Indrukwekkend kunstwerk Lidwien van de Ven over ons koloniaal verleden

In opdracht van het Van Abbemuseum maakte Lidwien van de Ven een installatie over het koloniale verleden van Nederland in Indonesië. Voor het resultaat ‘Fragments (of a desire for revolution)’ combineerde zij foto’s met video en documentair materiaal. Met dit project belicht Van de Ven een stukje vergeten geschiedenis.

door Irma van Bommel

Het Van Abbemuseum in Eindhoven toont met regelmaat werk van maatschappelijk betrokken kunstenaars. Het museum geeft ook opdrachten aan kunstenaars om een visie te geven op bepaalde ontwikkelingen, zoals nu aan Lidwien van de Ven. Eerder, in 2008, werkte zij mee aan het project Becoming Dutch. Nu werd zij gevraagd om in het verleden te duiken en iets te doen met de relatie tussen Nederland en Indonesië. Volgens conservator Christiane Berndes heeft het Van Abbemuseum zelf ook een band met Indonesië. Immers, de oprichter van het museum, sigarenfabrikant Henri van Abbe (1880-1940) betrok begin twintigste eeuw zijn tabak uit Indonesië.

Installatie van Lidwien van de Ven in het Van Abbemuseum met video en documentaire foto’s, 2017. Foto Peter Cox

Lidwien van de Ven (1963) woont en werkt afwisselend in Rotterdam en Berlijn. Na haar opleiding aan AKV|St. Joost in Breda en de AKI in Enschede maakte zij in de tweede helft van de jaren tachtig naam met grote, poëtische zwart-wit foto’s in twee- en drieluiken, waarin zij vaak zelf figureerde en waarmee zij het vrouwbeeld ter discussie stelde. Midden jaren negentig werd haar fotografie journalistieker van aard en begon ze fotografie te combineren met film.

Spanningen
Lidwien van de Ven is geïnteresseerd in plekken op de wereld waar verschillende culturen elkaar ontmoeten en waar dat leidt tot politieke of religieuze spanningen. Regelmatig verbleef ze lange perioden in het Midden-Oosten, zoals in Egypte tijdens de rumoerige jaren 2012 tot 2014.

In 2015 verdiepte zij zich in de geschiedenis van Indonesië. In dat jaar bezocht ze de zestigste herdenking van de Bandungconferentie, die daar in 1955 plaatsvond. Vertegenwoordigers uit 29 Afrikaanse en Aziatische landen discussieerden er over economische en culturele samenwerking en over het bieden van weerstand aan de (neo)koloniale overheersing. Gastheer president Soekarno maakte indruk met een speech over identiteit en globalisering. Tien jaar later, in 1965, deden communisten in Indonesië een poging de macht te grijpen. Die staatsgreep werd bloedig neergeslagen door Soeharto, die vervolgens president werd. In 2015 vond in Den Haag het International People’s Tribunal plaats waar deze militaire staatsgreep en de daaropvolgende massamoord op communisten werd onderzocht.

Lidwien van de Ven, Tanahmerah, Papoea 2016

Van de Ven besloot voor het Van Abbemuseum de rol te onderzoeken die Nederland had gespeeld in de geschiedenis van het communisme in Indonesië. Voor haar onderzoek verzamelde zij veel literatuur en documentatiemateriaal bij het Nationaal Museum van Wereldculturen (een fusie van het Afrika Museum in Berg en Dal, het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden en het Tropenmuseum in Amsterdam). Van de Ven ontdekte dat de Nederlander Henk Sneevliet in 1914 de Indische Sociaal-Democratische Vereeniging had opgericht, die later overging in de communistische partij van Indonesië, de PKI. En ze ontdekte het bestaan van twee interneringskampen in de binnenlanden van Papoea, waar de Nederlandse koloniale overheersers na de opstanden in 1926/27 communisten naartoe deporteerden, veelal met hun families. Van de Ven bezocht de kampen die nu bij de stad Tanahmerah liggen, maar destijds midden in de rimboe.

Schokkerig
Grote foto’s bij de entree van de installatie laten bewoners van het stadje zien. Een jongen draagt een T-shirt waarvan de herkomst onherroepelijk Nederland is. Een op groot scherm geprojecteerde film begint met schokkerige beelden, alsof iemand op hoge snelheid door een dichtbegroeid bos rent. Dit verwijst ongetwijfeld naar vluchtpogingen van ballingen in het kamp. Daarna worden de beelden rustiger. We zien huizen, gebouwen en tuinen, eerst in kleur (de situatie nu), daarna in zwart wit (foto’s uit de jaren twintig en dertig).

Installatie van Lidwien van de Ven in het Van Abbemuseum met video en documentaire foto’s, 2017. Foto Peter Cox

De kampen waren niet omheind, vluchten was ook eigenlijk niet mogelijk. Het oerwoud was ondoordringbaar en de inwoners van Papoea stonden bekend als koppensnellers. Nederlandse missionarissen in dit gebied kregen zelfs de opdracht “de wilden wild te laten”, om te voorkomen dat opstandelingen een ontsnappingspoging zouden wagen. Zoals is te zien op foto’s uit die tijd was een deel van het kamp wel omheind. Dat betreft echter de verblijven van de Nederlanders, die zichzelf wilden beschermen tegen zowel de opstandelingen als de Papoea’s.

De omstandigheden in de kampen waren erbarmelijk. ’s Zomers was het er te heet, ’s winters te nat. Eten was er weinig en er waren veel zieken. Hoewel informatie over de situatie destijds de pers haalde, bleven deze kampen in gebruik tot de Tweede Wereldoorlog. Onder de overlevenden bevonden zich enkele Indonesiërs die over de kampen hebben geschreven. Deze bronnen en die van een Nederlandse kamparts en een Nederlander die belast was met een onderzoek naar de omstandigheden in de kampen, raadpleegde Van de Ven voor haar installatie. Met haar kunstwerk heeft zij de aandacht weten te vestigen op een stukje Nederlandse geschiedenis waar we niet trots op kunnen zijn.

‘Fragments (of a desire for revolution)’ van Lidwien van de Ven is t/m 9 april 2017
te zien in het Van Abbemuseum.

www.vanabbemuseum.nl

 

 

© Brabant Cultureel – februari 2017