Indrukwekkend kunstproject van Victor Sonna in Van Abbe over slavernijverleden

Bij toeval stuitte beeldend kunstenaar Victor Sonna op een set handboeien. Het bleken ketens te zijn van een tot slaaf gemaakte. De aankoop leidde tot het grote en indrukwekkende kunstproject ‘1525’, een zoektocht naar het slavernijverleden van Nederland waarbij ook Ghana en Suriname werden bezocht. Het project is nu te zien in en rond de toren van het Van Abbemuseum in Eindhoven. 

door Irma van Bommel

Het lijkt een perfecte timing, nu een expositie over het slavernijverleden. Met de wereldwijde demonstraties in het kader van Black Lives Matter is het publieke debat over racisme en discriminatie volop aan de gang. In de Verenigde Staten voelen veel Afro-Amerikanen zich gediscrimineerd. De rassenongelijkheid is terug te voeren tot de slavernijtijd. Annejet van der Zijl schetste een beeld van Charleston in de negentiende eeuw in Leon & Juliette, dat dit jaar verscheen als Boekenweekgeschenk. Ook Nederland heeft met de koloniën een slavernijverleden. Het project van Victor Sonna (Yaoundé 1977) was twee jaar geleden al klaar om te worden getoond. Maar het Van Abbemuseum heeft nu pas plaats voor het omvangrijke kunstproject.

Beeldend kunstenaar Victor Sonna heeft zijn atelier in Sectie-C in Eindhoven. Hij werkt met gevonden voorwerpen, veelal van metaal. Door daar nieuwe constructies van te maken, zoals fietsen en stoelen, ontdoet hij ze van hun oorspronkelijke betekenis. In New Orleans – Sonna is in 2015 in de VS vanwege een festival en reist daarna rond – stuit hij in een antiekwinkel op een set oude, metalen handboeien. Hij koopt die om ze te verwerken in een kunstwerk. Het loopt anders. De ketens betekenen het begin van een project. De ketens vormen ook het begin van de expositie in het Van Abbemuseum.

Victor Sonna bij zijn expositie in het Van Abbemuseum. Foto > Ronald Smits

De ketens liggen nu op een sokkel, op ooghoogte. Ze zijn klein. Ze moeten van een vrouw of kind zijn geweest. Er staat een nummer in gegraveerd, 152. Het is de ‘naam’ van een tot slaaf gemaakte. Dat getal speelt een belangrijke rol in de expositie. Toevoeging van het getal vijf aan dit nummer verwijst naar het jaartal 1525, het jaar waarin een van de eerste slaventransporten over de Atlantische Oceaan plaatsvond. Transporten waaraan alle Europese zeevarende naties meededen. 1525 is de titel van de expositie.

Film

Direct om de hoek bij de sokkel met de ketens draait een korte film, opgenomen in de slavenverblijven in het fort Elmina in Ghana. Daar werden slaven verzameld en gevangen gehouden voordat zij de Atlantische Oceaan overstaken. Het is ‘paniekerig’ gefilmd, in enge ruimten waardoor je als kijker het gevoel krijgt zelf in de gevangenis geworpen te zijn. Het uitzicht vanuit het fort op het idyllische strand is ook gefilmd, door een smalle opening in de muur waardoor je beseft dat er geen ontsnapping mogelijk is. “Ik kon daar de eerste week niet filmen. Zo heftig waren de eerste indrukken die het fort op mij maakten”, vertelt Sonna tijdens de perspreview. Door het paniekerige filmen, weet hij die beklemmende sfeer ook op de bezoeker over te brengen.

