Caleidoscopisch boek over Filips II en de scheiding tussen noord en zuid

Onder koning Filips II brak de opstand uit die wij kennen als Tachtigjarige Oorlog. Maar wie was die Filips? En wat bewoog hem? Die vragen blijven in de Nederlandse geschiedschrijving vaak onderbelicht en een nieuw boek probeert daar verandering in te brengen. Door de opzet als artikelenbundel is dat niet helemaal geslaagd, maar het boek inspireert om verder te lezen.

door Lauran Toorians

‘Den Coninck van Hispangien / Heb ick altijt gheeert’, zegt Willem de Zwijger in het Wilhelmus en dat is een mooi staaltje diplomatieke scherpslijperij. Want, zegt Willem hier en in de volgende regels, die koning eer ik en erken ik als mijn meerdere, maar aan de manier waarop zijn koninklijk gezag wordt uitgeoefend, heb ik schijt. Dat gezag bestrijd ik. De koning in kwestie is Filips II (1527-1598), koning van Spanje sinds 1556 en ‘heer der Nederlanden’ sinds 1555. Filips volgde zijn vader keizer Karel V op in de Spaanse delen van het immense rijk dat onder deze Habsburgse keizer was opgebouwd. De Nederlanden hoorden tot dat Spaanse deel daarvan, net als het gebied dat wij nu kennen als Latijns Amerika en de Filippijnen.

Portret van Filips II, in 1573 geschilderd door Sofonisba Anguissola. Filips draagt het teken van het Gulden Vlies en houdt een rozenkrans in zijn linker hand. Collectie > Museum Prado Madrid. Wikimedia Commons.

Karel V was geboren in Gent en opgevoed in Mechelen. Hij kende de Nederlanden uit de eerste hand en hij had persoonlijke relaties met de adel in het gebied. Filips werd geboren en opgevoed in Spanje, veelal ver van zijn vader en met weinig kennis van zijn noordelijke gebiedsdelen. Wel was hij gedurende ruim vier jaar – als echtgenoot van Mary I Tudor (Bloody Mary) – koning van Engeland, maar dat beklijfde niet. Hij sprak ook geen Engels of Nederlands, en ook geen Frans of Duits, wat hem behoorlijk belemmerde in de omgang met onderdanen en diplomaten.

Scheidslijn

Vanuit Nederland en België gezien, is Filips vooral de vijand uit de Tachtigjarige Oorlog die met harde hand probeerde de opstand te onderdrukken en toen dat niet lukte hardnekkig bleef vechten (nou ja, liet vechten) om zoveel mogelijk gebied in handen te houden. Het resultaat is nog steeds de scheidslijn tussen de opvolgers van de Noordelijke Nederlanden (de Republiek met door de Staten beheerde gebieden zoals Staats Brabant) en de Zuidelijke of Spaanse Nederlanden: het huidige Nederland en België. Tussen de Opstand en de tegenwoordige tijd is er aan beide zijden van die grens veel gebeurd en de huidige staatsgrens is niet exact de bestandslijn waar de Vrede van Munster in 1648 op uitkwam, maar de basis voor die scheiding werd wel degelijk gelegd in de opstand tegen Filips II en de daarop volgende oorlog tegen zijn Spaanse nazaten.

Titiaan, Filips II in wapenrusting. Olieverf op doek, 1551. Collectie > Museum Prado Madrid. Wikimedia Commons.

De Nederlandse oorlogspropaganda, gesteund door andere protestantse mogendheden, creëerden een ‘Zwarte Legende’ waarin het Spaanse bewind wereldwijd zwart werd gemaakt. Het zou uiterst barbaars en bloeddorstig zijn, niet alleen in de oorlog en in de koloniën, maar ook thuis in Spanje: de Spaanse Inquisitie. Dat er ook op een verstandige manier werd geregeerd en bestuurd, werd daarmee onder het tapijt geveegd. Niet dat alles koek en ei was, dat is natuurlijk onzin, maar nuancering is op zijn plaats. De Zwarte Legende was vooral oorlogspropaganda die nog steeds nagalmt.

