Bevrijding kwam te laat voor katholieke student in het verzet Theo Vogels

De Tilburgse fotograaf Joep Vogels verdiepte zich  in verleden van zijn oom Theo Vogels (1919-1945), die als student in het verzet zat.  En dat met de dood moest bekopen. Neef Joep raakte dusdanig in de ban van het onderwerp dat hij er een heel boek aan wijdde dat hij in eigen beheer uitgaf. ‘De familie is opgelucht nu zij weten wat er met Theo is gebeurd.’

door Joep Eijkens

 

Het vlakbij Groenendael gelegen Maria-kapelletje, gebouwd ter nagedachtenis aan Theo Vogels en Emile Gimbrère. Foto Joep Vogels.

Langs de weg van Hilvarenbeek naar Diessen, vlakbij Kasteel Groenendael, staat een bescheiden kapelletje dat is toegewijd aan Maria, Troosteres der Bedroefden. Het werd in 1945 gebouwd in opdracht van twee daar vlakbij wonende families die beiden een zoon waren kwijtgeraakt. Mr. Emile Alexander Everard Gimbrère stierf op 4 mei 1945, vierentwintig jaar oud, in Tilburg. De vijfentwintigjarige Theo Vogels gaf drie weken eerder de geest in Zuchthaus Siegburg. Onze Lieve Vrouw was altijd zijn grote steun en toeverlaat geweest en meer dan eens had hij tijdens zijn gevangenschap naar huis geschreven dat hij een Mariakapelletje wilde laten oprichten als de oorlog voorbij was.

Gebrandschilderd
Het kapelletje is bepaald niet het enige dat vandaag de dag herinnert aan Theo Vogels. Zo kom je zijn naam onder meer tegen op een oorlogsmonument op de Vrijthof in Hilvarenbeek, op een gebrandschilderd raam in het St. Odulphuslyceum in Tilburg en op een plaquette in het hoofdgebouw van de Tilburgse universiteit. Het was diezelfde universiteit die in 2015 mensen opriep om mee te zoeken naar nog niet eerder vertelde verhalen over studenten en medewerkers van de Katholieke Economische Hogeschool, voorganger van de universiteit, die waren omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het ging om tweeëntwintig mensen en één van hen was Theo Vogels.

Diens neef Joep Vogels voelde zich direct aangesproken. Net gepensioneerd als fotograaf van het Textielmuseum had hij de tijd. En die gebruikte hij ten volle. De levensgeschiedenis van zijn oom kreeg hem zelfs dermate in de greep dat hij besloot er een boek van te maken. En dat boek heeft hij nu uitgegeven. Student in verzet is de titel, gedreven door geloof de ondertitel.

Theo met zijn hondje bij de zilveren bruiloft van zijn ouders in 1942.

Vertrouwen
Voor op het boek staat een foto van Theo Vogels, een knappe jongeman die je, met een ingehouden glimlach lijkt het, echt aankijkt. De foto is vermoedelijk kort na zijn arrestatie gemaakt en is hoogstwaarschijnlijk de laatste die van hem genomen is. In zijn ogen lees je geen angst, eerder juist vertrouwen dat het allemaal goed zal komen dankzij de bescherming van Maria. Het half ontblote bovenlichaam doet hem er nog kwetsbaarder uitzien. Doet hij daarom denken aan een Christusfiguur op een middeleeuws schilderij?

Het boek van Joep Vogels is niet op de laatste plaats interessant vanwege het verrassend grote aantal brieven, foto’s en andere documenten die de auteur bij elkaar heeft weten te brengen. Aan de hand van deze documenten, aangevuld met gegevens uit interviews met nabestaanden, vertelt Vogels zijn verhaal. Het mooie is dat de betreffende stukken niet alleen in facsimile worden getoond, maar bijna allemaal zijn gecombineerd met een transcriptie zodat je de hele tekst gemakkelijk kunt lezen.

Jachtongeluk
Theo Vogels werd op 13 oktober 1919 in Tilburg geboren als zoon van de mededirecteur van een Tilburgse gloeilampenfabriek. Het gezin telde acht kinderen toen het in 1936 verhuisde naar Huize Groenendael, een landhuis of kasteeltje waarvan de voorgeschiedenis teruggaat tot de veertiende eeuw. Mede dankzij een prachtig park, een visvijver en een tennisbaan was het daar heerlijk wonen. Daarvan getuigen diverse foto’s.

