Paul van Dongen toont in Jeroen Bosch Ziekenhuis de verwondering voor het leven

Paul van Dongen is vooral bekend van zijn etsen op groot formaat van naakte, veelal vallende mannen, waarvoor hij uit praktische overwegingen zelf model stond. Voor een expositie in het Jeroen Bosch Ziekenhuis in ’s-Hertogenbosch koos hij echter, in overleg met de kunstcommissie, voor zijn ‘natuurwerken’. Tekeningen en etsen van bloemen, planten, wieren, bomen, boomstronken, insecten, uilen en poezen. “Groeien, bloeien en het verval is een metafoor voor het leven.”

door Irma van Bommel

De tentoonstellingsruimte in het Jeroen Bosch Ziekenhuis bevindt zich voorbij de kapel, op de eerste verdieping bij de afdeling KNO. Omdat daar veel jonge patiëntjes komen, hing Paul van Dongen (‘s-Hertogenbosch 1958) kleurenetsen van hommels, kevers en libellen laag op. “Kinderen vinden dat leuk om te zien”, weet Van Dongen. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis toont veel hedendaagse kunst, niet alleen in de hal, de gangen en de wachtruimten, maar ook in wisseltentoonstellingen, zoals nu Een teken van leven van Van Dongen. ‘Kunst kan troost en afleiding bieden voor patiënten, bezoekers en medewerkers van het museum’, staat op een informatiebord bij de tentoonstelling te lezen. Met de opmerking ‘dat het ervaren van kunst een genezende werking heeft’ geeft het ziekenhuis blijk van een vooruitstrevende visie. De kunstcommissie van het museum organiseert regelmatig exposities en concerten. “De exposities en concerten zijn ook toegankelijk voor mensen van buiten”, licht Agnes Bomers, drijvende kracht achter de kunstcommissie, toe.

Agnes Bomers en Paul van Dongen tijdens het inrichten van de tentoonstelling ‘Een teken van Leven’. Foto Gemma Kessels

Natuur
Paul van Dongen toont ruim zestig etsen en tekeningen die hij de laatste twintig jaar maakte “van onderwerpen waar anderen aan voorbij lopen”. Hij wijst op een ets van zeewier. “Dit vond ik op het strand. Ik heb het opgeschept zoals ik het aantrof en heb het mee naar huis genomen, om er thuis een tekening van te maken.” Tekenen naar de natuur is voor hem essentieel. Dode insecten neemt hij mee naar zijn atelier om ze van alle kanten te bestuderen en te tekenen. Ook slapende poezen tekent hij, tot ze opspringen. Voor de uilen ging hij naar een dierenpark in Beesd, waar hij de vogels urenlang kon observeren en tekenen. Telkens maakt hij op één vel papier meerdere studies van dezelfde diersoort, de een gedetailleerd uitgewerkt, de ander alleen in omtreklijnen geschetst, maar wel in een van te voren bedachte compositie. En altijd zonder achtergrond, waardoor de aandacht volledig op het onderwerp gericht is. 

Paul van Dongen bij de etsen van zeewier: “Dit vond ik op het strand. Ik heb het opgeschept zoals ik het aantrof en heb het mee naar huis genomen, om er thuis een tekening van te maken.” Foto Gemma Kessels

Veel bloemen tekende hij in eigen tuin. Bomen en boomstronken kwam hij tegen op wandelingen in de natuur. Toch tekende hij ook landschappen en deze zijn nu voor het eerst tentoongesteld. De meeste landschappen maakte hij tijdens vakanties. Enkele landschappen tekende hij zelfs direct op de etsplaat. Dagenlang stond hij ’s morgens in alle vroegte op om een paar uur minutieus aan de tekening op de etsplaat te kunnen werken. De landschappen maakte hij als eerste. Daarna is hij steeds verder gaan inzoomen op bomen, boomstronken, planten en dieren.

In deze expositie toont hij pentekeningen en etsen. Een aantal van die etsen is in verschillende kleuren gedrukt. Bijzonder is de ‘ets aquareldruk’, een techniek die hij bij toeval ontdekte toen hij een keer per ongeluk een afdruk van een etsplaat maakte op een natte aquarel. Vanwege het fraaie effect is hij dat vaker gaan toepassen om een ets van kleuren te voorzien.

De tentoonstelling in het Jeroen Bosch Ziekenhuis bevindt zich voorbij de kapel, op de eerste verdieping bij de afdeling KNO omdat daar veel jonge patiëntjes komen. Foto Gemma Kessels

Intensiteit
In zijn gedetailleerde pentekeningen en etsen zijn de verschillende structuren van boomschors, rotswanden, vogelveren, vleugels van libellen duidelijk herkenbaar. Je zou kunnen spreken van ‘stofuitdrukking’, een term die gebruikt wordt in de schilderkunst als de weergegeven voorwerpen net echt lijken. Het werk van Van Dongen is met veel aandacht voor detail gemaakt. De intensiteit van zijn natuurbeleving wordt haast voelbaar doordat hij zijn onderwerpen een krachtige uitstraling weet te geven. Hij wijst ons op de schoonheid van de natuur, in alle stadia van het leven, ook het vergankelijke.

“Andere jongens waren aan het voetballen, ik zat thuis te tekenen, meestal stripverhalen.” Foto Gemma Kessels

“Tekenen heb ik altijd graag gedaan, op de basisschool al”, vertelt Van Dongen. “Andere jongens waren aan het voetballen, ik zat thuis te tekenen, meestal stripverhalen.” In 1978 werd hij aangenomen op de Academie voor Beeldende Kunsten St. Joost te Breda. “St. Joost had toen een vrij traditionele opleiding. Er werd veel aan tekenvaardigheid gedaan. Als je de richting monumentaal schilderen koos, kreeg je een dag per week tekenen, zowel waarnemend tekenen als verbeeldend tekenen.” Ad Willemen, docent waarnemend tekenen, zei op een gegeven moment tegen Van Dongen: “Je kwam hier als schilder binnen, maar ik begin steeds meer een graficus in je te zien.” Willemen was naast tekenaar ook zelf graficus. Toch is Van Dongen pas later aan het etsen geslagen.

Kleurenetsen van hommels hangen laag voor de kleine, jonge bezoekers. Foto Gemma Kessels

Midden jaren tachtig, toen Van Dongen van de academie kwam, was de beeldende kunst vooral gericht op abstracte kunst en ritmisch-geometrische kunst. Figuratieve kunst was passé. Toch was er een groep jonge kunstenaars, afkomstig van St. Joost, die zich tegen de tijdgeest in bezighield met figuratieve kunst. Die groep bestond uit Paul van Dongen, Marc Mulders, Reinoud van Vught, Ronald Zuurmond en Guido Geelen. Omdat zij allemaal uit Tilburg kwamen, werd de groep aangeduid als ‘De Tilburgse School’. Ze grepen terug op christelijke thema’s, niet zozeer uit religieuze overtuiging, maar vanuit bewondering voor kunstenaars uit het verleden die christelijke kunst maakten. Het ging hen om het verhalende aspect en om het uitbeelden van het lijden.

In een vitrine bekijkt Paul van Dongen met Agnes Bomers de boeken ‘etsen, tekeningen en aquarellen’ en de briefwisseling ‘Voorgoed voorbij bestaat niet’. Foto Gemma Kessels

Afkeer
Rob Smolders verwoordde het in 1989 in ‘Beelden tegen de leegte’ in het kunsttijdschrift MetropolisM als volgt: “Wat ik vond in hun werk en houding was niet zozeer christelijk of katholiek. Hun omgang met deze tradities was speels en zoekend, ingegeven door een afkeer van het cynisme dat de kunst in het tijdperk van het postmodernisme volgens hen kenmerkte.” In het in 2012 verschenen boek Paul van Dongen, etsen, aquarellen, tekeningen keek hij hier op terug, want sinds 1989 is Smolders Van Dongen blijven volgen.

Rob Smolders schreef ook de teksten in het boek Voorgoed voorbij bestaat niet. De briefwisseling tussen Sierk Schröder en Paul van Dongen, 1994-2000, dat net is uitgekomen. Het boek gaat over de brieven die Van Dongen en Schröder in de genoemde periode aan elkaar schreven. Uniek dat zo’n briefwisseling tussen kunstenaars tot stand is gekomen en uniek dat de brieven bewaard zijn gebleven. Het fenomeen briefwisseling bestaat nauwelijks nog. Het heeft plaatsgemaakt voor e-mailverkeer, een vluchtig medium dat meestal niet bewaard wordt.

Bekijk hier de ‘Natuurwerken’ van Paul van Dongen.

Van Dongen ontmoette Sierk Schröder (1903-2002) in 1994 en zag in hem een medestander in de figuratieve kunst, een kunstenaar die ook tekende naar de natuur, en eveneens vooral naaktmodellen. Schröder was in de jaren zestig hoogleraar geweest aan de Rijksacademie in Amsterdam. Aanvankelijk vroeg Van Dongen hem vooral praktische informatie over tekenen en schilderen naar levend model en zocht hij steun voor zijn werk. Maar al gauw mondde de vriendschap uit in een uitwisseling van ervaringen en tips op het gebied van kunstgeschiedenis, publicaties en exposities. Zij vreesden dat het vak van tekenen naar de natuur zou uitsterven, maar vonden ook bemoediging in de uitspraak dat kwaliteit nooit voorgoed voorbij gaat. Vandaar de titel van het boek. Citaten uit het boek zijn verwerkt in een expositie over Schröder die tot eind juni 2019 te zien is in de Bergkerk in Deventer. Tijdens de officiële opening van de expositie van Paul van Dongen in het Jeroen Bosch Ziekenhuis op vrijdag 24 mei houdt Smolders een korte lezing over dit boek.

Paul van Dongen – ‘Een teken van leven’
t/m 5 juli 2019 in het Jeroen Bosch Ziekenhuis Den Bosch

Officiële opening vrijdag 24 mei 2019 16.00 uur door Rob Smolders.

Kunst in het Jeroen Bosch Ziekenhuis

Paul van Dongen – ‘etsen, tekeningen en aquarellen’
t/m 29 juni 2019 in Salon de Praam, Boekhandel Praamstra Deventer.

Boekhandel Praamstra

Rob Smolders (red.) – ‘Voorgoed voorbij bestaat niet’
De briefwisseling tussen Sierk Schröder en Paul van Dongen, 1994-2000. Venlo: VanSpijk 2019, 226 pp., ISBN 978-90-6216-876-7, hb., € 34,50.

Van Spijk

Paul van Dongen

©Brabant Cultureel 2019