Jan Doms en de stem van de kunstenaar

Internationals Art Channel werkt gestaag door aan videoportretten van kunstenaars. Inmiddels zijn er door Jan Doms en Tom Pijnenburg vijftien afleveringen gemaakt. Allerlei disciplines komen aan bod en de kunstenaars vertellen vooral ook wat hun drijfveren zijn. Wat steekt is dat er van gemeenteweg geen enkele handreiking is en dat het verhaal van de stad slechts mondjesmaat wordt verteld.

door Pieter Siebers

Eind maart 2024 vond in een uitverkocht Cinecitta in Tilburg de presentatie plaats van drie videoportretten waarin Linda Arts, Evelien van den Broek en Frank Havermans vertellen over hun werk en achtergrond. De eerste is beeldend kunstenaar, de tweede musicus en de derde ontwerper. De drie portretten maken deel uit van een intussen vijftien delen tellende reeks die wordt geproduceerd door het Internationals Art Channel, onder welke vlag Jan Doms (redactie) en Tom Pijnenburg (camera en montage) sinds 2022 samenwerken.

Jan Doms
Tom Pijnenburg en Jan Doms, samen Internationals Art Channel vormend. Foto > Joep Eijkens

Jan Doms is zelf beeldend kunstenaar en de roerganger achter het initiatief dat een stem wil geven aan kunstenaars die op de een of andere manier een betrekking met Tilburg en de regio hebben. Doms vindt dat de visie van kunstenaars meer aandacht verdient, zeker in een periode waarin bestuurders zich in zijn ogen minder en minder gelegen laten aan de rol van kunst en cultuur. “Het is belangrijk kennis te nemen van hoe kunstenaars tegen de wereld aankijken, zodat je eigen blik verruimd wordt.”

In de videoportretten komen kunstenaars van heel divers pluimage uitgebreid aan het woord, waar normaal meer de nadruk ligt op het tonen van werk. Wat bracht je tot het idee om de nadruk op het gesproken woord te leggen?
• • • • • •
“Jaren geleden zag ik al dat kunstenaars voor de lens van Tom Pijnenburg hun verhaal goed konden doen, iets dat niet per definitie zo is. Hun verhalen vormen in mijn ogen een soort narratief, een samenstel van gebeurtenissen, situaties of ontwikkelingen die iets zeggen over de verhouding van de kunstenaar tot diens omgeving. Het belang daarvan wordt wel eens over het hoofd gezien, maar het doet er nogal toe waar je vandaan komt. Fysieke bepaaldheid speelt een rol: beeldhouwers vind je eerder bij steengroeves dan op de kleigrond.”

Jan Doms
“Jaren geleden zag ik al dat kunstenaars voor de lens van Tom Pijnenburg hun verhaal goed konden doen, iets dat niet per definitie zo is. Hun verhalen vormen in mijn ogen een soort narratief, een samenstel van gebeurtenissen, situaties of ontwikkelingen die iets zeggen over de verhouding van de kunstenaar tot diens omgeving.” Foto > Joep Eijkens

“Zelf werk ik veel in het buitenland, en daar merk je dat musea en instellingen betekenis hechten aan die relatie. Zelf kom ik uit Tilburg, een stad met kermis en vroeger veel circus. Wat mij steeds meer fascineerde was het nomadisch karakter. Sporen daarvan vind je in mijn eigen werk terug. Dat type narratief is niet alleen belangrijk voor het werk zelf, het maakt mensen ook nieuwsgierig naar achtergrond, drijfveren, betekenis. Het bestendigen van dit type verhalen, de wil om te voorkomen dat ze vervliegen, dat bracht Tom en mij ertoe om de opzet van de videoportretten verder te doordenken.”

Kunstenaars, zo is het beeld, drukken zich toch vaak beter uit in hun werk dan in hun verhaal?
• • • • • •
“De meeste mensen hebben veel te vertellen, maar ze zijn vaak ook zenuwachtig. Ze zijn doorgaans enthousiast als wij ze benaderen, al weten ze dat het soms confronterend kan zijn. We stellen mensen op hun gemak, je hebt een zekere vertrouwensband nodig. We hebben een journalistieke aanpak, maar stellen eigenlijk nauwelijks vragen. Eerder is het zo dat we proberen ons vooraf een beeld te vormen van wat iemand doet, en waar een gesprek toe zou kunnen leiden.”

