Redbad: onbekende held blijft onbekend. Zoals in de film was hij zeker niet

Een sterrencast en duizend figuranten, 42 opnamedagen op meerdere locaties en een spannend verhaal. Daarmee moet toch een goede film zijn te maken? Redbad ging 23 juni 2018 in Eindhoven in première en lijkt meteen mislukt. De recensies zijn vernietigend, en terecht. Wie een historische spektakelfilm wil maken, mag daarin best ook de geschiedenis recht doen.

door Lauran Toorians

In korte tijd van totaal onbekend tot een volksheld, dat kan natuurlijk in de kunsten, in de sport en in de politiek waar de roem even vergankelijk is als hij snel kan worden gevonden. Maar ook dode helden moeten soms lang op hun beroemdheid wachten. Toetanchamon is een schoolvoorbeeld. Na zijn dood bewust uit de geschiedenis gewist, moest hij bijna 3250 jaar wachten om in 1922 wereldberoemd te worden. Redbad hoefde ‘maar’ ongeveer dertien eeuwen te wachten, maar de kans is groot dat zijn nu plotseling rijzende ster snel weer uitgaat als een nachtkaars. De kostbare film die aan hem is gewijd, geeft hem in elk geval zeker niet de glans van twee gouden dodenmaskers en doet de kijker gemakkelijk verzuchten: was hij maar vergeten gebleven.

Filmstill, foto uit de besproken film.

Pasgeboren
Natuurlijk, voor liefhebbers van het genre Sword and Sorcery zal het vast vermakelijk zijn om de filmheld als een razende Roeland en samen met vrouw en pasgeboren zoontje in de wieg vijanden in de pan te zien hakken, zonder daarbij zelf veel schrammen op te lopen. Geloofwaardig is het niet, en dat geldt voor de hele film. En dat terwijl die toch als een historische ‘biopic’ wordt gepresenteerd en de pretentie heeft om een beeld te geven van hoe het in ons land toeging in de vroege middeleeuwen. Dat is dus jammerlijk mislukt.

Wie is Redbad? Dat weet niemand, want de historische bronnen over hem zijn uiterst summier en bovendien allemaal geschreven door de tegenpartij en dus niet objectief. Propaganda en nepnieuws is van alle tijden. Net als journalisten willen historici daarom altijd graag meerdere en van elkaar onafhankelijke bronnen zien. Voor de vroege middeleeuwen (feitelijk zo tot het jaar 1200) is dat lastig en vaak onmogelijk, omdat die bronnen er domweg niet zijn. Vandaar ook dat het debat over (koning) Arthur tot in eeuwigheid zal voortduren. We hebben wel bronnen, maar kunnen onmogelijk vaststellen hoe betrouwbaar die zijn. Datzelfde geldt voor Redbad, die in veel opzichten een soort Friese Arthur is. De held die zijn volk in elk geval nog een tijdje wist te behoeden voor onderwerping door indringers.

Filmstill, foto uit de besproken film.

In het geval van Redbad bestond dat eigen volk uit ‘Friezen’, maar dan wel in het noordwesten van het huidige Nederland en niet in het huidige Friesland (al brengt de film ons in een aantal scènes naar Wijnaldum). Rond 700 was Redbad hun aanvoerder. Die Friezen dopten hun eigen boontjes, dreven lucratief handel op de Noordzee – met Dorestat als belangrijke handelsplaats – en waren nog niet gekerstend. De indringers waren de Franken die druk doende waren een groot rijk op te bouwen met Noord-Frankrijk, delen van België en de Maas-Rijn-regio als machtsbasis. Die Franken waren niet alleen christelijk, maar waren dat ook nog eens geworden in nauwe relatie tot Rome. De verwevenheid tussen religie en politiek was in die tijd even simpel als doeltreffend: wie onderworpen werd, en dus ‘Frank’ werd christelijk, en wie christelijk werd, schaarde zich automatisch onder het gezag van de Franken. Een tussenweg bestond niet en dus verzetten Redbad en zijn Friezen zich zowel tegen de Franken als tegen de kerk die diezelfde Franken representeerde.

Handelsplaats
Daar draait dus de film om. De Frankische leiders Pippijn en zijn zoon Karel Martel doen er alles aan om de Friezen te onderwerpen en de belangrijke handelsplaats Dorestat in handen te krijgen. Missionarissen – waaronder Willibrord – worden daarbij ingezet om op hun manier de ‘hearts and minds’ van de Friezen te winnen. En onder aanvoering van Redbad verzetten de Friezen zich met succes, al zal dat van korte duur blijken. Volop stof voor een mooie film. Misschien komt die ooit nog. Over Arthur zijn tal van films gemaakt, van hele goede tot net zo slechte.

Filmstill, foto uit de besproken film.

