Van lege zalen en de eeuwige cirkel

door Arnold Verplancke (tekst & beeld)

Wat kan ik schrijven over lege zalen? Ik bedoel niet zalen vlak voordat ze zich vullen met bezoekers. Dan hangt er al de spanning van wat komen gaat: het nog achter het gordijn verstopte decor, de eerste tekst, het applaus voor de opkomende musici en daarna de dirigent, de eerste tonen van de ouverture. ‘Haal het doek maar op’, zou Wim Sonneveld zingen.
Nee, ik bedoel de lege zaal waar niemand meer komt. Die voor eeuwig dicht is, waar geen noot meer zal klinken, geen woord meer over het voetlicht komt. Die alleen maar stof zal vangen, spinnenwebben verzamelen, verteren en vergaan. Je ziet ze soms in films, zo’n door iedereen vergeten zaal waar de tijd heeft stil gestaan, maar waar plotseling een lijk ligt, om het spannend te maken.
In mijn droom beland ik wel eens in zo’n zaal. Hoe ik er kom, geen idee, al lijkt dat ’s nachts logisch. En vechtend tegen mijn slaap, probeer ik nog het zaallicht aan te knippen, vlak voordat ik wakker word. Ach ja, zo heeft iedereen zijn nachtelijke probleempjes.

Ontbijt

Ik dacht eraan toen ik laatst door een leeg restaurant liep, tafels en stoelen covid-ver genoeg van elkaar, maar toch gesloten. Ondanks de lockdown moest ik overnachten in een hotel. Ik boekte een kamer met ontbijt. Dat het diner er niet meer in zat na het ingrijpen van Rutte, wist ik ook wel. Daar ging het mij niet om.
Maar het ontbijt bleek ook verboden. Dat wil zeggen, ik kon wel een paar belegde broodjes afhalen in een papieren zak bij de receptie plus een klein dienblaadje met plastic bekers koffie en sinaasappelsap (op extra verzoek). Maar die moest ik zelf de trap op dragen naar mijn kamer en daar nuttigen. Zelfs ontbijt blijkt onder het coronaregime te vallen.

Daar liep ik door die lege ontluisterde en deels afgedekte eetzaal. En schoot mij mijn apocalyptische droom in gedachten.

Hack

De lockdown zorgt trouwens wel meer voor surrealistische beelden. Op het journaal zag ik laatst een volstrekt verlaten Dam in Amsterdam. Ik moest onwillekeurig denken aan de neutronenbom. Die was naar schatting een jaar of dertig geleden in het nieuws als militaire vooruitgang. Die bom zou mensen doden, maar gebouwen intact laten. Handig voor de overwinnaar die dan maar de knop hoeft om te draaien om de fabrieken weer op te starten. Je hoort weinig meer over de neutronenbom. Een massale hack lijkt nu meer in de mode.

Het laatste oordeel

De Apocalyps, dat wil zeggen het einde der tijden, kwam ik ook tegen toen ik nog net voor de harde lockdown de Grote Kerk van Naarden bezocht. Hoog boven de kerkbezoekers is daar een beschilderd houten tongewelf te zien, met allerlei Bijbelse taferelen. Rechts scènes uit de Thora, door christenen het Oude Testament gedoopt. Links afbeeldingen uit het Nieuwe Testament die op een of andere manier zouden rijmen op de joodse motieven rechts.

Beeldverbod

Het zijn prachtige schilderwerken die de laatste maanden vanwege onderhoud en restauratie van zeer dichtbij te bewonderen waren. Ze dateren uit de periode 1509-1518, toen de kerk nog een katholiek gebedshuis was. Ondanks het Bijbelse beeldverbod versierden katholieke bestuurders hun kerken met beelden en schilderijen om het ongeletterde volk aan de oude verhalen te herinneren die ze zelf niet konden lezen. Paus Gregorius de Grote (circa 540-604) had om die reden indertijd het beeldverbod afgezwakt, ter lering van de gelovigen dus. 