152 werken vullen de toren in het Van Abbemuseum van de kelder tot de nok, als een omgekeerde Toren van Babel. Foto > Ronald Smits

Op twintigjarige leeftijd kwam Victor Sonna, alleen, vanuit Kameroen naar Nederland met als doel hier een beter leven te kunnen opbouwen. Hij werd aangenomen bij de Design Academy in Eindhoven. Omdat hij zich meer vrij kunstenaar voelde, stapte hij na drie jaar over naar AKV|St. Joost in ’s-Hertogenbosch en studeerde daar af. De huidige expositie in het Van Abbemuseum is zijn eerste solo in Nederland. “Ik wilde een ander geluid laten horen.” Sonna legt uit geen slavernijverleden in de familie te hebben. Hij komt uit Kameroen, slaven kwamen vooral uit Ghana. Toch wilde hij iets doen met zijn Afrikaanse roots. “Als kunstenaar moet ik de ruimte hebben om hier iets mee te doen, ook al heb ik er zelf geen relatie mee.”

In Ghana filmt hij mensen die de markt bezoeken, maar niets herinnert nog aan de slaventijd. Vanuit Ghana vertrokken eeuwenlang de schepen met slaven. Die werden uit de binnenlanden gehaald door de Ashanti, die een machtige staat vormden, en aan de kust verhandeld aan de Europeanen.“Alles heeft twee kanten”, zegt Sonna, en hij doelt daarmee op het feit dat Afrikanen niet alleen slachtoffer waren maar ook dader.

Traditionele weefsels uit Ghana zijn verwerkt in een oud Nederlands wandkleed. Daarmee wordt op symbolische wijze uitgebeeld dat de geschiedenissen van beide landen met elkaar zijn verweven. Foto > Ronald Smits

Die dualiteit zien we terug in zijn installatie in de toren van het museum. 152 werken (naar het nummer in de ketens) hangen er vrij in de ruimte, aan steigers. “Een omgekeerde Toren van Babel.” Als basis voor de werken nam hij (versneden) oude, geweven wandtapijten met idyllische taferelen. Voor Sonna staan die symbool voor de welvarende blanke gemeenschap. Geen enkel tafereel verwijst naar de hardwerkende slaven op de plantages. Dat speelde zich af ver weg in de koloniën. Een aantal tapijten heeft Sonna gebleekt, om de geschiedenis uit te wissen. En aan een aantal tapijten heeft hij traditionele weefsels uit Ghana toegevoegd om zo de geschiedenissen symbolisch met elkaar te verweven. In andere tapijten verwerkte hij voorwerpen of afdrukken daarvan in epoxy die te maken hebben met de ruilhandel of met de slavernij. Ook verwerkte hij speelkaarten in een aantal tapijten. Die verwijzen naar het lot dat tot slaaf gemaakte meisjes en vrouwen trof. Het lot bepaalde wie van hen uit de groep werd gehaald voor vertier van de blanke mannen.

Spiegelen

Via trappen en tussenvloeren in de steigers kunnen de werken die van de kelder tot in de nok van de toren hangen van dichtbij en aan alle kanten worden bekeken. Naar boven lopend stuit de bezoeker op een andere indrukwekkende installatie. Deze bestaat uit zeefdrukramen met veelal lugubere voorstellingen uit de slavernijtijd. Ze zijn echter opzettelijk moeilijk te onderscheiden. Pas wanneer een andere bezoeker achter een zeefdrukraam gaat staan, ontstaat er contrast en wordt het beeld leesbaar. Ook dit heeft een diepere betekenis: We hebben de ander nodig om tot inzicht te komen, om ons te spiegelen.

