Column: Koningsdag 2017

door JACE van de Ven beeld Joep Eijkens

Koningsdag, 27 april, wordt dit jaar 2017 gevierd in Tilburg. Of all places, zullen veel niet-Tilburgers denken. Want samen met Almelo en Oss is Tilburg in de landelijke media de risee, plek waar niets van belang kan gebeuren.

Nou vind ik persoonlijk Koningsdag niet van belang, maar er zijn er miljoenen in Nederland die daar anders over denken. Van regelrechte Oranjeklanten tot Privélezers, en doctor Ton Rombouts natuurlijk, de burgemeester van Den Bosch die niet liever doet dan buigen en knikken en vergenoegd naar een niet vergenoegde menigte zwaaien.

Landelijk was Koningsdag al even in het nieuws omdat de route die Willem-Alexander en Maxima in Tilburg zouden volgen uitgelekt zou zijn. Dat zou dan weer voer voor aanslagplegers zijn. Grote consternatie – de stennismakers hebben de wind mee tegenwoordig – alsof een echte terrorist niet zelf zou kunnen bedenken waar koning en koningin zeker zullen passeren.

Een tweede heikel punt was het nieuws dat het evenement Koningsdag in Tilburg door een Bosch evenementenbureau georganiseerd wordt. “Alsof wij dat zelf niet kunnen”, riepen de kruikenzeikers. Maar er bleek niemand van hen ingeschreven te hebben voor de organisatie, antwoordde de gemeente die de toezegging, zoals te doen gebruikelijk, allang onderhands geregeld zal hebben.

Wat maakt het uit wie zo’n feestje regelt? zult u denken. Er zal toch vast een rapper een onverstaanbare tekst mogen rampetampen en wat Nederlanders met een migratieachtergrond zullen met Alexander en Maxima mogen glimlachen naar een koninklijke vlogger. Want zo gaat dat als een koekhapspektakel ge-upgraded wordt. Daar heb je geen evenementenbureau voor nodig.

En toch is het niet goed dat Den Bosch een koninklijk bezoek aan Tilburg vormgeeft. Dat komt omdat ze dat mogelijk on-Tilburgs aanpakken. Bosschenaren voelen zich één met regenten, en Tilburgers met het klootjesvolk. Tilburgers kennen het koningshuis alleen van een negentiende-eeuwse koning die in hun woonplaats kwam passagieren, omdat zijn doen en laten in Den Haag teveel in het oog liep. Zij zien de Oranjes als anderen. Bosschenaren, zich graag wentelend in zelfgenoegzaamheid, beschouwen het koningshuis als oude vrienden.

De Oranjes zijn, net als ene Jeroen van Aken die ooit in Den Bosch woonde, lid van de Illustere Lieve Vrouwen Broederschap, een bijna te achtenswaardige club van 36 leden uit de elite die nog steeds bestaat en zegt op te komen voor wat zij zien als ons cultureel erfgoed. Om de zoveel tijd komen zij in het Zwanenbroedershuis in Den Bosch bij elkaar en dan staat doctor Ton Rombouts, burgemeester van Den Bosch, hen als een knipmes met Colgateglimlach te ontvangen. Als de leden Beatrix van Nassau en Willem-Alexander van Buuren uit hun limo stappen, klapt hij extra dubbel en doet het naar de omstanders toe voorkomen alsof deze twee leden van de hoge adel huisvrienden van hem zijn. Want belangrijk zijn is heel belangrijk in Den Bosch. In Tilburg wil juist niemand belangrijk zijn.

Tilburgers zeggen dat ze ‘de schónste stad vant laand’ hebben en rekken dat ‘laaaand’ extra lang om aan te geven dat ze het zelf ook niet geloven. Ooit zei ik voor de aardigheid tegen enkele Bosschenaren dat Den Bosch mij ‘de schónste stad vant laand’ leek. Waarna de conversatie even stokte, iedereen mij aankeek en vervolgens gelukzalig knikte. Zonder enige terughoudendheid vonden zij dat ook.

Nu is Den Bosch qua uiterlijke verschijningsvorm mooier dan Tilburg. Het hoorde na de inname door Frederik Hendrik – over hem moesten we op school leren dat hij de stedendwinger werd genoemd, maar op het Brabantse platteland heette hij in vroeger eeuwen Heintje de Brandstichter – officieus een beetje bij de Zeven Provinciën. De Hollandse regenten die er woonden hadden geld (via de Zilvervloot van de Spanjaarden gejat. die het weer in hun koloniën hadden gejat, maar dat terzijde) waarmee ze de hertogelijke stad verder konden uitbouwen. Met resultaat.

In Tilburg daarentegen ligt de schoonheid, zo die er al is, verstopt als in een Kalamata olijf: zwart en bitter, maar vol van smaak daar achteraan. Tilburgers hebben geen air, geen kapsones, geen streken en lijken hun gebreken te koesteren. Een rare, maar sympathieke eigenschap, Bosschenaren vreemd.

Het ligt voor de hand dat een Bossche organisatie op Koningsdag deze typische karaktertrek niet zal uitdragen. Naar Willem en Max toe is dat niet zo erg, maar heel Nederland kijkt mee en krijgt mogelijk een te pompeus beeld van ‘het grootste dorp der Majorij’, terwijl Tilburgs kracht verpakt zit in eenvoud.

Dus zou Den Bosch Tilburg niet moeten presenteren op Koningsdag. En als de voorgaande argumenten u niet overtuigd hebben, zie dan het angstbeeld voor u van doctor Ton Rombouts die mee naar Tilburg zal komen. Die laat zich een extra kans om te knipmessen voor en te zwaaien en te glunderen met de Oranjes niet ontgaan. Denkt Nederland straks nog dat die pias bij Tilburg hoort.

 

 

© Brabant Cultureel – februari 2017