De visie van kunstenaars verdient meer aandacht

“De leidraad is de chronologie, de ontwikkeling. Het gesprek duurt meestal, alles bij elkaar, een half uur. Daar blijft na de montage circa de helft van over. Overigens is er altijd ook een glimp van hoe ze werken.”

Hoe wordt bepaald welke kunstenaars deel uitmaken van de serie?
• • • • • •
“We hebben een motto: ‘Plea for the Unknown’, pleidooi voor het onbekende. Kijk, een grootheid als Marina Abramović zie je overal, maar het gaat ons om kunstenaars die meer bekendheid verdienen, die nog aan de weg timmeren. Daar hebben we goed oog op, we beschikken over een groot netwerk. Bovendien worden we regelmatig gewezen op mensen die interessant zouden kunnen zijn. De keuzes maken we zelf, op grond van de inhoud. We hebben een redactiestatuut dat ons in staat stelt om onafhankelijk de keuzes te maken.”

videoportret 1 > Strijbos & Van Rijswijk videoportret 2 > Chikako Watanabe
videoportret 3 > Marjolein Landman videoportret 4 > Jacq Palinckx

“Wij werken vanuit Tilburg, maar in de keuze kijken we ook naar mensen die op de een of andere wijze iets met de stad hebben. Omdat ze er gestudeerd hebben bijvoorbeeld, of in de stad gewerkt hebben. De Japanse Chikako Watanabe bijvoorbeeld heeft in Amsterdam gestudeerd en in de regio meerdere projecten gedaan. Zij is erg geïnteresseerd in het fenomeen gemeenschapsvorming en zo’n narratief is voor ons interessant, ook omdat we naar verbinding zoeken. Waar we ook naar kijken, is mensen die zich wat meer op de achtergrond bewegen, maar wel een grote rol spelen, zoals Ilse Vermeulen. Die is ontwerper en coördinator van het kostuumatelier van het Zuidelijk Toneel waar zij verantwoordelijk was voor de kostuums van diverse spraakmakende voorstellingen.”

Worden de portretten gemaakt voor een specifiek publiek?
• • • • • •
“We willen laten zien wat kunstenaars beweegt, in een taal die iedereen kan verstaan. We hebben geen specifieke doelgroep voor ogen, maar onze presentaties in Cinecitta waren steeds tot de nok gevuld en we weten dat de belangstelling via de site nog steeds toeneemt.”

Jan Doms

videoportret 5 > Ulrike Doszmann videoportret 6 > Sanne Bax
videoportret 7 > Nick J. Swarth videoportret 8 > Dyane Donck

“Wat je niet uit het oog moet verliezen, is dat mensen zich soms buitengesloten voelen bij kunst. Omdat ze het niet kunnen plaatsen, denken dat ze niet voldoende ingevoerd zijn, niet op de hoogte. We doen echt ons best om de drempel niet te hoog te leggen, het is niet incrowd. En als het wat ingewikkeld wordt, als er vaktermen worden gebruikt, dan leggen we uit aan de hand van een begrippenlijst bij de aftiteling.”

“Dat ons publiek in belangrijke mate bestaat uit mensen die op de een of andere wijze iets met Tilburg hebben, is evident. Maar het verhaal van de kunst en de stad heeft een belang dat voorbij de gemeentegrenzen gaat, en internet is het vehikel waarmee je dat verder kunt dragen. De portretten zijn steeds tweetalig, ook omdat ik uit eigen ervaring weet hoe nieuwsgierig mensen in het buitenland zijn naar het soort verhalen dat hier steeds aan de orde komt.”

Jan Doms

videoportret 9 > Chuan Ming Ong videoportret 10 > Mark van Hoek
videoportret 11 > Ilse Vermeulen videoportret 12 > Ad Roefs

Je hebt het vaak over de verbinding met de stad, waar je als directeur van de Tilburgse Kunststichting tot het begin van deze eeuw ook nogal de nadruk op legde. Vanwaar de nadruk op die band?
• • • • • •
“Los van de fysieke aspecten, zoals in mijn geval die kermisgeschiedenis, gaat het mij ook om de wijze waarop een stad met haar kunstenaars omgaat. In mijn ogen kunnen kunstenaars een veel grotere rol spelen in stedelijke processen. Het gebeurt nu af en toe, mondjesmaat, maar ik pleit ervoor dat bij zaken als stadsvernieuwing, ruimtelijke inrichting, maar ook sociale en maatschappelijke processen kunstenaars meer worden betrokken. Die zijn vaak goed om disciplines met elkaar te verbinden”, aldus Doms.

videoportret 13 > Evelien van den Broek videoportret 14 > Frank Havermans
videoportret 15 > Linda Arts + muurschildering Linda Arts, Ludwich Forum, Aachen, still > videoportret Linda Arts

“Het ontbreekt de stad aan een infrastructuur op dit gebied, we zijn als het om beeldende kunst gaat een stad welhaast zonder verleden. Waarom is hier nooit zoiets als een stedelijk museum van de grond gekomen? Met een concept als het Museum aan de Schelde in Antwerpen, waar diverse disciplines en periodes aan bod komen. Met een ruimhartige benadering van makers en kunst, in relatie tot de eigen omgeving, maar ook tot de ons omringende wereld”, is Doms van mening.

