Opera Zuid intendant Waut Koeken wil met opera een breder publiek bereiken

Opera Zuid werkt met een extreem laag budget. Toch ziet de nieuwe intendant Waut Koeken mogelijkheden en vooral een grote uitdaging. Want talent is er volop en het is doodzonde dat verloren te laten gaan. Met samenwerking en overleg, ook met nieuwe partners, is hij van plan opera onder de mensen te brengen en een nieuw publiek aan te spreken.

door Camiel Hamans

“De collega’s in Nancy met wie ik de lopende voorstelling, Un Ballo in Maschera, coproduceer, noemden me fou, ‘gek’, toen ze hoorden met wat voor een beperkt budget we hier werken. ‘C’est impossible’, ‘het is onmogelijk’, zeiden ze”, zo begin Waut Koeken. “Ik ben als Vlaamse inwijkeling misschien nog naïef, maar ik denk dat het kan. Ik ben verheugd te merken dat de Zuid-Nederlandse overheden met elkaar en met de kunstgezelschappen op het gebied van opera, symfonische muziek, toneel en musea, willen overleggen en het beleid op elkaar willen afstemmen. Dat geeft hoop.”

Repetitie met Waut Koeken. Foto Martin Jan Gaasbeek

Onderbetaald
Waut Koeken (42), de jongensachtig ogende intendant van Opera Zuid, gaat uiterlijk niet gebukt onder de zware last en de beperkingen die het extreem lage budget van Opera Zuid hem opleggen. Toch maakt hij zich wel zorgen. “Nederland heeft fantastische kunstopleidingen, niet alleen op het gebied van zang, muziek en toneel, maar ook waar het gaat om theatertechniek, licht, decor- en kostuumontwerp. Als die mensen afgestudeerd zijn, komen ze nauwelijks aan werk. Of ze worden als freelancer schandelijk onderbetaald. De tewerkstelling – werkgelegenheid zegt de Noord-Nederlander – is het grote probleem. De hoeveelheid talent die daarmee teloorgaat, is niet uitsluitend een persoonlijk verlies, maar vooral maatschappelijk.”

“Met een klein beetje investering, zou er zoveel meer mogelijk zijn. Elke euro die je in kunst investeert, levert drie euro aan ‘employment’ op. Als er een bank gered moet worden, is er nauwelijks discussie. En dan gaat het om een veelvoud van wat er besteed wordt aan onderwijs of kunst. Zodra het echter gaat om geld voor de kunst, dan heet dat ineens een infuus. Waarom dit ook niet als een investering gezien. Geld voor onderwijs en kunsten zijn net zozeer investeringen die rendement afwerpen, als een investering in maakindustrie of vervoer.”

“Ik klaag niet. Dat we een klein budget hebben – een miljoen en een paar dubbeltjes van het Rijk, van de provincies Limburg en Noord-Brabant elk rond de drie ton, en van onze vestigingsplaats Maastricht ook nog een dikke 75.000 euro – dwingt ons tot inventiviteit en diep nadenken. Bij alles wat we bedenken, moeten we ons afvragen waarom we het doen en of het wel noodzakelijk is. En het dwingt ons tot samenwerking en overleg. Met buitenlandse coproducenten, maar ook met de Nationale Opera in Amsterdam, de Reisopera in Enschede en niet structureel gesubsidieerde ensembles als Holland Opera en Opera2Day. We zoeken ook verbanden buiten de wereld van de opera. Bijvoorbeeld met Toneelgroep Maastricht, waarmee we gaan samenwerken op het terrein van decors en artistieke productie. Voor de tweede productie van het komend seizoen, Fantasio van Jacques Offenbach, hebben we al afspraken gemaakt met het Groningse dansgezelschap Club Guy & Roni’s Poetic Disasters Club en het modecollectief Fashion Clash uit Maastricht.