Groenendael 1940. De familie heeft slechts enkele foto’s uit die tijd.

Theo had overigens al heel wat voor zijn kiezen gekregen in zijn jonge jaren. Zo had hij als baby kroep (een ernstige keelontsteking), liep hij op zesjarige leeftijd bij een auto-ongeluk een zware hersenschudding op en raakte hij levensgevaarlijk gewond toen hij tijdens het jagen op waterratten een kogel in zijn hartzakje kreeg. Een van de gevolgen daarvan was ‘een etterige pleuritus’ die hem ook later veel pijn zou bezorgen.

Na het halen van zijn HBS-B diploma op het Odulphuslyceum ging hij in 1939 studeren aan de Katholieke Economische Hogeschool in Tilburg. Twee jaar later stopte hij zijn studie om de leiding van de gloeilampenfabriek over te nemen van zijn inmiddels zeventigjarige vader. In 1942 keerde hij weer terug naar de hogeschool, maar niet voor lang, want de opleiding werd in het voorjaar van 1943 gestaakt als reactie op Duitse maatregelen. In heel Nederland werden studenten voor het blok gezet: een loyaliteitsverklaring ondertekenen of werken in de Arbeitseinsatz. Theo kwam in Kamp Ommen terecht, waar studenten gekeurd werden voor de arbeidsinzet. Met behulp van doktersattesten wist zijn vader hem echter weer snel naar huis te krijgen, zodat hij zijn werk als technisch directeur op de gloeilampenfabriek kon hervatten.

In deze Chrysler Royal Saloon van vader vervoerde Theo gestrande piloten.

Chrysler
De familie Vogels bezat een Chrysler Royal Saloon 1937, een mooie, grote auto die vanwege de benzinerantsoenering tijdens de oorlog op houtgas reed. Het moet ergens in april/mei 1943 zijn geweest dat Theo op zekere dag benaderd werd door de Hilvarenbeekse onderwijzer Eugène van der Heijden: Of hij met de auto ene heer Visser en vier metgezellen wilde ophalen van het station in Tilburg en vervolgens naar Esbeek brengen? ‘Toen hij in de gaten kreeg’, lezen we in het boek, ‘dat hij Engelse piloten naar Esbeek had gebracht, sloot hij zich aan bij de verzetsgroep van Smit-Van der Heijden.’ Dit was een van de zogeheten pilotenlijnen die ervoor zorgden dat geallieerde piloten van boven Nederland neergestorte vliegtuigen veilig en wel over de Belgische grens werden geholpen om onder meer via Frankrijk en Spanje weer thuis te komen.

Met hulp van talloze onbekende Nederlanders en Belgen wist de Hilvarenbeekse verzetsgroep tachtig gevluchte Franse krijgsgevangenen, veertig geallieerde vliegers, honderdvijftig joodse Nederlanders en twintig andere Nederlanders te helpen ontsnappen. Maar op 15 november 1943 sloeg het noodlot toe. Joep Vogels beschrijft gedetailleerd hoe dat, voor zover bekend uit eerdere publicaties, in zijn werk ging. Binnen een week werden bijna alle leden van de verzetsgroep opgepakt. Alleen de leiders wisten tijdig onder te duiken.

Voor Theo Vogels begon de lijdensweg op 20 november 1943, een maand na zijn vierentwintigste verjaardag. Hij werd in Tilburg gearresteerd en de volgende dag overgebracht naar de Kriegswehrmachtgefängnis in Antwerpen. Al in de eerste brief die hij vanuit de gevangenis schrijft, heeft hij het over de steun die hij van Maria ondervindt: ‘O.L.V helpt mij op een bijzondere wijze en iedere keer als er iets gaat gebeuren roep ik haar bijzonder aan en ze heeft me nog altijd geholpen met alles. Ik heb haar, wanneer ik weer thuis kom, een kapelleke beloofd vooraan bij de laan.’

Begin 1944 wordt Theo, waarschijnlijk met andere leden van de groep, overgebracht naar Brussel waar hij op 9 februari van dat jaar ter dood wordt veroordeeld. Een maand later volgt transport naar Duitsland waar hij terecht komt in Zuchthaus Bruchsal. ‘Hoogstwaarschijnlijk heeft Theo daar voortdurend geketend gezeten en werd het eten gewoon naar binnen gegooid’, schrijft Joep Vogels in zijn boek.