De voorstellingen in de zeefdrukramen worden pas goed zichtbaar tegen een donkere achtergrond, dus als er iemand achter staat. Foto > Ronald Smits

Sonna verbleef een maand in Ghana. “De reis naar Ghana was noodzakelijk. Daardoor werd het een project van mijzelf. Via de ander werd het ook een zoektocht naar mijzelf.” Na Ghana bezocht hij Suriname, een Nederlandse kolonie waar veel slaven uit Ghana naartoe zijn gebracht. Daar sprak hij de taal. Hij confronteerde de mensen onvoorbereid met de ketens, om hun reactie te peilen. Jongeren deed het niets, maar ouderen kwamen met verhalen. Sonna maakte voor de expositie ook een informatieve film met feitelijkheden over de slavernij, waarin hij uitlegt hoe de slavenhandel is ontstaan vanuit de ruilhandel met goederen. Het transport over zee ging op dezelfde manier zoals goederen werden getransporteerd: in de ruimen. Je krijgt er rillingen van over je rug…

“Het project was geen initiatief van het Van Abbemuseum, maar is vanuit openheid ontstaan”, vertelt Steven ten Thije, curator van deze tentoonstelling. In 2016 hield Ten Thije een lezing in De Doelen in Rotterdam naar aanleiding van zijn essay voor het Mondriaan Fonds over Het geëmancipeerde museum. Het boekje is te koop in de museumshop van het Van Abbemuseum. In het essay stelt hij dat kunstmusea weliswaar veel bezoekers trekken, maar dat dit vooral hoogopgeleide blanken zijn. Het beleid en de programmering zal moeten veranderen om ook andere bevolkingsgroepen aan te spreken. In 2008 haalde het Van Abbemuseum een bedrag van vijf ton binnen van de Mondriaan Stichting om te besteden aan culturele diversiteit. Een project van de kunstenaars Annette Kraus en Petra Bauer leidde tot een heftige Zwarte Pieten-discussie in het museum. Nu, in de tijd van Black Lives Matter, zou die discussie weleens veel genuanceerder kunnen verlopen dan toen het geval was.

Atelierbezoek

Victor Sonna was bij die lezing aanwezig en daar hebben de kunstenaar en de curator elkaar voor het eerst gesproken. Later is Ten Thije op atelierbezoek geweest, meerdere keren. Hij zag het werk langzaam ontstaan. Bij het zien van een van de eerste ‘tapijten met een keerzijde’ werd Ten Thije geraakt. “Dit moeten we laten zien.” En toen ontstond het idee om een tentoonstelling te organiseren in het Van Abbemuseum. Het project is helemaal eigen onderzoek en eigen werk van de kunstenaar.

Zeefdrukraam met voorstelling van een als slaaf geboren jongetje. Foto > Ronald Smits

Lange tijd durfden musea het niet aan om het slavernijverleden als onderwerp te kiezen, maar de laatste jaren is daar een kentering in gekomen, constateert Ten Thije. Het thema is nu zeer actueel. De open vraag van de expositie aan de bezoeker is: Wat betekent slavernij voor mij? Hebben voorouders op een of andere manier te maken gehad met het slavernijverleden? Of voelen we ons anderszins plaatsvervangend schuldig? Nederland is immers welvarend geworden door opbrengsten uit de koloniën.

Het idee om de ‘tapijten’ van Sonna in de toren te hangen kwam van Ten Thije. Daar kwam nogal wat bij kijken. Eerst was door technici een simulatie gemaakt, om te kijken of alle 152 werken er getoond konden worden. Dat bleek te kunnen. “Het bouwen van de steiger was één procent inspiratie, negenennegentig procent transpiratie.”

Eind augustus verschijnt naar verwachting de catalogus bij Victor Sonna. 1525. Hierin is een interview met de kunstenaar opgenomen en een essay van Steven ten Thije waarin hij de relatie legt tussen slavernij, koloniaal verleden en racistisch denken. Als oorzaak ziet hij het superioriteitsgevoel van de blanken. In het essay gaat hij op zoek naar het ontstaan daarvan.

‘Victor Sonna. 1525’, tot en met 30 mei 2021 in het Van Abbemuseum in Eindhoven.

https://vanabbemuseum.nl

De publicatie van Steven ten Thije ‘Victor Sonna. 1525’ verschijnt vermoedelijk eind augustus 2020.

www.victorsonna.nl

© Brabant Cultureel 2020