Waut Koeken (midden). Foto Martin Jan Gaasbeek

Evenwichtskunst
“Als gezelschap van Zuid-Nederland, dus als operavoorziening voor Limburg, Noord-Brabant en hopelijk ook Zeeland, zijn we gewend te balanceren. We hebben maar twee producties per jaar, een keer per seizoen een première in Eindhoven en de andere in Maastricht. In beide theaters zijn we huisgezelschap. We moeten bovendien omgaan met verschillende overheden. Dat vereist evenwichtskunst. Zo is het ook met onze begroting.”

“In feite is dat niet anders als het gaat om ons beleid, onze repertoirekeuze, de stijlperiodes en het evenwicht tussen jong talent en gevestigde waarde. Het bestaan van Opera Zuid is een voortdurende evenwichtsact. Wij moeten rekening houden met alles. De zalen waar wij optreden moeten onze voorstellingen kunnen verkopen. Dat betekent dat we niet al te gewaagd modern kunnen programmeren. Nog afgezien van het feit dat voor eigentijds werk auteursrechten betaald moeten worden. De theaters hebben daar geen geld voor en wij evenmin. Ons orkest is de philharmonie zuidnederland. Het specialisme van dit symfonieorkest is het grote, romantische repertoire. Dat betekent dat we geen Monteverdi, Vivaldi of Händel kunnen programmeren.”

“De operageschiedenis omvat een vier en een halve eeuw aan fenomenaal werk. Laten we zeggen zo’n drieduizend stukken. Daaruit moet ik er jaarlijks twee kiezen. Dat is zoiets als de essentie van de oceaan vangen in een theelepeltje. Toen ik hier een jaar geleden kwam, lag het programma voor dit seizoen grotendeels vast. Het komend jaar is eigenlijk pas mijn eerste. Daarvoor heb ik twee stukken gekozen die niet erg bekend zijn, maar waarvan de componisten dat wel zijn.”

Waut Koeken. Foto Martin Jan Gaasbeek

Hypotheek
“2018 is het honderdste geboortejaar van Leonard Bernstein, de man van West Side Story. Wij presenteren A Quiet Place. Zo’n dertig jaar geleden is deze opera, na de première in de Scala in Milaan, opgevoerd in Maastricht. Nu gaat die opnieuw, maar met wat extra’s. Stephen Wadsworth, die samen met Bernstein het libretto heeft geschreven, komt over uit de Verenigde Staten en zal ons en het publiek vertellen hoe het was om met Bernstein samen te werken. Ik ben daar heel trots op. De provincies die ons subsidiëren, tasten voor deze voorstelling extra in de beurs en betalen de royalty’s. A Quiet Place is een werk dat laat zien dat opera niet alleen over helden gaat, maar over ons, over u, over mij. Over onze problemen, verlangens en dromen. Over hoe de hypotheek te betalen, over hoe om te gaan met huwelijksspanningen en met de verhouding ouder-kind. Opera is geen onbereikbare wereld van uitsluitend grote emoties en glans. Opera gaat over onszelf.”

“Wat ik nastreef met Opera Zuid is de liefde voor opera met een zo groot mogelijk publiek te delen. Daarom kiezen we jaarlijks een werk uit de canon en een wat onbekender werk van een bekende componist. Volgend jaar programmeren we daarom naast Bernstein een stuk van Jacques Offenbach, Fantasio. Ook Offenbach viert het komend seizoen een verjaardag. Hij werd namelijk in 1819 geboren. Fantasio is in 1872 met succes in première gegaan, maar helaas is de partituur een paar jaar later bij een brand verloren gegaan. Het heeft tot 2000 geduurd voordat er uit de brokstukken een verantwoorde reconstructie kon worden gemaakt. Die brengen wij volgend jaar voor het eerst in Nederland op de planken. Met deze twee stukken – meer kunnen we jammer genoeg niet aan – hoop ik opera ter kunnen delen met een publiek, dat anders misschien thuis in zijn zetel blijft zitten. Ik wil opera naar de mensen brengen en mensen naar de opera brengen.”

operazuid.nl

www.arien-artists.com/arien_artists_koeken_cv_nl.html

© Brabant Cultureel 2018