Decorkunstenaar Simon Haen ziet zijn levenswerk ten onder gaan

Hij had een barstensvolle agenda met opdrachten, maar na het uitbreken van de coronacrisis is het duimen draaien voor decorkunstenaar Simon Haen. De hele theaterwereld ligt op zijn gat, en het is nog maar de vraag wanneer die weer tot leven komt. Zelfs voor boodschappen heeft de culturele zzp’er geen geld. 

door Emmanuel Naaijkens • fotografie Joep Eijkens

Vorig jaar had hij door persoonlijke omstandigheden financieel een matig jaar, maar voor dit jaar zag het er meer dan zonnig uit. De agenda van de Tilburgse decorkunstenaar Simon Haen (1969) zat barstensvol met opdrachten voor uiteenlopende (theater)producties. Maar de coronacrisis gooide in een klap roet in het eten.

Decorkunstenaar Simon Haen in zijn kantoor. Het zag er naar uit dat hij een goed seizoen zou draaien, tot de coronacrisis uitbrak.

De ene na de andere opdracht werd afgeblazen, of in het gunstige geval doorgeschoven naar een latere datum. De schade tot nu toe bedraagt zo’n zestigduizend euro aan misgelopen opdrachten. En dat komt keihard aan als je zzp’er bent. “Ik heb zelfs geen geld meer om boodschappen te doen. Ik ga noodgedwongen bij mijn vriendin eten anders zou ik hongerlijden.”

Stilgelegd

Wat Haen overkomt is niet uniek, maar daarom niet minder schrijnend. Naar schatting werken er in de culturele sector in Noord-Brabant zo’n 14.000 zzp’ers. De meesten kunnen hun kostje in normale tijden wel bijeen scharrelen, maar nu de economie in een vrije val is geraakt en coronamaatregelen de culturele sector hebben stilgelegd, staat het water veel zzp’ers aan de lippen. Of ze gaan zelfs kopje onder. Simon Haen maakt er geen geheim van dat de moed hem nu en dan in de schoenen zinkt. “Ik heb mijn bedrijf in vijfentwintig jaar opgebouwd, en nu dreig ik mijn levenswerk in één klap te verliezen. Als er niet meer steun komt voor mensen zoals ik en theaterproducties voorlopig onmogelijk blijven, dan valt het doek. Dan zit er niets anders op dan faillissement aan te vragen, hoe verschrikkelijk ik dat ook vind.”

Doorkijkje in het overvolle magazijn.

Een kwart eeuw geleden studeerde hij af aan de kunstacademie, maar hij had al gauw in de gaten dat hij als beeldend kunstenaar geen belegde boterham zou kunnen verdienen. Hij besloot zich te gaan specialiseren in decorbouw, maar dat woord dekt allang de lading niet meer. Hij verzorgt tegenwoordig het toneelbeeld in de ruimste zin van het woord, afgestemd op de wensen van de opdrachtgever. Moeten er delen van het decor bewegen? Haen draait er zijn hand niet voor om, hij weet precies met welke techniek je dat voor elkaar krijgt.

Er liggen tal van bijzondere voorwerpen in het magazijn.

“Ik noem mijzelf decorkunstenaar, een combinatie van uiteenlopende disciplines. Ik kan ontwerpen en bouwen, heb ervaring met licht en geluid. Ik weet waar een mobiel decor aan moet voldoen voor een gezelschap dat langs de theaters reist. Ik ken de regels rond veiligheid, noem maar op.”

Uitgesteld

Een van de komende opdrachten was het decor verzorgen voor een productie van Het Zuidelijk Toneel, maar die is afgezegd en verschoven naar 2021. “Dat is nog gunstig want dat is uitgesteld werk, maar er zijn ook opdrachten die helemaal niet meer doorgaan. Of producties waarvan het decor is geschrapt om kosten te besparen. Ik begrijp dat wel, omdat een decor toch een soort luxe is. Het gaat in de eerste plaats om de acteurs.” En hij zag een klus in Frankrijk in rook opgaan, “scheelt me ook weer drieduizend euro”.

In de vijfentwintig jaar dat Simon Haen werkt als decorkunstenaar heeft hij tal van attributen verzameld.

Van veel zzp’ers is bekend dat ze niet of nauwelijks reserves achter de hand hebben om tegenvallers op te vangen. Simon Haen had wel vierduizend euro op zijn spaarrekening staan voor onvoorziene uitgaven. Begin dit jaar moest hij dat noodpotje aanspreken omdat zijn busje het had begeven. “Ik maakte me toen nog geen zorgen, omdat ik wist dat ik een goede zomer zou draaien.” Dat pakte dus anders uit. Gelukkig had Haen de huur voor zijn atelier al voor drie maanden betaald en ook de verzekeringen heeft hij voor een jaar vooruit betaald.
Als kleine ondernemer heeft hij een beroep kunnen doen op een steunmaatregel van het rijk. Hij kreeg vierduizend euro uitgekeerd. “Daarmee kan ik onder andere de huur van het atelier voor het tweede kwartaal betalen.” Daarnaast heeft hij bij de gemeente Tilburg een aanvraag ingediend op basis van de TOZO (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers). In het gunstigste geval verwacht hij 947 euro (bijstandsniveau) te ontvangen. “Ik heb privé maandelijks ongeveer duizend euro aan vaste lasten, dus je begrijpt dat ik geen geld heb om boodschappen te doen.”

Deur dicht

Toch denkt hij het financieel nog wel tot september te kunnen uitzingen, maar hoe het daarna verder gaat is met geen zinnig woord te zeggen. Die onzekerheid knaagt aan hem, en dat geldt ook voor veel van zijn collega’s. Soms voelt hij zich depressief. En wat hem ook stoort, is dat de overheid kennelijk weinig waarde hecht aan cultuur. “Voor de sierteelt is er meer dan zeshonderd miljoen steun. Voor de cultuursector, waar driehonderdduizend mensen werken, is er maar driehonderd miljoen. Het meeste geld gaat bovendien naar grote instellingen als het Rijksmuseum.” Wat voor hem helemaal de deur dicht deed, is dat er in het nieuwe college van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant geen gedeputeerde voor cultuur komt. De cultuursector komt in de portefeuille Vrije Tijd en Erfgoed.

Simon Haen: ‘Ik ben altijd heel idealistisch geweest in mijn werk’

“Ik ben altijd heel idealistisch geweest in mijn werk. Ik heb studenten van de kunstopleiding geholpen, of cultuurmakers die het niet breed hebben, door tegen een zacht prijsje decorstukken en attributen beschikbaar te stellen. Een groot salaris hoefde ik niet, als ik maar geld overhield om van te leven. Dat ze ons nu onder ‘vrije tijd’ scharen voel ik als een klap in het gezicht.”

www.simonhaen.nl

© Brabant Cultureel 2020