Joep Vogels gaf het boek in eigen beheer uit. Foto Joep Eijkens.

Leopold III
Vader Vogels heeft met behulp van diverse Nederlandse en Duitse advocaten geprobeerd om gratie of strafvermindering te krijgen voor zijn zoon. Via de Tilburgse burgemeester Van de Mortel wist hij zelfs een smeekbrief onder de aandacht van de Belgische koning Leopold III te brengen. Of het daaraan te danken is of niet, op 5 juni 1944 (een dag vóór D-Day!) kreeg de familie Vogels te horen dat het doodvonnis was omgezet in tien jaar Zuchthaus. Maar waar was Theo eigenlijk?

Geheel volgens de Nacht und Nebel-aanpak van de Nazi’s werd de verblijfplaats van politieke gevangenen niet bekend gemaakt, als waren ze al van het aardoppervlak verdwenen. In juli 1944 ontving vader Vogels een definitieve afwijzing van zijn verzoek om in contact te komen met zijn zoon. Kort erna verhuisde Theo naar Zuchthaus Rheinbach. Het leven in zo’n tuchthuis was zwaar, geeft Joep Vogels in zijn boek aan, zeker voor iemand als Theo met zijn zwakke gezondheid. Hij wijst daarbij onder meer op de dwangarbeid voor de oorlogsindustrie, het slechte eten, de gebrekkige hygiëne en het ontbreken van medische zorg.

Tyfusepidemie
In februari 1945 werd Theo Vogels overgeplaatst naar Zuchthaus Siegburg. Het is wrang om te lezen dat zijn broer Harrie niet lang daarna, medio maart, als tolk van de Amerikaanse troepen vlakbij Siegburg verbleef, niet wetend dat zijn broer in het plaatselijke tuchthuis gevangen zat. Inmiddels was daar een (vlek)tyfusepidemie uitgebroken en ook Theo raakte besmet. De redding leek niettemin nabij. Op 10 april 1945 werd de stad aan de Sieg bevrijd door de Amerikanen. Maar de hele tuchthuisbevolking moest voor zes weken in quarantaine.

Het duurde niet lang of de familie Vogels kreeg via via te horen dat Theo bevrijd was. ‘Hij is op weg naar huis’, wist Het Nieuwsblad van het Zuiden op 8 mei 1945 te melden. Maar helaas, er werd te vroeg gejuicht. Van de tweeduizend gevangenen uit het tuchthuis waren er 1100 met (vlek)tyfus besmet. Vierhonderd daarvan overleden, onder wie 83 Nederlanders. En Theo Vogels was één van hen. Op 24 april 1945 gaf hij de geest.

Joep Vogels heeft in zijn boek diverse pagina’s gevuld met condoleances en andere betuigingen van deelname. Daar zit ook een certificaat bij waarin generaal Dwight D. Eisenhower namens de president van de Verenigde Staten en de Amerikaanse bevolking Theo Vogels bedankt voor zijn inzet bij het helpen ontsnappen van geallieerde soldaten. Theo Vogels werd begraven in Siegburg, maar dat was niet zijn laatste rustplaats. Op 18 mei 1951 werd hij als laatste uit Duitsland afkomstig Nederlands oorlogsslachtoffer herbegraven op het Nationale Ereveld in Loenen.

Plakboek
Voor het schrijven en samenstellen van zijn boek kon Joep Vogels beschikken over een schat aan documenten. Tijdens een interview laat hij de originelen graag zien. Op de eerste plaats is daar een uniek Gedenkboek, een soort luxe plakboek vol met potlood geschreven brieven van Theo, foto’s, vergeelde krantenknipsels en andere stukken. “Ik weet niet wie dit gedenkboek gemaakt heeft”, zegt Vogels. “Ik wist zelfs niet dat het bestond. Daar kwam ik pas achter toen ik al een paar maanden bezig was met mijn onderzoek. Het bleek bij een nichtje in Den Haag te liggen, een dochter van een halfbroer van Theo. Wat er mee gaat gebeuren, weet ik niet, maar het liefst zou ik willen dat het naar het NIOD in Amsterdam gaat.”