Waar mankeert het aan? Om te beginnen aan respect voor die arme Friezen die in de film worden afgeschilderd als een zootje ongeregeld, een soort kruising van hooligans en Hells Angels, overgoten met een sausje New Age (of Wicca) en Gothic feminisme. Dat de kam al ruimschoots was uitgevonden, is de filmmakers blijkbaar niet bekend. In Dorestat werden op grote schaal kammen gemaakt en die zullen niet uitsluitend voor de export zijn geweest. Bovendien regent het in de film wel erg vaak en lopen de Friezen voortdurend in de modder, zelfs in hun huizen die ze blijkbaar niet waterdicht konden krijgen. Delen van de film zijn opgenomen in het openluchtmuseum in Eindhoven en de prehistorische en middeleeuwse huizen die daar staan, zijn echt niet zo lek als deze film suggereert.

Seniel
De film zit vol ergerlijke anachronismen, van een middeleeuws kasteel (in Bouillon) waarin het Frankische hof huist en dat overduidelijk een ruïne is, Vikingschepen met sloepen, crucifixen met jammerlijk lijdende christussen (de vroegmiddeleeuwse gekruisigde lijdt niet, hij triomfeert en overwint de dood), een Willibrord die wordt voorgesteld als een lichtelijk seniele godsdienstfanaat en een jachtpartijtje aan de Deense kust waarbij een konijn wordt geschoten. Dat konijn had net zo goed een zebra kunnen zijn, want die kwamen rond 700 daar ook niet voor. En Willibrord was in 700 rond de veertig en hoewel we over zijn persoonlijkheid niks weten, was hij in elk geval een geleerd en beschaafd man die meer als diplomaat dan als religieus fanaticus zal hebben geopereerd. Op Catweazle, de eigenzinnige tovenaar uit de gelijknamige Britse tv-serie uit begin jaren zeventig, zal hij zeker niet hebben geleken.

Filmstill, foto uit de besproken film.

Bovendien namen middeleeuwers hun godsdienst wel degelijk serieus, hoe ongelooflijk dat voor ons nu ook mag lijken. Het leven na de dood duurt nu eenmaal langer dan het leven in het hiernumaals en dat werd serieus genomen. Ongeloofwaardig en voor het verhaal onnodig is ook dat de vrouw die Redbad in Denemarken tot de zijne maakt, een christen is. Waar zou ze dat hebben opgelopen, denk je dan als kijker met enig historisch besef.

Bombast
Volstrekt onbegrijpelijk is ook waarom de Friezen in deze film Nederlands spreken en de rest Engels, of wat daarvoor moet doorgaan. En de muziek is van een bombast dat je bijna zou wensen dat het echte Wagner was geweest. Zijn er ook positieve zaken te noemen? Jazeker, de maquette van Dorestat is realistisch en er zitten mooie natuurbeelden in de film. En wie houdt van gehak met zwaarden en bijlen komt volop aan zijn of haar trekken. Dat het op het slagveld voordeliger was om gevangenen te maken dan om te doden, krijgen we niet te zien. Slavenhandel is van alle tijden en treft alle huidskleuren.

Filmstill, foto uit de besproken film.

Waarom dit alles in Brabant Cultureel besproken? Daar zijn twee goede en een minder goede reden voor. De minder goede is dat ik historicus ben en dergelijke onzin op mijn fatsoen trek. De journalistieke reden is dat regisseur Roel Reiné (1970) een geboren Eindhovenaar is – die ook nog eens enige tijd geschiedenis schijnt te hebben gestudeerd – en dat een deel van de opnamen voor deze film plaatsvond in Eindhoven. Als het openluchtmuseum daar door deze film extra bezoekers trekt, is het nog ergens goed voor geweest. Reiné werkt sinds begin deze eeuw in Los Angeles als regisseur voor zowel televisieproducties als speelfilms. Voor Omroep Brabant maakte hij de serie Wolfseinde en in 2015 regisseerde hij Michiel de Ruyter (met ook nogal wat anachronismen). Een film over Willem van Oranje staat op stapel. Ook dat kan erg bloederig worden, of een melodramatische soap met vrouwelijk schoon en politieke achterbaksheid. Neerlands trots op het witte doek, het lijkt niet te lukken.

‘Redbad’, geregisseerd door Roel Reiné is te zien in tal van bioscopen.
www.redbaddefilm.nl

Serieuze informatie over Redbad is te vinden in een tweetal recente boeken:
Sven Meeder & Erik Goosmann, Redbad. Utrecht: Spectrum 2018, 200 pp., ISBN 9789000363476, pb., € 19,99.
www.unieboekspectrum.nl

Luit van der Tuuk, Radbod, koning in twee werelden. Utrecht: Omniboek 2018, 176 pp., ISBN 9789401914239, pb., € 15,00. www.vbku.nl/publishers/omniboek

Het openluchtmuseum PreHistorisch Dorp maakt deel uit van Eindhoven Museum:
www.prehistorischdorp.nl

 

 

 

© Brabant Cultureel 2018