Dichters over het coronavirus # 2

Brabant Cultureel heeft zoveel mogelijk dichters in Noord-Brabant of dichters met een duidelijk aantoonbare relatie met Noord-Brabant uitgenodigd om in dichtvorm te reflecteren op de coronapandemie die ons nu treft. Het spits werd afgebeten door Carina van der Walt, Pieter Luykx en Herman Coenen.
De bedoeling van deze rubriek is om onze lezers te ondersteuning, te bemoedigen en te troosten in deze vreemde tijd van ontwrichting en verlies. 


Welk raam van het Amphia

Na het bezoek te voet
retour parkeergarage.
De afstandsbediening
vindt de auto terug
op de eerste verhoging
dicht bij de poort.

De verdieping zit in het omzien
naar die verlichte ramen
achter ons, en was het nou
op de eerste of de tweede of.
Een loslaten, afscheid nemen.
Hij was nodig, deed ertoe.

Na de welkome beloning
van AOW en pensioen
weer zo vol plannen,
meer dan toen hij werkte,
de caravan, die camping
bij dat Bretonse strand.

En dan die ontkroning,
vrijdag dertien maart.
De afdeling achter me
dempt de verlichting,
verduistert raam na raam
hand over hand.

Afstanden verdiepen zich
als ik WhatsApp open
en de familiegroep inlicht.
Volgens Google Maps nog
35 – 45 minuten via de A58
naar Eindhoven-Noord

tussen onwetende akkers
en weilanden, langs steden
en dorpen die hem niet kenden,
en volgens mij nooit meer terug
naar hoe het was. Hoe hij was,
wie hij was. En nooit meer houdoe.


Hans F. Marijnissen, Eindhoven (Ginneken). Voorzitter Poëzieclub Eindhoven, laatst gepubliceerde werk Zonder opgaaf van redenen (2020, Uitgeverij Hub Dohmen)


Kus in Coronaland

Dat juist nu de natte kus van mijn moeder 
niet meer zou mogen in deze besmette tijd

haar kus als bezwering van een onschuldige 
schram of kras kon deze keer de dood bevatten

waar zij haar lippen in liefde op mijn huid drukte 
als troost zit nu een mondkapje onder microben

het virus kruipt waar het niet gaan kan en toont 
altijd zijn ware aard in het geniep of openbaar 

straten schuimen vol eenzame wind stoepen zijn leeg
met gekalkte lijnen verboden geboden wensen

afgekondigd door strakke beambten achter steile 
tafels met gebaren voor doven die niet zien kunnen

niet willen weten wat deze orkaan de wereld doet
of angstig achter deuren de tijd in nietsdoen leven

mijn moeder leeft niet meer en wist gelukkig alleen
die tijd van toen met haar kleffe kus en natte zoen

een voorbij nostalgisch liefdevol gebaar 


Kees van Meel, Breda (Breda). Stadsdichter Breda 2008 – 2012. Laatst gepubliceerde literaire werk Voorbij de Tijd / Beyond Time, Au-dela du temps (2019, Editura Pim)


 QUARANTAINE

Ook de huizen blijven thuis nu.
Ze staan nadrukkelijker op hun plaats. 
De quarantaine maakt ze zwaarder.

Maar de bomen wisselen moeiteloos van straat 
en strooien daarbij met hun witte blaadjes.
Hun onderlinge afstand is verkleind!

Een drone beveelt de schoonmaak aan.
Bij elke poetsbeurt wordt de woning lichter.
Totdat het lijkt of wij aan ’t zweven gaan, 
de straat uit en de stad! De zee!
Wij wonen en wij reizen zonder moeite
met de witte blaadjes mee.


Paul Meeuws, Eindhoven (Roermond). Genomineerd voor de Cees Buddingh-Poëzieprijs 2017, laatst gepubliceerde literaire werk De Geluiden (2017, Uitgeverij Wereldbibliotheek)

Lees hier
Dichters over het coronavirus – 1
Carina van der Walt
Pieter Luykx
Herman Coenen