Sebastiaan Vranx, Gevecht tussen apen en katten, als allegorie op de aanhoudende gevechten tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Olieverf op doek, ca. 1630. Antwerpen > The Phoebus Collection. Afbeelding uit besproken boek.

Die nuance wordt gezocht in een nieuw boek, een bundel behoorlijk diverse artikelen over Filips II en zijn regeerperiode. Het initiatief voor dit boek werd genomen in het Koninklijk Legermuseum Brussel, gevestigd in het Brusselse Jubelpark en met een bijzondere historische collectie. Oorspronkelijk stond in de plannen de Slag bij Lepanto centraal, een grote zeeslag in de golf van Patras (Griekenland) waarin op 7 oktober 1571 een vloot van de Heilige Liga de vloot van het Ottomaanse Rijk versloeg en daarmee de Ottomaanse opmars in de Middellandse Zee tot staan bracht. Die Heilige Liga was een idee van paus Pius V en verenigde meerdere katholieke vorsten, met Filips II als belangrijkste voorvechter en financier en de Venetiaanse vloot als machtigste wapen. Maar 2021 was behalve herdenkingsjaar ook coronajaar en gaandeweg verschoof in de voorbereiding de aandacht naar de hoofdrolspeler Filips II.

Lucas de Valdés (1661-1752), De Slag van Lepanto. Fresco in de kerk van Santa Maria Magdalena in Sevilla. De christelijke vloot zou de bescherming hebben genoten van de heilige Maria van de rozenkrans. Foto > Anual, Wikimedia Commons.

Verbaasd

Het inleidende hoofdstuk voor dit boek is geschreven door de militair historicus Geoffrey Parker, al een halve eeuw bij uitstek de kenner van de Spaanse militaire macht in deze periode en van de strijd in de Tachtigjarige Oorlog. Hij haalt aan hoe hij zich er steeds over verbaasde dat historici hier zo lang geloofden dat de Spaanse invloed op de Nederlanden marginaal is geweest en hoe de ‘meeste Nederlandse historici van de Gouden Eeuw onderzochten waarom hun voorouders hadden gewonnen, in plaats van waarom hun tegenstanders hadden verloren’. De vaderlandse historici bleven lang vastzitten in het propagandabeeld van David tegen Goliath, waardoor de overwinning een soort godsgeschenk was.

Aankomst van de hertog van Alva te Brussel, 22 augustus 1567. Anonieme prent naar Frans Hogenberg, 1613-1615. Collectie > Rijksmuseum.

Toen in 1567 de hertog van Alva in de Nederlanden arriveerde deed hij dat met niet alleen een enorm grote, maar ook uitstekend gedrilde en bewapende legermacht. Dat het toch niet lukte om de opstand de kop in te drukken, had meerdere oorzaken. Om te beginnen de zware repressie waardoor de bevolking in het anti-Spaanse kamp werd gedreven, maar ook het terrein dat zich zeker in de noordelijke gewesten uitstekend leende voor een guerrilla en dat weinig ruimte bood voor grote militaire operaties zoals veldslagen. Minstens zo belangrijk was dat al snel de soldijbetalingen uitbleven, wat meteen de effectiviteit van het leger ondermijnde en leidde tot muiterij en plunderingen. Met als dieptepunt de Spaanse Furie toen begin november 1576 Spaanse soldaten de stad Antwerpen plunderden en in brand staken. Hierna werd het Spaanse leger teruggetrokken en was Antwerpen enige jaren in handen van de opstandelingen totdat de hertog van Parma de stad opnieuw onder Spaans gezag bracht.

Een aan Johannes Portantius toegeschreven prent van de citadel van Antwerpen met centraal daarin het bronzen standbeeld van de hertog van Alva dat hij in 1571 voor zichzelf had laten oprichten. Privécollectie > afbeelding uit besproken boek.

Hierop ontstond een situatie waarbij de Spaanse Nederlanden en de opstandige Republiek der Verenigde Nederlanden vaste vorm kregen, van elkaar gescheiden door een ruime buffer waarin de strijd nog decennia werd voortgezet. Dat strijdtoneel bevond zich voor een belangrijk deel in het huidige Noord-Brabant. Hierover is veel en vaak geschreven, maar zoals de samenstellers van dit nieuwe boek terecht opmerken, bleef de persoon van Filips II, de koning van Spanje daarbij onderbelicht.