“Ik mis bestuurlijke animo, zoals je die wel had in de tijd van wethouders als Miet van Puijenbroek (wethouder Sociale Zaken en Cultuur van 1978-1982). Die het had over het belang van de ‘artisans’. Zij gaf ruimte omdat ze zag dat kunstenaars een bijdrage kunnen leveren – ook ter reflectie, als spiegel, kijkend met nieuwe ogen.”

Tilburg heeft de laatste decennia toch grote stappen gezet, met de komst van De Pont, de vernieuwingen in het TextielMuseum en meerdere, beeldbepalende kunstwerken?
• • • • • •
“Tilburg heeft ontegenzeglijk vooruitgang geboekt, maar het blijft een stad die slordig omgaat met zijn culturele geschiedenis. We hadden het straks over Marina Abramović. Wist je dat een serie foto’s van haar toenmalige partner Ulay, die hier in Tilburg hingen, zomaar zoek is geraakt? Dat zou een stedelijk museum toch nooit hebben laten passeren? Als we zoiets hadden, werd er waarschijnlijk ook beter nagedacht over voormalige kunstcollecties en archieven van kunstenaars, musici, vormgevers et cetera. Het verhaal van de stad wordt op dit terrein maar mondjesmaat verteld – en dat is ook een van de redenen waarom we met deze reeks portretten zijn begonnen.”

“Als we een stedelijk museum hadden, werd er waarschijnlijk beter nagedacht over voormalige kunstcollecties en archieven van kunstenaars, musici, vormgevers et cetera. Het verhaal van de stad wordt op dit terrein maar mondjesmaat verteld – en dat is ook een van de redenen waarom we met deze reeks portretten zijn begonnen.”

“Ik ben wel teleurgesteld ja, ook over het gebrek aan financiële steun voor ons initiatief. Misschien dat ik met mijn uitgesproken opvattingen niet overal goed lig, maar gelukkig hebben we middelen ontvangen van het lokale Mediafonds en het Cultuurfonds en mogen we sinds kort ook rekenen op een bijdrage van de Stichting Cinecitta, maar het steekt dat we ondanks van alles en nog wat met het gemeentebestuur niet eens tot een gesprek kunnen komen.”

Doms: “Ik zie de serie als een groeibriljant en ga niet bij de pakken neerzitten. Het zou mooi zijn als we een relatie met het stadsmuseum konden leggen, de portretten zouden in een soort database een plek kunnen krijgen. We streven naar continuïteit, en dat kan op termijn niet zonder anderen, zonder instellingen. De verhalen zijn bij elkaar een soort narratief van het moderne Tilburg. Dat zal gaandeweg meer en meer duidelijk worden aan de hand van wat kunstenaars te vertellen hebben.”

Foto Jan Doms voorpagina > Joep Eijkens

Reacties (2)

  1. Niko de Wit schreef:

    Tot nog toe heb ik alle videoportretten gezien en heb genoten en me verwonderd over de inhoud en het verhaal achter de werken van de kunstenaars.

    Alhoewel ik veel kunstenaars en hun werk al kende, waren de videoportretten voor mij zeer verrassend. Ook heb ik kennisgemaakt met een aantal mij onbekende kunstenaars.
    De kwaliteit van het werk, maar ook de filmische portretten vond ik van grote importantie.
    Ik kijk nu al weer uit naar de volgende Art Channel!

  2. Tom Pijnenburg schreef:

    Wat Jan zegt, dat een gesprek meestal een half uur duurt en dat dat in de montage teruggebracht wordt tot de helft is niet waar. De gesprekken zijn doorgaans langer, 3 kwartier tot een uur en soms daarboven. Dat wordt samen met het materiaal van de kunstenaars teruggebracht tot in totaal zo’n 15 minuten. Jan is er niet bij in de montage anders zou hij dit niet zeggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *