Boek geeft via dertig werken inzage in vijftig jaar experimenteren bij EKWC

Het Europees Keramisch Werk Centrum (EKWC) viert haar vijftigjarig bestaan met een aantal exposities verspreid over het jaar en met een publicatie. Het boek The Ghosts of Sunday Morning geeft een inkijkje in de keuken van het grootste experimentele atelier in Noord-Brabant dat sinds de vestiging in Oisterwijk in 2015 Sundaymorning@EKWC heet.

doorIrma van Bommel

“De projecten die onwaarschijnlijk lijken, moeilijk te begrijpen en onmogelijk uit te voeren zijn, worden aangemerkt als: hoogste prioriteit voor acceptatie.” Zo schetst Glenn Adamson een beeld van de selectieprocedure bij het Europees Keramisch Werk Centrum. Beeldend kunstenaars, designers en architecten kunnen een plan indienen voor een werkperiode bij EKWC. Dat plan wordt vervolgens zorgvuldig beoordeeld door een commissie. Het mag duidelijk zijn dat het experimentele karakter van de onderzoekstrajecten hoog is.

Kop geïnspireerd op keramiek van Hartmunt Wilkening. Foto Design Museum

Raakvlakken
De Amerikaan Glenn Adamson maakt tentoonstellingen en schrijft over design en de raakvlakken met ambacht en beeldende kunst. Hij maakte naam met opdrachten voor het V&A Museum in London en het Museum of Arts and Design in New York. Hij schreef het essay voor de publicatie The Ghosts of Sunday Morning en interviewde de mensen die als adviseur voor de kunstenaars werkzaam zijn bij het EKWC.

Adamson bedacht ook het concept voor de expositie in het Design Museum in ’s-Hertogenbosch die daar onder dezelfde titel als het boek nog tot en met 19 mei 2019 te zien is. Het boek geeft achtergrondinformatie over de totstandkoming van de expositie, maar verschaft ook inzicht in het reilen en zeilen bij het EKWC.

Glenn Adamson bedacht het concept voor de expositie. Alle objecten werden gemaakt met 50 pond witte klei. Foto Design Museum.

In een inleiding schrijft Timo de Rijk, directeur van Design Museum Den Bosch, dat er parallellen zijn tussen EKWC en zijn museum. Beide hebben een lange geschiedenis, zijn meerdere keren verhuisd en zijn van naam veranderd. En allebei hebben ze de ontwikkeling meegemaakt van keramiek als vorm van toegepaste kunst naar een medium in de beeldende kunst.

Geesten
Timo de Rijk en Ranti Tjan, directeur van het EKWC, hebben bewust gekozen voor een buitenstaander om het verhaal van vijftig jaar EKWC te vertellen. Glenn Adamson kwam met het plan om een selectie te maken uit de werken die in vijftig jaar zijn ontwikkeld bij het EKWC en deze opnieuw uit te voeren, maar dan op schaal. Deze objecten, ‘de geesten’, zijn door vakmensen van EKWC uitgevoerd.

In het EKWC ontstaat een van de ‘ghosts’. Foto EWKC

In vijftig jaar tijd hebben zo’n 1400 kunstenaars in het EKWC gewerkt. Voor de expositie en het boek werd een selectie gemaakt van dertig werken. Van recent gemaakte werken bestaan soms 3D-modellen, van oudere werken vaak alleen een tweedimensionaal beeld, een tekening of een foto. Adamson stelde voor de geselecteerde objecten niet één op één na te maken, want dan zouden het exacte kopieën zijn. Hij bedacht een concept voor de expositie. Alle werken zouden worden uitgevoerd in hetzelfde materiaal, witte klei, en allemaal met dezelfde hoeveelheid materiaal: vijftig pond klei. Dat betekende voor een aantal objecten, zoals juwelen, een schaalvergroting. Voor andere objecten, zoals architecturale sculpturen, juist een schaalverkleining.

Dit impliceerde ook dat voor de remake soms andere technieken nodig waren om tot uitvoering te komen dan toegepast door de oorspronkelijke kunstenaar. In het boek is telkens een foto van het originele werk, vaak geglazuurd en dus in kleur, te zien naast een foto van de remake in neutraal ecru. Daarmee wordt de remake een echo, een geest van het origineel en in feite een nieuwe interpretatie.

Nieuwe keramiek op basis van experimenten van Hella Jongerius, Gabrielle Wambaugh en Scholten & Baijings. Foto Design Museum

Vakmensen
Bij de selectie van de werken is rekening gehouden met verschillende technieken. Zowel het boetseren komt aan bod als het vormen op een draaischijf, het drukken of gieten in mallen en het gebruik van de 3D-printer. Adamson koos zo’n dertig objecten, waaronder die van Scholten & Baijings, Ineke Hans, Anish Kapoor, Fortuyn/O’Brien, Couzijn van Leeuwen, Tim Breukers, Tony Cragg, Hella Jongerius en Harumi Nakashima. De interpretaties zijn uitgevoerd door de vakmensen die gewoonlijk de kunstenaars adviseren. Zij hebben ieder hun eigen expertise. Zo is er speciaal iemand in dienst voor het adviseren bij het maken van mallen, iemand voor het glazuren en iemand voor de digitale technieken.

Voor de expositie en het boek werd een selectie gemaakt van dertig objecten. Foto Design Museum

Van die adviseurs is Peter Oltheten het langst in dienst. In het interview met Adamson vertelt hij dat tegen het eind van de jaren tachtig het Keramisch Werk Centrum het beleid veranderde en kunstenaars ging uitnodigen, niet alleen keramisten, maar ook beeldhouwers en schilders. Dit kwam de kwaliteit van de keramiek ten goede. Pierluigi Pompei, die ook les geeft aan de Design Academy in Eindhoven, is opgeleid als beeldhouwer en is bij EKWC expert in het vervaardigen van mallen. Doordat kunstenaars experimenteren met andere methoden kan het EKWC kennis opbouwen, vertelt hij. Sander Alblas, de specialist in digitale technieken, maakt een vergelijking met een ziekenhuis. “De patiënt heeft een ziekenhuis nodig, maar een ziekenhuis heeft ook de patiënt nodig om zijn kennis te vergroten.” Duidelijk wordt dat de adviseurs er zijn voor het bespreken van opties, maar dat de uitvoering altijd bij de kunstenaar ligt. Voor de remakes lag de uitvoering voor één keer bij de adviseurs.

Wat na afloop van de expositie in het Design Museum gaat gebeuren met de dertig interpretaties is nog niet duidelijk, maar over de status zijn alle medewerkers het eens: het zijn geen echte kunstwerken en ze kunnen dus ook niet als zodanig bewaard worden. Het zijn weliswaar geen letterlijke kopieën, maar het is ook geen origineel werk. Het zijn interpretaties, maar daarmee zijn het nog geen eigen creaties.

Glenn Adamson & Timo de Rijk
‘The Ghosts of Sunday Morning’
50 years of European Ceramic Work Centre (EKWC)

Den Bosch Design Museum / Rotterdam nai010 2019
128 pp., ISBN 978-94-6208-494-0, pb., € 24,95

www.nai010.com

De expositie ‘The Ghosts of Sunday Morning’
t/m 19 mei 2019 in Design Museum Den Bosch

Design Museum Den Bosch

Programma van EKWC in 2019

Lees terug op Brabant Cultureel:

Atelier EKWC viertvijftigjarig bestaan met reeks exposities

Europees Keramisch Werkcentrum verhuist naar Oisterwijk

© Brabant Cultureel