Maar de strenge protestanten keerden in de zestiende eeuw terug naar de letter van de wet. Weg met de afgodenverering. De Beeldenstorm raasde door de kerken die vervolgens merendeels in protestante handen vielen. De eerste Beeldenstorm van 1566 ging aan de kerk van Naarden voorbij, maar een paar jaar later vernielde een groep religieuze hooligans toch alles wat los en vast zat. Het tongewelf was gelukkig te hoog voor hen en bleef gespaard.

Van dichtbij

Vanaf oktober was er de afgelopen maanden vlak onder het tongewelf een werkvloer gelegd ten behoeve van het onderhoudswerk. Via een stevige en brede metalen trap mochten ook kleine groepjes bezoekers naar boven. Die konden dan de taferelen van dichtbij bewonderen.

De werkvloer hoog in de kerk voor het onderhoudswerk aan het tongewelf
Isaac draagt het hout voor zijn eigen brandstapel

Zoals Abraham en Isaac op weg naar de offerplaats. De jongen draagt zelf het hout voor zijn brandstapel. Daar tegenover de kruisdraging door Jezus. En iets verder Jona die van het schip wordt gekieperd en drie dagen in de walvis zal verblijven alvorens uitgespuugd te worden. Tegenover hem de dode Jezus die in het graf wordt gelegd waaruit hij na drie dagen zal zijn verdwenen. Alle afbeeldingen komen samen in het Laatste Oordeel, waar een hemelse Christus de mensen scheidt en verwijst naar de hemel of de hel.

Jona en de walvis, totale paneel en detail

Het tongewelf in Naarden zou nog tot 10 januari 2021 van dichtbij te bewonderen zijn. Of er een verlenging komt na de lockdown is de vraag.

Claudy Jongstra

Om af te kicken was ik medio december ook nog even in de Lakenhal van mijn geboorteplaats Leiden, waar trouwens ook een beroemd Laatste Oordeel te bewonderen is. Maar mijn oog trok automatisch omhoog in het oude deel van het gebouw: een sober tongewelf, uitlopend op een staatsieportret van ongetwijfeld de staalmeesters van het Leidse laken van weleer.

Tongewelf in de Lakenhal Leiden met De Staalmeesters, in 1675 geschilderd door Jan de Baen
Creatie van Claudy Jongstra in Leiden

Ze vormen een mooi contrast met de eigentijdse textielbewerkingen en fantasierijke kleding van Claudy Jongstra die daar tot eind februari te zien is en de lockdown dus wel zal overleven. Een aanrader voor betere tijden.

Messiaen

Weliswaar ook buiten Noord-Brabant heb ik nog net een bijzonder concert bijgewoond van een componist die mij tot nu toe niet eens zo aansprak. U kunt het ook vinden, thuis op YouTube, maar dan van een ander ensemble.

LP-hoes Quatuor pour le fin du Temps, opname uit 1989.

In de kleine kerk van Kortenhoef, helemaal coronaproef, luisterde ik naar Quator pour la fin du Temps, van Olivier Messiaen (1908-1992). Vier jonge mensen (het Chimaera Trio en Runã ’t Hart) speelden dit grillige en verrassende werk met een enorme intensiteit. Bijna een uur lang luisterde ik geboeid hoe in het idioom van Messiaen een engel het einde der tijden aankondigde, hoe de zeven trompetten schalden en uiteindelijk de lofzang klonk op de onsterfelijkheid van Jezus en op de eeuwige liefde. Indringend werk door klarinettiste Annemiek de Bruin, celliste Irene Kok, pianist Laurens de Man en de al genoemde violiste Runã ’t Hart. Een mooie entree ook naar het Kerstfeest, immers een feest van liefde, van vrede en van opnieuw beginnen.
 In de eeuwige cirkel raken begin en einde elkaar.

Grote kerk Naarden:
Grotekerknaarden.nl/home/bezoek/
Grotekerknaarden.nl/hemelbestormers-tickets-in-verkoop/

Lakenhal Leiden:
Lakenhal.nl/nl/verhaal/solotentoonstelling-claudy-jongstra

Olivier Messiaen > Quator pour la fin du Temps
wikipedia.org/wiki/Quatuor_pour_la_fin_du_temps

© Brabant Cultureel 2020