertje erbij, ogen op het podium. En als alles klopt, als de sfeer los is en de zaal leeft en broeit, dan verschijnt die brede glimlach in de schaduw.
Dit is het vierde interview uit een serie van vier afleveringen over de geschiedenis van Paradox.
Lees alle interviews op Brabant Cultureel
Dit verhaal is tot stand gekomen met behulp van een stimuleringsbijdrage van het Tilburgs Mediafonds

© Brabant Cultureel 2025
