‘ik heb me hier gruwelijk op verkeken’

door Moeckbert

De verandering

Er was een gek gebouw in Chandigarh of was het de Sint Rita kerk in Harelbeke of was het omdat we het over Peter Zumthor hadden, de zoemtor die omzoomd werd door de hoge bergen waardoor hij in zijn eentje leven moest en amper na kon denken over amorfe afsnijdingen?

We hadden het er niet over om in Sint-Gilles-Waas te gaan wonen of om bij de C&A in Antwerpen te informeren of ze ook Vancoppen-olie verkochten in van die gouden flacons, juist om de meubels mee in te smeren – terwijl je lonkte en me je rug aanbood.

Het was een tijd van overdreven omwentelingen, meer nog dan de aarde op een dag zou kunnen verdragen – we hadden het over veranderingswerken, werken waardoor je kon veranderen; ik bewoog dan wel niet buitensporig, maar veranderde iedere dag wel in een kleine tor. Met fitness had dit weinig van doen – wel met accepteren en gewoon doorgaan.

Misschien daarom dronk ik Chaudfontaine uit de bron en kreeg er het soms Spaans benauwd van.
Ja want wat moet je als je ‘t al snel te warm hebt en water drinkt dat zowat kookt?
Makkelijker werd het er niet van en ik probeerde ondertussen een fraai fotootje te maken van een hutje dat volledig uit beton bestond en waar mannen met kamelen voorlangs liepen alsof jij dat niet begreep.

Buiten dat zag ik inscripties en een ingewikkeld overhangetje; zogenaamd steunend op stenen en gekronkeld glas. De schoolkinderen die er waren zouden ‘t waarschijnlijk hebben gelezen
als jij je niet de hele tijd manifesteerde – het werd een ingewikkeld ding.

Moeilijk was het moment dat jij verdween of was ik ‘t die dat deed?
Het gaf de mens te denken – hetgeen best lastig was, in ieder geval moeilijk om te accepteren,
sowieso om alles gladjes af te kunnen ronden – want hoort een goedgeaarde burger dat niet te doen:
niet kniezen al denk je dat je veel van olie afweet of zaken over bouwen en kevers
met inbegrip van liefde, veel liefde? Want dat is namelijk niet zo.


Het incident

ze schrokken van de vogel die opvloog in het smalle straatje waar fietsers reden;
de mannen die donkerrood gekleurd waren en hard moesten lachen om wat er plaatsvond

dat de vogel schrok was wederzijds

gelukkig zijn er vogelsoorten uitgestorven die iets kwaads hadden kunnen aanrichten maar godzijdank wisten zij dat niet en ik maar slechts ten dele, dus ik lachte en dicteerde onderwijl mijn secretaresse over het bizarre voorval samen met de drieëntwintig geluksgetallen waarvan driehonderdnegenenzestig en eenenveertig er twee waren; het laatste getal had ik per ongeluk ingeslikt

naar ik veronderstelde, bracht het me naar wat nieuwe dingen
en zij die nietsvermoedend prachtig was, werkte stug door om de informatie te ontleden;

de typemachine die in haar computer sliep werd aangeklikt en de toetsen ratelden vervolgens door om systematisch aan een intern onderzoek te worden onderworpen, niet slaafs maar gedwee en fijnbesnaard

tegenwoordig zou men dit absurde incident anders bekijken

of krampachtig stilhouden en vermijden alsof er sprake is van iets ongewoons of een vorm van zinsbegoocheling die niet voor verrukkelijk wordt gehouden – en ik knikte
en betwistte ‘t eigenlijk van binnenuit

Zie ook de vorige bijdrage van Moeckbert


Wie is Moeckbert? Ja wie is hij niet? Veel helaas nog niet, en in ieder geval niet iemand die zichzelf zo maar prijsgeeft. Maar zoals dat soms met bepaalde dingen gaat, kan het tij zich spontaan keren. Aan het einde van het vorige millennium geboren in een redelijk goedige omstandigheid onder de rook van Tilburg.

De oversteek

Men vermoedde een groot ongeluk
Wanneer ik hier de weg zou oversteken

Ik groef daarom een heel groot gat
Dat duurde maanden en geen weken

Mijn date zei vanaf de overzijde fuck
Ik heb me hier gruwelijk op verkeken

© Brabant Cultureel 2020

Fotomontage boven: wolk gecombineerd met detail interieur Bruder Klaus Field Chapel, ontwerp van architect Peter Zumthor.