Kimono’s Hans van Hoek goed bewaard geheim in Het Noordbrabants Museum

Een kimono is een traditioneel Japans kledingstuk waarvan de naam simpelweg betekent ‘dat wat iemand draagt’. De basisvorm van een kimono is eenvoudig, de wijze van dragen is dat bepaald niet. Hans van Hoek is al zijn leven lang gefascineerd door het Oosterse denken en voor hem geldt de kimono als de kosmische ruimte waarin we leven. Een eindeloze bron van inspiratie.

door Lauran Toorians

Hans van Hoek (Deurne 1947) is Deurnenaar in hart en nieren. Hij is er geboren en groeide er op en woont en werkt er weer sinds 2008. Opgeleid als schilder werd hij in ’s-Hertogenbosch (Koninklijke Academie) en in Haarlem (Ateliers ’63) en daarna verbleef hij lang in het buitenland. Van 1971 tot in 1973 in Londen (Ontario), daarna tot 1977 in Montreal. Van 1977 tot 1996 was hij weer in Noord-Brabant, achtereenvolgens in Liessel en in Neerkant, om vervolgens twaalf jaar inwoner te zijn van het West-Kaapse dorp Barrydale in Zuid-Afrika. Dat hij nooit in Oost-Azië woonde, mag opmerkelijk heten in het licht van zijn grote interesse in de traditionele culturen en de spiritualiteit van dit deel van de wereld. Maar hij heeft zich dan ook nooit verbonden aan één leer of één religie. Ook de katholieke traditie van het Brabant van zijn jeugd heeft hij nooit losgelaten en speelt een blijvende rol in zijn werk.

There is no other God than Life itself (Osho) 2016.
Beeld > Het Noordbrabants Museum

Afgeschot

In 1975 schilderde Van Hoek zijn eerste kimono. Later volgden er meer en sinds hij weer in Deurne woont ging hij zich intensiever met dit kledingstuk bezighouden. Zo ontstonden twaalf ‘kimono’s’ die wellicht niet als serie zijn bedacht, maar het uiteindelijk wel werden. Deze serie hangt nu in zijn geheel in een zaal in Het Noordbrabants Museum. Een indrukwekkende, meditatieve zaal. Maar er is iets met die zaal. Het lijkt alsof het museum deze zaal en de twaalf kimono’s geheim wil houden. De tentoonstelling is weliswaar met enige tamtam – één schilderij was ‘zoek’ en werd teruggevonden – aangekondigd en wordt vermeld op de website, maar in het museum zelf ontbreekt elke verwijzing. De zaal is een afgeschot deel van de grote expositiezaal, is alleen toegankelijk van wat feitelijk toch de achterkant is en is letterlijk ingesloten door de blockbuster over Van Goghs intimi.

Kimono met Sint-Anthonius van Padua, 1998-2000.
Dit is het teruggevonden schilderij.
Beeld > Noordbrabants Museum

Het is niet moeilijk om hier cynische opmerkingen over te maken, maar ik houd het erop dat het jammer is dat Hans van Hoek zo niet de aandacht krijgt die hij verdient. Voor Van Gogh komt het volk toch wel, voor Van Hoek zou het moeten komen en daar ligt een taak voor het museum. Meteen vanuit de entree doorverwijzen, zou een kleine moeite moeten zijn.

Hans van Hoek in zijn atelier. De doeken zijn circa 2,5 x 2 meter. Foto > Paul van Rosmalen

We kunnen het ook omdraaien en zeggen dat dit past bij Van Hoek. Hij wil geen kunstenaar heten, hij máákt dingen, als een ambachtsman in de traditie van de Arts & Crafts en de Japanse Mingei (volkskunst)-beweging van Yanagi Söetso (1889-1961). Hij maakt grote schilderijen met altijd monumentale, vaak gebeeldhouwde lijsten, maar ook keramiek. En hij weet dat de tijd zijn werk doet en dat ook een reeks druppels een gat in de steen maakt. Water is belangrijk in het werk van Van Hoek. Het geeft leven, maar het hoeft voor Van Hoek geen kolkende stroom te zijn. Water is een materie die zich ondanks zijn kracht altijd vormt naar zijn container en Van Hoek is voldoende taoïst om zich daarmee verwant te voelen.

Achterdoek

De kimono’s in de schilderijen van Van Hoek werden in de loop van de tijd steeds abstracter. Alleen de basisvorm blijft over, soms als een schim, maar toch steeds herkenbaar. Die basisvorm lijkt op een kruis, of eigenlijk meer een grote T. Wanneer een niet-gedragen kimono wordt getoond, hangt die over een verticale stok waarvan het gewaad en de wijde mouwen afhangt als een gekruisigde aan een kruis. In de hele reeks is er maar één schilderij waarin een helder rode kimono de suggestie wekt van een gedragen kledingstuk, al is ook daar geen persoon te zien. In de andere elf ‘hangt’ de lege kimono als een achterdoek in het schilderij. Achterdoek voor bijvoorbeeld een Sint-Anthonius van Padua met kind, een gans en een vlinder, een faience vaas of een korte tekst. Ook de lijsten, die bij Van Hoek altijd integraal deel van het werk zijn, dragen regelmatig tekst. De kleuren zijn helder en zelfs waar het donkere kleuren zijn, stralen de schilderijen.

Hans van Hoek, Kimono met Zwaan en Vlinder, 2017.

Als ensemble werken deze twaalf schilderijen – allemaal zo’n twee meter hoog – meditatief en zouden zij kunnen gelden als een moderne, niet-kerkelijk geïnspireerde versie van een kruisweg. Dat is een extra reden om deze tentoonstelling te gaan zien, want de schilderijen blijven niet in één hand en het is dus onzeker of ze nog vaker samen te zien zullen zijn. Dat er nu geen publicatie is, is beslist een gemiste kans.

Hans van Hoek, All is One, 2017-2018.

De teksten op de werken en soms ook de titels verraden de bronnen van inspiratie: Osho (Bhagwan Sri Rajneesh) en Lao Zi, maar ook hedendaagse auteurs als Thom Hartmann en Neil David Walsch (‘All is one’). Op de achtergrond spelen ook Japans (zen)boeddhisme, taoïsme en mystieke tradities een rol. Ook zijn manier van werken is meditatief. Een schilderij ontstaat in het hoofd van Hans van Hoek, of misschien beter ‘in zijn lijf’, en moet er dan alleen nog uit om een ding te worden in de wereld. Dat is het ambacht. Het schilderij is de vorm die de gedachte aanneemt, de kimono die het lichaam omhult.

Hans van Hoek. Kimono’s.
Nog t/m 19 januari 2020 in Het Noordbrabants Museum

www.hetnoordbrabantsmuseum.nl

© Brabant Cultureel 2019