Column: Engels

door Rinus van der Heijden

Het Meertens Instituut, de Taalunie en de Universiteit Gent presenteerden onlangs het rapport De staat van het Nederlands. Een van de belangrijkste conclusies daarin is dat de Engelse taal zich slechts in enkele sectoren van de Nederlandse samenleving aandient. Mag deze columnist dat met vuur en zwaard bestrijden?

Onze taal bezwijkt helemaal niet onder Engels, zo vatten de onderzoekers hun rapport samen. Het Nederlands wordt nauwelijks daadwerkelijk bedreigd, concluderen zij. ‘Het Nederlands is dus een zeer vitale taal met uitstekende overlevingskansen voor de toekomst’, schrijven de onderzoekers. Aan het onderzoek werkten 3.003 Nederlanders, 3.419 Vlamingen, 133 Friezen en 113 Brusselaars mee.

Dat de Nederlandse taal niet zal uitsterven is een open deur, maar dat de opmars van het Engels onze taal zwaar ondermijnt, is een duidelijke zaak. De gevolgtrekking van De staat van het Nederlands, dat het Engels zich slechts in enkele sectoren van de samenleving samenbalt, is op zijn minst voorbarig. Het Engels rukt op in zowel het geschreven als het gesproken woord en niet slechts ‘in enkele sectoren’. Vaktaal is vanouds al doordrenkt van Engelse woorden, muzikale omgevingen zijn dat ook. Maar het valt toch niet te loochenen dat in allerlei geledingen van de samenleving het Engels te pas, maar vooral heel erg te onpas wordt gebruikt.

Deze schrijver ergert zich al jaren aan die opmars. Los van het onderzoek De staat van het Nederlands nam hij zich al eerder voor om een week lang kranten bij te houden en het Engels daarin te turven. Het resultaat is ontstellend. Hieronder de oogst van een week Brabants Dagblad en NRC/Handelsblad doorkijken en lezen. Ga vooral alle genoteerde Engelse woorden en uitdrukkingen niet lezen, het gaat in eerste instantie om de hoeveelheid Engelse pulp die het Nederlands is binnengeslopen. En dit nog dagelijks doet.

Flagshipstores / suïcide / trolley / handsfree / smart home charger / warm-white / new energy matras / cargo / cash / cashen / import en trading / kids / sale / repair café / logistics / promotional copy / release / tracks / smart / event / pitch / trendy / provider / relax / gadgets / tickets / live-event / booming / corner / mancave / retro / charts aanvoeren / crew / no-time / state of the art / beat / drive / setting / whiteboard / start-up / slipstream / webshop / copycat / targets / fake news / conference / store / outdoor / home / wellness / chillen/ in the picture / pilot / commitment / catchy / comfort zone / flabbergasted / line-up / tool / break / first in line / feature / reminder / gamechanger / undercover / time lapse / member / community / snacks / screenen / airfryer / clashen / devices / fashion statement / eyecatcher / mindset / boost / style / pop-up store / customer service / supply chair / bike / bike wear / skills / pressure / roomdivider / staredown / display / maidenspeech / challenge / airlines / security / chick / impact / fueled account / backpacking / free ride / coat / co-author / coffeebar / pooltable /play-off / lifestyle / seat /nightclub / lost generation / afterglow / roadie / backing vocals /shabby /shit happens / trendy / toy / workout / default-mode network / challenger / unlimited / benchmark / …

Ja, wat u zegt: allemaal uit twee kranten gehaald. In één week tijd. En de krant mag je tegenwoordig toch het simpelste bindmiddel vinden tussen mensen onderling. Waarmee gezegd wil zijn dat in vakliteratuur, lectuur voor jongeren en taal die over techniek handelt, de oogst nog veel en veel groter zal zijn.

Het begon ooit met op de winkelruiten geplakte stroken: ‘Sale’. Voorheen stond daar altijd ‘Opruiming’. Wat zou daar mis mee zijn? Nadien kondigden ‘kids’ zich aan. Als je dat woord uitspreekt zoals Nederlanders dat doen, betekent het Noord-Brabant iets heel anders, maar met ‘kids’ worden kinderen bedoeld. En opnieuw: wat is er in hemelsnaam mis met kinderen? Nadien kwam de stroom pas echt op gang: ‘cash’ voor contant, ‘tickets’ voor kaartjes, ‘cargo’ voor vracht, ‘screenen’ voor doorlichten of testen, ‘monitoren’ voor volgen of bewaken, ‘cast’ voor rolbezetting, ‘roadtest’ voor rijtest, ‘reminder’ voor herinnering; afijn u en ik kunnen de lijst zo lang maken als we zelf willen.