Theo op de tennisbaan van Groenendael, ca 1940.

Een groot deel van de documenten in het Gedenkboek heeft hij als het ware overgeplant in zijn eigen boek. Maar hij kon daarnaast nog putten uit een andere, ook weer unieke bron, het ‘dagboek’ dat zijn moeder – dochter van de Tilburgse textielfabrikant Constant Verschuuren – bijhield tussen 1936 en 1946. Het gaat daarbij om zeven behangstockboeken die Marie-Angèle Verschuuren voornamelijk vulde met krantenknipsels, foto’s en andere documenten uit de genoemde periode.

Het lijkt er sterk op dat Joep Vogels zijn grote interesse in de geschiedenis, met name die van de Tweede Wereldoorlog, van zijn moeder heeft geërfd. Die indruk wordt nog versterkt als hij een omvangrijk plakboek laat zien waarin zijn moeder een bonte verzameling heeft bijeengebracht: van geldbiljetten tot militaire insignes, van spotprenten tot verzetsbladen. Opmerkelijk genoeg zitten er ook brieven van nazi’s bij. Vogels: “Hoe ze daar aan is gekomen zou ik niet weten, ze vertelde me dat ze het materiaal overal vandaan snaaide. Haar familie was zo anti-Duits dat de oorspronkelijke naam Verschuuren-Goethe veranderd werd in Verschuuren-Goette om geen Duitse eu-klank te hebben – daarbij de afkomst van de beroemde dichter Goethe verzakend. Mijn moeder had overigens oorspronkelijk veel meer materiaal, maar helaas hebben mijn zwagers veel weggegooid na haar overlijden.”

Graf van Theo met rozenkrans op gevangenisterrein van Siegburg, augustus 1945. Foto Harrie Vogels.

Verraad
Eén van de vragen die na lezing van zijn boek blijft hangen, betreft de omstandigheden waaronder de verzetsgroep Smit-Van der Heijden is opgerold. Vogels geeft aan dat er volgens sommige bronnen sprake zou zijn van verraad. “Persoonlijk denk ik dat dit niet het geval was”, zegt hij desgevraagd. “Ik denk dat de Duitsers meer wisten over de groep dan men in de gaten had. Er is overigens wel iemand bezig met onderzoek naar deze kwestie.”

Vogels heeft zijn boek in eigen beheer uitgegeven in een oplage van tweehonderd exemplaren. De uitgave wordt mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van het Boekenschop, een Tilburgse winkel die tweedehands boeken verkoopt en alle inkomsten schenkt aan allerlei goede doelen in de regio. “Naast een aantal particulieren hebben ook Tilburg University, Odulphuslyceum en de gemeente Hilvarenbeek bijgedragen.”

Hij zou het liefst het boek hebben willen presenteren in Huize Groenendael. “Maar daar zit nu een kliniek voor jongeren met verslavingsproblemen en gedragsstoornissen.” In plaats daarvan is gekozen voor de Tilburgse Universiteit. Het zou mooi zijn als daarbij ook een stukje van de amateurfilm wordt vertoond die in de winter van 1939/1940 is gemaakt op het landgoed Groenendael. Vogels: “Er waren toen Nederlandse militairen gelegerd die je in een sneeuwballengevecht ziet met dienstbodes van de familie. Ook is er een fragment waarop je Theo met zijn hondje ziet lopen, het hondje waarover hij een paar keer schreef in zijn brieven vanuit de gevangenis.”

Aan het einde van het gesprek vertelt Vogels dat hij dankzij zijn onderzoek weer contact heeft gekregen met diverse uit het oog geraakte familieleden. “De familie is opgelucht nu ze weten wat er met Theo is gebeurd. Het heeft de familie bij elkaar gebracht.” En hij besluit: “Theo was geen verzetsleider maar een gewone jongen die weigerde de loyaliteitsverklaring te tekenen, een jongen die door toeval in het verzet is gekomen en daar hand- en spandiensten voor heeft verricht.”

De voorkant van het boek.

Joep Vogels, Student in verzet. Gedreven door geloof. Uitgave in eigen beheer, 2017, € 22,00. Te koop bij de boekhandels Gianotten-Mutsaers en Livius de Zevensprong in Tilburg en Swaanen in Hilvarenbeek.

© Brabant Cultureel 2017