Dichters over het coronavirus #8 (slot)

Dit is de laatste aflevering van deze rubriek op Brabant Literair. Aflevering 8 bevat één gedicht (in aansluiting op inventaris I in de eerste aflevering) en een lied over Café Weemoed. Dit café is de bakermat van kunst en cultuur in Tilburg.

Weemoed naar Weemoed

Telkens als ik last heb van verveling
tel ik de seconden ieder uur
tot ik -is het lot of slechts een speling
der zichzelf voltrekkende natuur?
uitgerekend nu ik naar de wc moet
Staat er niks te lezen op de muur
dan denk ik met weemoed aan Weemoed

Waar de kaarsen altijd branden
Jeff z’n Wortergemsen giet
de gesprekken rap verzanden
in een valsgezongen lied
waaraan iedereen van harte meedoet
maar vanavond even niet

Driemaal daags een fikse wandeling
Zo blijft een mensheid ferm, gezond en mager
(en omdat, als doel voor bij de handeling
ik onderweg nog even naar de slager
voor sukadelappen en paté moet)
Bij de Livebar wordt mijn tred iets trager
en slenter ik met weemoed langs Weemoed

Waar de klok onopgewonden
valse uren lopen liet
zonder drank, gelach en zonden
geen deerne die je zo maar ziet
waar je dadelijk mee mee moet
nee, vanavond even niet

Tegenwoordig kun je nergens komen
niet naar Willem II-Excelsior (thuis)
Toch beleef ik heel wat in mijn dromen
Ben ik weer een hedendaagse Orpheus
die zo nodig naar Eurydice moet
eindig altijd weer ten prooi aan Morpheus
en droom dan van Weemoed
met weemoed

Hans d’Olivat, Tilburg (Rotterdam). huisdichter van de Eindhovense Johnny Cash tribute-band Def American, lid van kunstcollectief Tilburg Cowboys. Laatst gepubliceerde literaire werk dichtbundel Iedereen is dichter, maar niemand weet waarbij (2019)   

Het gedicht Weemoed naar Weemoed is ook op muziek gezet, uitgevoerd door de Rijmbendederetoriekers. Marcel Cé -muziek en zang, Bee Wé -dans en Hans Dó -tekst. Luister hier naar het lied.

inventaris II

de merel is terug met zijn lier 
hij fluit hij speelt het morgenrood
hij brengt weer nieuwe hoop

in de middag luiden vrolijke klokken 
een huwelijk is pas bevestigd
laag hoog versneld vertraagd  
als merelzang

op het avonduur luiden doodsklokken
een laatst sacrament is pas bediend 
rode wijn – een lichaam als 
gebroken brood

want we leven allemaal als in Santa Fé
de klokken luiden soms voor jou & mij
bij de hoogste noot dan zweer je iemand trouw
maar bij de laagste noot is heel je stad in rouw 

*

een vreemde tijd een nieuw geluid
spreeuwen vallen als zwarte parels 
over daken     hun snoer geknapt

of je rijk of arm bent
wat je doet of wat je laat
de tijd staat nooit voor iemand stil
klokken luiden op een ochtend in april

of je jong of oud bent
waar je woont of waar je gaat
we vallen als losgeraakte parels – laat
luiden de klokken op een avond in mei

want we leven allemaal als in Santa Fé
de klokken luiden soms voor jou & mij
bij de hoogste noot dan zweer je iemand trouw
maar bij de laagste noot is heel je stad in rouw 

(gedachtig aan de Zuid-Afrikaanse volkszanger Gé Korsten)

Carina van der Walt, Tilburg (Welkom, ZA). Laatst gepubliceerde literaire werken in Dichters over het coronavirus # 1 en in Noord & Zuid – themanummer Artificiële Intelligentie
Vlaams-Nederlands Genootschap voor Taal en Cultuur (jaargang 3, nummer 4 // maart 2020) : Antwerpen.