Als je er op let gaat de opmars van het Engels binnen de Nederlandse taal supersnel. Naar het lijkt veel sneller dan de onderzoekers van De staat van het Nederlands lijken te hebben beseft. Of hebben zij naar de opmars van het Engels en de daarmee samenhangende hoeveelheid woorden geen onderzoek gedaan? Je zou het haast zeggen. En hebben zij ook niet gekeken naar de verbastering die het Engels in onze taal aanbrengt? Al van oudsher kennen wij in het Nederlands de vergrotende en overtreffende trap: mooi, mooier, mooist. Hand over hand neemt de Engelse variant ‘most’ toe. Voorbeeld: ‘most beautiful’. Dat wordt dan in het Nederlands: meest mooie. En: meest prachtige, meest beroemde, meest aangrijpende, ga zo maar door. Niet alleen in de geschreven, maar veel meer nog in de gesproken taal.

De opkomst van al die Engelse woorden en uitdrukkingen – wat dacht u van deze: ‘fashion statement’ – is niet te stuiten. Zonder te overdrijven mag je dat een gebrek aan respect voor de eigen taal noemen. Dit pleidooi om in elk geval te proberen de Engelse colonne enigszins te stoppen lijkt dan ook boter aan de galg gesmeerd. Temeer daar het o zo interessant klinkt om zo langs neus en lippen op te merken dat ‘research en development’ in elk geval hebben geleid tot ‘return on investment’, waardoor de ‘retailer’ met slechts geringe ‘restyling’ zich een ‘rip-deal’ van het lijf kon houden. Ja hoor, echt gelezen in een krant.

De jeugd, altijd op zoek naar nieuwe zaken, is tuk op het gebruik van Engelse woorden. Zij zullen dan ook zeker voor een deel worden opgenomen in het dagelijks taalgebruik. Voor wie daar, net als deze schrijver, van gruwt heeft Genootschap Onze Taal twee jaar geleden een fantastisch boekje uitgebracht: Op-en-Top Nederlands, woordenlijst overbodig Engels. Samengesteld door Frans Bakker, Paul Uljé en Dick van Zijderveld. Het 179 pagina’s tellende boek bevat zevenduizend Engelse leenwoorden met bijna 16.000 Nederlandse vervangers. Wie het boek ter hand neemt, zal rap verbijsterd zijn door de vele mogelijkheden die er zijn om tegen de stortvloed aan Engelse woorden een dam op te werpen. En wie dan de smaak te pakken heeft, kan gaan grasduinen op de webstek www.op-en-top-nederlands.nl voor nuttige tips.

Misschien dat we dan in real-time kunnen gaan werken aan de rebirth van our own language. Pardon. We bedoelen natuurlijk: misschien dat we dan direct kunnen gaan werken aan de wedergeboorte van onze eigen taal. Dat had ook Sandra Wagemakers kunnen doen, die op 9 juni 2017 haar proefschrift verdedigt aan Tilburg University – heette dat onderkomen ooit niet Universiteit van Tilburg? Wagemakers’ proefschrift gaat over hoe we ons met de provincie Noord-Brabant identificeren en hoe dat tot uiting komt in ons dagelijks leven. Kan interessant zijn. Maar de titel van het proefschrift laat je dan weer volledig afknappen: Brabant Is Here, Making Sense of Regional Identification. Doe eens normaal, zeg.

 

Geïnspireerd door de woorden van Rinus van der Heijden liep fotograaf Piet den Blanken van het station in Breda via het Valkenbergpark naar de Grote Markt en terug. Tijdens die wandeling van slechts een half uurtje kwam hij deze stortvloed aan Engelse teksten tegen, in slechts een paar straten van de Brabantse provinciestad.  Klik op de afbeeldingen en lees mee.

© Brabant Cultureel – 2017