Samenhang

Het boek Filips II en de strijd om Europa is echter geen biografie van Filips en ook geen beschrijving van de Tachtigjarige Oorlog vanuit een Spaanse gezichtshoek. Het is een bundel artikelen, met alle voor- en nadelen die daarbij horen. De behandelde onderwerpen zijn erg divers en de onderlinge samenhang is soms niet veel meer dan de persoon van de koning en zijn tijd. Het voordeel van de diversiteit is dan weer dat er onderwerpen aan bod komen die anders juist buiten beeld zouden blijven en die toch interessant zijn. De netto opbrengst lijkt dan ook dat dit caleidoscopische boek inspireert om meer – en meer objectief – over de Spaanse koning te willen lezen, zowel over zijn persoon als over zijn internationale politiek en oorlogsvoering. Meer van Geoffrey Parker, dus ook.

De artikelen zijn ondergebracht in drie thema’s. Het eerste, ‘Filips II: man en mythe’, gaat niet alleen over de man, maar ook over zijn diplomatieke activiteiten en het functioneren van zijn ambtenarij. Daarnaast zien we hier hoe zijn ‘gewapende portretten’ werden ingezet in de staatspropaganda en hoe de Tachtigjarige Oorlog in beeld kwam op historische penningen die evenzogoed een propagandadoel dienden.

Driehoeksmeting

Het tweede thema ‘Te wapen!’ spreekt voor zich. Het leger in Vlaanderen, de gewapende gilden (stadsmilities) en het verschuiven van de wapenproductie en -handel naar de noordelijke Nederlanden staan hier voorop, gevolgd door de geschiedenis van de citadel van Antwerpen en een artikel over de Spaanse commandanten in de Nederlanden. Veel specifieker is een bijdrage over het belang van de nieuwe wiskunde – en dan met name de driehoeksmeting – voor de oorlogsvoering van die tijd. Door betere manieren om afstanden en kogelbanen te berekenen, nam de effectiviteit van artillerie beduidend toe.

Tot slot hier twee bijdragen over de Ottomanen. Eerst over de beeldvorming van deze vijand die voor de opstandelingen – als vijand van de vijand – ook vriend kon lijken: ‘Liever Turks dan Paaps’, riepen de Geuzen. Tot slot dan toch nog de Slag bij Lepanto, en dan juist de Turkse kijk op die nederlaag ter zee. Voor de Turken was dit weliswaar een smadelijk verloren slag, maar slechts een detail in de aanhoudende oorlog waarin ook veel werd gewonnen.

Geuzenpenning in de vorm van een (Turkse) halve maan. Aan de ene kant de tekst ‘Liever Turcx dan Paus’, aan de andere klant ‘En despit de la mes’ (ondanks de mis). Foto > Wikimedia Commons (Kees38).

In het derde en laatste thema staat de materiele cultuur centraal en hier kunnen ook de medewerkers van het Koninklijk Legermuseum uitpakken. Koninklijke pronkharnassen en de grote verzameling historische wapens en harnassen in de Brusselse Hallepoort komen hier aan bod, evenals de oorlog in de beeldende kunst en de muziek. Tot slot hier aan de hand van het boekenbezit van Willem van Oranje een beschouwing over ‘het krijgskundige boek’ in de Nederlanden. Als epiloog bevat het boek dan nog een hoofdstuk over de Belgisch-Nederlandse grens als ‘territoriale erfenis van Filips II’. In dat breed opgezette artikel komen ook de enclaves van Baarle-Hertog aan bod evenals de dodendraad die de Duitsers tijdens de Eerste Wereldoorlog langs deze grens aanlegden. Zo scherp is die grens daarvoor en daarna nooit geweest.

Kevin Gony & Natajsa Peeters (red.), Filips II en de strijd om Europa. Oorlog en opstand in de zestiende eeuw. Tielt: Lannoo 2022, 332 pp., ISBN 978-94-014-8646-0, hb., € 34,99.

Lannoo.be

© Brabant Cultureel 2022

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.