Mijmering: Lars

door Marjolijn Sengers

Acht overlijdensadvertenties in de krant vandaag. Acht mensen die gisteren nog leefden en vandaag niet meer. Beweend om hun zorgzaamheid, hun eenvoud, hun levenslust. Elke dag staan ze er, namen in kaders, een kruisje erboven, een regel uit een psalm, een duif, een gedicht, een g-sleutel op de achtergrond. “Herinner mij zoals ik was …”

Acht namen vandaag die ik niet ken, acht levens waarvan ik niets weet, maar die in zichzelf het middelpunt van de wereld vormden. De een pas zestig en “veel te vroeg” vertrokken, de ander zesentachtig, zijn leven “welbesteed”. Wat schrijven ze van mij als het zover is. Ik hoor iemand lachen: dat wil jij niet weten! Eigenlijk wel, waarom pas in de overlijdensadvertentie bekennen wat je van de ander vindt?

Tussen die advertenties trof me er één. Lars, zoon en broertje van, met adres en woonplaats. Verder niets. Geboren bleek hij, niet gestorven, maar door het ontbreken van hartjes, beertjes en vlindertjes onopvallend tussen de doden. Zo dicht liggen dood en leven bij elkaar.

Op de foto kindergraven op de begraafplaats in Langeweg.